nederlands.nl
Gebruikersnaam of e-mail:  Wachtwoord:    Registreren
















Categorieën:

actualiteit (4)
afscheid (4)
algemeen (4)
bedankt (3)
dieren (8)
discriminatie (5)
drank (5)
economie (1)
eenzaamheid (15)
emoties (25)
ex-liefde (2)
familie (2)
feest (2)
film (1)
filosofie (3)
fotografie (3)
geld (3)
geschiedenis (27)
heelal (1)
hobby (5)
humor (4)
idool (2)
individu (26)
internet (5)
kerstmis (1)
kinderen (9)
koningshuis (1)
kunst (1)
lichaam (2)
liefde (24)
literatuur (4)
maatschappij (10)
mannen (14)
milieu (1)
misdaad (18)
moraal (1)
muziek (6)
natuur (3)
ouderen (2)
ouders (9)
overig (2)
overlijden (3)
pesten (1)
psychologie (16)
rampen (4)
reizen (4)
schilderkunst (1)
school (15)
sms (1)
spijt (1)
sport (3)
taal (1)
tijd (3)
vakantie (8)
verdriet (5)
verhuizen (2)
verjaardag (7)
voedsel (5)
vriendschap (15)
vrijheid (1)
vrouwen (6)
welzijn (12)
wereld (1)
werk (5)
woede (3)
woonoord (3)
ziekte (18)


gedichten.nl


Garnier Projects





tabblad: autobiografieen

< vorige | alles | volgende >

autobiografie (nr. 189):

Hij ging een dag uit vissen.

38

Meester, mijn vader, ging wel eens de zee in met een sleepnet om garnalen en platvis te vangen. Hij liep dan tot aan zín borst het water in en trok dat sleepnet achter zich aan. Meer mannen op het eiland deden dat.
Die keer dat ik mee ging wapperde op het strand een rode vlag. Dat betekent hoge golven, harde wind, sterke stroming en te gevaarlijk om de zee in te gaan.
Meester negeerde dat. Regels waren er voor anderen, niet voor hem.

Toen we de zee in liepen voelde ik meteen de sterke stroming. Na iedere golf voelde ik hoe het zand onder mijn voeten verdween. Ik pakte mijn vaders arm stevig beet en hield me heel goed vast.
Eerst vond ik het nog wel spannend. Zo veel aandacht had hij meestal niet voor mij en nu mocht ik zo maar mee. Vissen met het sleepnet. Stoer!
Meester liep verder de zee in. Zo ver dat ik de bodem niet meer kon voelen. Door de hoge golven had ik moeite mijn hoofd boven water te houden. Met beide handen hield ik me angstig aan hem vast. Aan de stomp van zín geamputeerde arm, waarmee hij mij niet kon vasthouden. Met zijn rechterhand hield hij het sleepnet vast.

De golven sloegen over me heen. Krampachtig klemde ik me aan mijn vader vast. Ik was doodsbang. Het lukte niet om iets te zeggen. Iedere keer als ik mijn mond open deed, kreeg ik een slok zeewater binnen.

Na een tijdje voelde ik weer zand onder mijn voeten. Met alle kracht die ik had, trotseerde ik de golven en de stroming en worstelde me richting het strand.

Toen ik opgelucht en misselijk van het zoute zeewater op het strand zat bij te komen, zag ik een man in een grote groene waadbroek naar me kijken. Hij liep op mijn vader af. Door de wind en de golven kon ik niet horen wat hij zei, maar ik kon wel zien dat hij boos was. Meester stond te lachen.

De gedachte dat mijn vader zojuist mijn leven in gevaar had gebracht kwam niet in me op. Die gedachte was onverdraaglijk en ondenkbaar. In plaats daarvan gaf ik mezelf de schuld.
Ik had geen keus. Ik was een kind. Hij was mijn vader en ik woonde bij hem in huis. Waar kon ik heen? Wat moest ik doen? Aan wie kon ik het vertellen? Aan die man in die groene waadbroek? Ik had niet eens de woorden om het te vertellen.
Nee. Ik was een slappeling, niet stoer genoeg en een teleurstelling voor Meester.
Mezelf de schuld geven was een stuk minder angstaanjagend.

schrijver

Schrijver: Lone Wills, 21-06-2016


Geplaatst in de categorie: misdaad

Deze inzending is 173 keer bekeken

4/5 sterren met 8 stemmen.


Print   |   E-kaart   |  







Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

Naam:       E-mail:  

Bericht:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)









vragen  |   links  |   zoek  |   contact  |   disclaimer  |   inhoud  |   rijmwoordenboek  |   gedichten.nl