nederlands.nl
Gebruikersnaam of e-mail:  Wachtwoord:    Registreren
















Top-5 beschouwingen:

1.
2.
3.
4.
5.


Categorieën:

actualiteit (93)
adel (1)
afscheid (3)
algemeen (19)
bedankt (3)
dieren (8)
discriminatie (8)
drank (6)
economie (11)
eenzaamheid (13)
emoties (16)
erotiek (2)
ex-liefde (1)
familie (8)
feest (6)
film (16)
filosofie (115)
fotografie (6)
geld (5)
geschiedenis (9)
geweld (3)
haiku (1)
heelal (22)
hobby (3)
humor (23)
huwelijk (1)
idool (970)
individu (4)
internet (5)
jaargetijden (6)
kerstmis (8)
kinderen (19)
koningshuis (7)
kunst (38)
landschap (3)
lichaam (3)
liefde (32)
literatuur (495)
maatschappij (70)
mannen (2)
milieu (7)
misdaad (17)
moraal (18)
muziek (412)
natuur (19)
oorlog (16)
ouders (1)
overig (11)
overlijden (20)
partner (2)
pesten (4)
politiek (43)
psychologie (46)
rampen (5)
reizen (13)
religie (118)
schilderkunst (76)
school (5)
sinterklaas (4)
sms (1)
snelsonnet (1)
spijt (2)
sport (15)
taal (20)
tijd (26)
toneel (3)
vakantie (5)
verdriet (6)
verhuizen (1)
verkeer (6)
voedsel (3)
vrijheid (17)
vrouwen (10)
welzijn (13)
wereld (20)
werk (13)
wetenschap (25)
woede (4)
woonoord (5)
ziekte (31)


gedichten.nl


Garnier Projects





tabblad: beschouwingen

< vorige | alles | volgende >

beschouwing (nr. 929):

Pieter Langendijk: Afbeelding van Cupido

Afbeelding van Cupido

De aloudheid maakt de min gelijk een weeldrig kind,
Opdat een man van moed zich schaam' daarmee te spelen;
't Voert wapens, opdat elk zou vrezen 't wicht te strelen,
Dat jokkende ons verraadt, en vijand kwetst en vrind.

Zij geeft het vleugels, wijl 't zo licht is als de wind,
Vol onstandvastigheid, en los in alle delen,
En 't voorwerp dat men mint, uit wellust doet vervelen
Als 't ongestadig hart een schoner lichaam vindt.

Ook maalt zij 't loze wicht met doeken voor zijne ogen,
Opdat de jeugd niet door een leidsman wordt bedrogen,
Wiens volger doorgaans in een poel van rampen viel.

De fakkel die het voert, mag wufte wulpen blaken;
Wie moed heeft kan zich van zijn hart licht meester maken.
De lust vergaat; de liefde is eeuwig als de ziel.


Pieter Langendijk iss geboren in 1683 te Haarlem.
Hij was de zoon van Arend Kort Langendijk en Anneke Luyckes Nieuwenhuysen van Bochstt.
Zijn vader was een doopsgezinde metselaar en zijn moeder was linnenverkoopster en quaker.
Toen Pieter zes was stierf zijn vader en het bedrijf ging al snel failliet. Door de armoede kon hij zijn opleiding niet voortzetten.
Als kind tekende hij de kastelen en de mooiste plekken van Haarlem.
Toen hij tien was woonde hij twee jaar bij Willem Sewel in Amsterdam, die hem Latijn en de dichtkunst leerde.
In 1695 verhuisde hij met zijn moeder naar Den Haag, waar ze een klein winkeltje hadden, waar ze nauwelijks van rond konden komen. Hij werkte in een damastweverij en als kantoorklerk.
In 1702 werd hij meesterknecht over een weefzolder. Ook werd hij patroontekenaar bij twee grote textielfabrieken in Amsterdam en Haarlem. Daarna ging hij als zelfstandig patroontekenaar werken voor de textielindustrie.
Rond 1708 begon hij een opleiding in tekenen en schilderen. Hij moest zichzelf eerst een werkkring in Amsterdam veroveren, alvorens hij zich gepassioneerd op de dichtkunst stortte. Hij leerde kleine en grote dichters kennen.

In 1711 kwam zijn toneeldebuut 'Don Quichot op de bruiloft van Kamacho' uit, dat een enorm succes behaalde.
Hij woonde inmiddels in Amsterdam.
Als blijspelschrijver steeg zijn roem. In 1712-1714 verschenen 'Het wederzijds huwelijksbedrog' (zonder onkuise taal) en 'De Zwetser'.
Hij was beïnvloed door Hooft en Bredero, maar vooral door Molière.
In 1721 verscheen 'Gedichten'.
Hij was lid van de Rederijkerskamer 'Trou moet Blijcken'.

Ze woonden inmiddels weer in Haarlem, waar hij een eigen optrekje had tot 1728.
In 1722 werd hij benoemd tot patroontekenaar. Zijn moeder was verslaafd aan de sterke drank. Hij ontvluchtte haar knorrigheid door veel bij vrienden langs te gaan. Zij stierf in 1727 en niet lang daarna trouwde hij met Joannette Sennepart. Het was een uitermate ongelukkig huwelijk. Zij bleek kwistig, kwaadaardig en gekweld door kwalen. Ze was humeurig, bazig en ziekelijk.
Hij bezat een woning in en buiten de stad. In feite leefden ze bij elkaar uit elkaar en zijn welstand kelderde, hij werd gedwongen om zijn boeken en prenten te verkopen, zelfs al zijn bezittingen tot ook zijn eigen optrekje en buitenhuis. Joannette stierf in 1739.
Haarlem ondersteunde hem en gaf hem een onderkomen, maar wel op de voorwaarde dat hij een stadsgeschiedenis van Haarlem ging schrijven, wat hij deed en die hiij bijna voltooide; deze geschiedenis werd nooit uitgegeven.
Hij woonde in het Proveniershuis. Zijn classicistische zedenblijspelen geven een beeld van de hypocrisie van de hogere standen, de hogere burgerij of de verarmde bourgeoisie.
Hij sleet zijn laatste jaren als Stads-Historieschrijver. Hij had nog een kleine opleving als kluchtenschrijver; hij probeerde het ook als treurspelschrijver, maar dat mislukte.
Na nog lange tijd moeizaam te hebben rondgestrompeld, stierf hij uiteindelijk op zijn ziekbed, waar hij zich nog inderhaast tot doopsgezinde had laten dopen.

schrijver

Schrijver: Joanan Rutgers, 27-12-2010


Geplaatst in de categorie: literatuur

Deze inzending is 139 keer bekeken

2/5 sterren met 3 stemmen.


Print   |   E-kaart   |  







Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

Naam:       E-mail:  

Bericht:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)









vragen  |   links  |   zoek  |   contact  |   disclaimer  |   inhoud  |   rijmwoordenboek  |   gedichten.nl