nederlands.nl
Gebruikersnaam of e-mail:  Wachtwoord:    Registreren
















Top-5 beschouwingen:

1.
2.
3.
4.
5.


Categorieën:

actualiteit (93)
adel (1)
afscheid (3)
algemeen (19)
bedankt (3)
dieren (8)
discriminatie (8)
drank (6)
economie (11)
eenzaamheid (13)
emoties (16)
erotiek (2)
ex-liefde (1)
familie (8)
feest (6)
film (16)
filosofie (114)
fotografie (6)
geld (5)
geschiedenis (7)
geweld (3)
haiku (1)
heelal (22)
hobby (3)
humor (23)
huwelijk (1)
idool (941)
individu (4)
internet (5)
jaargetijden (6)
kerstmis (8)
kinderen (19)
koningshuis (6)
kunst (37)
landschap (3)
lichaam (3)
liefde (32)
literatuur (495)
maatschappij (70)
mannen (2)
milieu (7)
misdaad (15)
moraal (18)
muziek (411)
natuur (19)
oorlog (15)
ouders (1)
overig (11)
overlijden (20)
partner (2)
pesten (4)
politiek (43)
psychologie (46)
rampen (5)
reizen (12)
religie (118)
schilderkunst (76)
school (5)
sinterklaas (4)
sms (1)
snelsonnet (1)
spijt (2)
sport (15)
taal (20)
tijd (26)
toneel (3)
vakantie (5)
verdriet (6)
verhuizen (1)
verkeer (6)
voedsel (3)
vrijheid (17)
vrouwen (10)
welzijn (13)
wereld (17)
werk (11)
wetenschap (25)
woede (4)
woonoord (5)
ziekte (31)


gedichten.nl


Garnier Projects





tabblad: beschouwingen

< vorige | alles | volgende >

beschouwing (nr. 292):

Paardenpassie

Het toeval bracht me op een dag tot in de kantine van een manege. Of is vluchten voor een griezelig onweer geen toeval? Vluchten was het in ieder geval. Mijn start, precies na de derde donderslag, had het flitsende van een bliksem. Eens op volle snelheid wist ik het met zekerheid. Over zowat zestig meter, was ik mijn persoonlijk record aan het benaderen, zelfs met een verdomd sterke tegenwind.
Dat record dateert trouwens van mijn zeventiende. Ik liet het optekenen in de avondschemering van een stadspark. Het was mijn memorabele bh-run, vertrokken vanuit zitstand dan nog wel! Ik werd als het ware gedragen door het struikpubliek en een ei zo na vertrappelde eend begon op staande voet alle aanmoedigingen te overtreffen.
Mijn opponent was trouwens niet de eerste de beste. Zij was sprintkampioene over honderd meter bij de juniores. Misschien dat een en ander haar hinderde door het feit dat de ondersteuning ontbrak. Anderzijds gedraagt een bustehouder zich op snelheid in de hand ook anders dan pakweg de gebruikelijke estafettestok!
Maar ik wil het hier verder niet over hebben.
Het onweer sloeg dus toe en geen duizend regendruppels later, stond ik al aan de kantine. Met een buffelstoot dook ik naar binnen. De deur sloot hinnikend het onweer buiten. In een oogopslag telde ik zowat vijftien mensen en een paardenkop in het drankhuis. Aan de toog, hoefijzervormig opgevat, was er nog een zadel vrij.
“Willem, wacht nog even om mijnheer te vragen wat hij drinkt. Hij kan nu toch niet antwoorden”, riep de uiterst links gezeten klant tegen de barman.
Ik besefte nu pas dat ik stond te hijgen als een paard en dat mijn hemd op het punt stond mijn broek te laten vallen. Sommige aanwezigen durfden niet hardop te lachen, bemerkte ik. Ongetwijfeld uit pure beleefdheid. De buffetspiegel toonde beneveld mijn verwarde haardos.
“Een koffie graag”, zei ik tot de man die Willem werd genoemd. Huiverend eerde ik mijn schuiloord met de woorden: “Brrrrrrrrrrr, deze plek is toch wel mijn redding”.
Buiten werd mijn uitspraak kracht bijgezet. De regen gutste tegen de ramen en donkere wolken dreven als dolende spoken door de lucht.
“Jawel, een koffie voor mijnheer”, herhaalde Willem hardop.
“En let maar niet op André”, raadde hij me aan. “Uw buur kraamt wel meer onzin uit. Daarbij is hij gisteren van zijn paard gevallen”.
De spotvogel zat nu op Andrés schouder, maar hij had daar hoegenaamd geen moeite mee.
“Deze plek is al vijftien jaar mijn redding”, grapte hij en gaf me zowaar een tik op mijn schouder.
“Zie je aan mij dat ik gisteren uit het zadel werd gelicht”, vroeg hij nu op ietwat zachtere toon. Ik bekeek hem eens van onder tot boven. Hij geleek sprekend op Toon Hermans rond zijn vijfenvijftigste, snorretje en pretoogjes inbegrepen.
“Nee, je ziet er niet gekwetst uit”, zei ik.
“Kijk dan nu eens naar Willem”, wees hij de man aan die met mijn koffie kwam aangedragen. “Willem is nog nooit van zijn paard gevallen. Nog nooit, maar hij heeft er wel al een paar keer onder gehangen en dat is zelfs met zijn oogafwijking te bemerken”.
Ik moet het Willem nageven, hij kreeg zonder morsen mijn koffie neergezet.
Jawel, ik vertoefde in goed gezelschap en voelde nog meer waardering van mijn compagnon toen ik even later van koffie op zijn biermerk overschakelde.
“’t Is moeilijk te verklaren”,filosofeerde hij. “Je kunt van dieren houden. Ik heb thuis ook een kat. En jij? “
Ik probeerde de naam van mijn hond uit te spreken.
“Hond of kat, je kunt dat graag zien”, onderbrak André. “Maar het is anders met een paard. Echt waar. Een paard vereer je, het is als een idool. Ik geloofde het ook niet toen me dat voor het eerst werd verteld. Maar nu wel, er gaat niets boven een paard. Heb je overigens al eens goed gekeken naar een snuivend paard?”
“Snuiven de paarden nu ook al”, probeerde ik mijn humor de sporen te geven. “En wat als ze kwijlen en briesen?”
“Een briesend paard laat de mens verstaan dat het op gelijke voet wil behandeld worden”, leerde ik van André. “Het wil vooral niet genegeerd worden na een loopinspanning. Want wie denkt jij dat wie beschermt in volle galop? Het paard neemt de ruiter in bescherming”.
“Dan moet jij dat beest gisteren nog al getreiterd hebben voor je uit het zadel vloog”, reageerde Willem met een schaterlach.
“Als dat van jou niet was gestopt, hing je er nu nog altijd naast”, vuurde André terug.
En verder ging hij met zijn onderricht. Zijn paardenpassie. Hij vertelde me waarom paarden zo vlot kunnen galopperen. Dat was onlangs pas ontdenkt. Een paard heeft elastische spieren. De spieren veren terug bij het neerkomen van het been. Dat kost veel minder energie dan bij een niet-elastische spier. Alleen paarden en, hou je vast, kangoeroes hebben elastische spieren”. Van Kangoeroes had ik het potverdorie moeten weten!
“Willem, doe ze nog eens vol”, reageerde ik vol bewondering.
“Wie met z’n paard uitgaat, is met zijn meester uit”, dat is een oude spreuk”, legde André nu ook taalgevoel in zijn betoog. “En vergeet niet, een mens heeft ongeveer een jaar nodig om te leren lopen en is rond zijn twintigste jaar pas volwassen. Een veulen springt na de geboorte al op z’n poten en is na anderhalf jaar volwassen. Ik zeg het je vriend, hoe meer je van paarden afweet, hoe meer je ze gaat vereren…”
“Weet je wat hij je ook nog gaat vertellen”, reageerde Willem met twee volle schuimkragen op zijn hand. “Of heeft hij het je al uitgelegd dat paarden goed ruiken?”
“Precies”, veerde Willem opnieuw recht. “Paarden stinken nooit, ook niet na een zware inspanning. Je moet me eens plezieren en de proef op de som maken. Verse paardenvijgen, pas op, dat is geen stront, dat zijn vijgen. Je moet daar eens aan ruiken. Dat is geen afstotende geur, dat ruikt zelfs heerlijk”.
“Dat klopt”, beaamde Willem de uitspraak van zijn vriend. Voor de eerste keer waren ze het met elkaar eens. Ik keek naar buiten, de hemel klaarde op. Ver weg hoorde ik het nu boven Keulen donderen.

Schrijver: Francis Portugaels, 05-08-2008


Geplaatst in de categorie: humor

Deze inzending is 784 keer bekeken

3/5 sterren met 18 stemmen.


Print   |   E-kaart   |  



Er zijn 2 reacties op deze inzending:

Naam:lynda
Datum:11-08-2008
Bericht:Prachtig maar ik weet ondertussen al dat jij héél mooie dingen kunt schrijven.
Blijven doen!



Naam:Iris
Datum:05-08-2008
Emailadres:iris.aguirreattigo.com.py
Bericht:Prachtig, humorvol verhaal. Ik heb ervan genoten, en niet alleen omdat ik zoveel van paarden houd.




Geef je reactie op deze inzending:

Naam:       E-mail:  

Bericht:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)









vragen  |   links  |   zoek  |   contact  |   disclaimer  |   inhoud  |   rijmwoordenboek  |   gedichten.nl