nederlands.nl
Gebruikersnaam of e-mail:  Wachtwoord:    Registreren
















Top-5 beschouwingen:

1.
2.
3.
4.
5.


Categorieën:

actualiteit (93)
adel (1)
afscheid (3)
algemeen (19)
bedankt (3)
dieren (8)
discriminatie (8)
drank (6)
economie (11)
eenzaamheid (13)
emoties (16)
erotiek (2)
ex-liefde (1)
familie (8)
feest (6)
film (16)
filosofie (114)
fotografie (6)
geld (5)
geschiedenis (7)
geweld (3)
haiku (1)
heelal (22)
hobby (3)
humor (23)
huwelijk (1)
idool (943)
individu (4)
internet (5)
jaargetijden (6)
kerstmis (8)
kinderen (19)
koningshuis (6)
kunst (37)
landschap (3)
lichaam (3)
liefde (32)
literatuur (495)
maatschappij (70)
mannen (2)
milieu (7)
misdaad (15)
moraal (18)
muziek (411)
natuur (19)
oorlog (15)
ouders (1)
overig (11)
overlijden (20)
partner (2)
pesten (4)
politiek (43)
psychologie (46)
rampen (5)
reizen (12)
religie (118)
schilderkunst (76)
school (5)
sinterklaas (4)
sms (1)
snelsonnet (1)
spijt (2)
sport (15)
taal (20)
tijd (26)
toneel (3)
vakantie (5)
verdriet (6)
verhuizen (1)
verkeer (6)
voedsel (3)
vrijheid (17)
vrouwen (10)
welzijn (13)
wereld (17)
werk (12)
wetenschap (25)
woede (4)
woonoord (5)
ziekte (31)


gedichten.nl


Garnier Projects





tabblad: beschouwingen

< vorige | alles | volgende >

beschouwing (nr. 63):

De Bij

Herkent U dat? Het gevoel dat je zo af en toe kan bekruipen, dat je nog iets met iemand hebt goed te maken, dat je zaken achteraf wilt kunnen rechtzetten? Niet dat zoiets aan je vreet of dat het je voortdurend bezighoudt; je hebt er zeker geen slapeloze nachten van. Strikt genomen is het niet eens gewetenswroeging… maar toch.

Hij was groot, erg groot met zijn lengte van ietsje meer dan twee meter. Hij was mager, erg mager, bijna vel over been. Hij was altijd onberispelijk gekleed en die kleding zat veel te ruim om zijn skeletachtige lichaam. Zijn langwerpig ovale hoofd, dat altijd vijf tot tien graden schuin op zijn romp stond, was sterk gerimpeld en ingevallen; zijn schedel was zo kaal als een biljartbal. Je zou verwachten, dat er een grote haviksneus en dunne lippen op het gelaat zouden zitten, maar deze waren van normale proporties. Zijn ogen, die net iets te diep in de oogkassen zaten, hadden altijd een zachtmoedige uitstraling. Dat was hij, ten voeten uit: onze docent biologie op de middelbare school in de jaren ’46-’49, tot aan zijn pensioen… De Bij, kortweg ''BIJ'' genoemd. Als hij nog zou leven zou hij nu ongeveer 124 jaar oud zijn geweest.

Onze school beschikte toen, de directeur niet meegeteld, over negen leerkrachten, waarvan er twee de titel van docent hadden. Zij hadden allen het volgende met elkaar gemeen: zij waren ruim boven de vijftig jaar (de nieuwe lichting was nog niet klaar met de studie), zij waren zeer autoritair, streng met weinig tolerantie en hadden losse handjes. Zij eisten respect, discipline en te allen tijde volledige aandacht tijdens de les. Dat alles was blijkbaar ook hard nodig, want wij waren toen een stelletje ongeregeld en probeerden de onderwijskrachten op alles uit om een zwakke plek te ontdekken. Thuis kregen wij daarvoor de kans niet - onze ouders waren super streng maar rechtvaardig. Wat hadden wij met ''BIJ'' toch een lot uit de loterij gekregen, dachten we.

Zijn manier van lesgeven was niet van díé tijd, eerder de tijd ver vooruit. Hij was nooit razend boos, tierde niet en gaf geen strafwerk. Het leek, dat bij hem alles kon en mocht en als hij het dan toch eens een keer te bont vond, dat sloot hij een boosdoener gewoon enkele minuten in een garderobekast op. Een lesuur begon, uiterst voorspelbaar, volgens een vast patroon met een soort rollenspel. Aan de deur van het klaslokaal stond altijd de klassenoudste die de nadering van de leerkracht aankondigde. Hij riep dan: ''komt-ie… ''BIJ…''. De aangekondigde schreed waardig het klaslokaal binnen, stapte het podium op en ging achter zijn katheder staan. Zo leek hij een standbeeld, hoog boven ons verheven, met zijn magere handen die zijn kaal gesleten aktetas omklemden en zijn ovale hoofd iets schuin. Soms schommelde het vervaarlijk en leek van de romp te vallen.

Wij werden geacht bij de binnenkomst van iedere leerkracht even naast onze banken te gaan staan, een vereiste, die wij meer als ritueel verrichtten dan als uiting van respect. - Na een korte pauze kwam dan het handgebaar, dat wij weer mochten gaan zitten, hetgeen niet in actie resulteerde, want niemand was opgestaan. ''BIJ'' scheen dit nooit te willen opmerken… ''Jongen'', sprak hij, gelijktijdig de persoon aanwijzend (namen bleek hij, ook na drie jaar, nooit te kunnen onthouden). ''Neen, niet jij… ja jij! Ga eens op de bank staan. Goed zo, steek nu beide handen in de hoogte… kijk jongens, zo groot is nou een olifant. De inheemse stammen in Afrika jaagden erop met een geer, een soort speer met een stenen punt eraan. Jij daar jongen, hier heb je de aanwijsstok. Pak hem vast als een speer en maak er een werpbeweging mee. NIET echt werpen, hoor je?'' - Wij gierden het uit van het lachen, dat was nog eens een leuke manier van lol trappen. Bij een andere les moest de hele klas hardop zoemen, hetgeen wij vol overgave deden. ''Zo klinkt het in een bijenkorf'', was het onthutsend verhelderende antwoord. De eerstvolgende lessen zoemde de klas al bij zijn nadering. - Het was natuurlijk niet drie jaar lang feest. ''BIJ'' wist ons ook te boeien met zijn prachtige collectie foto’s van planten en dieren, zijn verzameling opgezette insecten en het vertonen van films. Hij leerde ons o.a. in lessen buiten het lokaal, dat zuring eetbaar was, evenals brandnetel en de steel met de zaadbolletjes van de ruige weegbree.

Het spreekt vanzelf, dat wij ''BIJ'' na zijn pensionering ontzettend misten (én onze vrijheid), want al met al had hij voor ons toch op zijn manier menige geheimen van de natuur blootgelegd. Zijn opvolger, die een bloemennaam had en meteen ''Bloem'' werd genoemd, bracht ons meteen weer terug naar de normale gang van zaken. ''Jongens, ik zeg het slechts één keer: Ik ben één meter zesennegentig, heb handschoenenmaat 14 en als ik daarmee iets raak, dan groeit daar beslist niets meer.'' We waren gewaarschuwd en van hem leerden we latijnse termen als thorax, colon, pancreas en daardoor voelden wij ons meteen als artsen in opleiding.

Over de bloemetjes en de bijtjes wilden noch ''BIJ'' noch ''Bloem'' ons wijzer maken. ''De mens is geen hermafrodiet en jullie ouders zullen jullie nog tijdig daarover onderrichten'', en daarmee was de kous af.

Met spijt, dat ook ík onze docent biologie ''BIJ'' het leven zuur heb gemaakt, zie ik nu, vanuit de optiek van een volwassene, dankbaar erop terug, dat hij ons desondanks naar beste vermogen heeft onderricht. Ik betuig hem postuum alsnog dat respect, dat hem toen wellicht een nog blijer mens had kunnen maken.

Tot een volgende keer.

schrijver

Schrijver: Günter Schulz, 15-02-2007

agschulzatziggo.nl


Geplaatst in de categorie: spijt

Deze inzending is 2438 keer bekeken

4/5 sterren met 20 stemmen.


Print   |   E-kaart   |  







Er zijn 3 reacties op deze inzending:

Naam:Thera Heemskerk
Datum:25-06-2008
Emailadres:thera.heemskerkatversatel.nl
Bericht:Ik kwam je toevallig tegen, en heb een aantal van je verhalen gelezen. Ik heb genoten, vooral van 'Bij!' Ik ben er nu nog trotser op dat je reageerde op een stukje van mij.



Naam:Iris Van de Casteele
Datum:21-03-2007
Bericht:Ja, ik ken dat gevoel... het komt vooral opzetten wanneer het te laat of bijna te laat is.
Je bent een uitstekend verteller, Günther.
Dankjewel.



Naam:T.L.van IJzendoorn
Datum:16-02-2007
Bericht:Of ik mij zelf in de schoolbank zie zitten.




Geef je reactie op deze inzending:

Naam:       E-mail:  

Bericht:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)









vragen  |   links  |   zoek  |   contact  |   disclaimer  |   inhoud  |   rijmwoordenboek  |   gedichten.nl