nederlands.nl
Gebruikersnaam of e-mail:  Wachtwoord:    Registreren
















Top-5 beschouwingen:

1.
2.
3.
4.
5.


Categorieën:

actualiteit (96)
adel (1)
afscheid (4)
algemeen (19)
bedankt (3)
dieren (8)
discriminatie (8)
drank (6)
economie (11)
eenzaamheid (13)
emoties (16)
erotiek (2)
ex-liefde (1)
familie (8)
feest (6)
film (17)
filosofie (115)
fotografie (6)
geld (5)
geschiedenis (10)
geweld (3)
haiku (1)
heelal (22)
hobby (3)
humor (23)
huwelijk (1)
idool (1004)
individu (4)
internet (5)
jaargetijden (7)
kerstmis (8)
kinderen (20)
koningshuis (7)
kunst (38)
landschap (3)
lichaam (3)
liefde (32)
literatuur (495)
maatschappij (71)
mannen (2)
milieu (7)
misdaad (19)
moraal (18)
muziek (413)
natuur (20)
oorlog (16)
ouders (1)
overig (11)
overlijden (20)
partner (2)
pesten (4)
politiek (47)
psychologie (51)
rampen (6)
reizen (13)
religie (119)
schilderkunst (76)
school (5)
sinterklaas (4)
sms (1)
snelsonnet (1)
spijt (2)
sport (15)
taal (20)
tijd (26)
toneel (3)
vakantie (5)
verdriet (6)
verhuizen (1)
verkeer (6)
voedsel (3)
vrijheid (17)
vrouwen (10)
welzijn (13)
wereld (20)
werk (13)
wetenschap (25)
woede (4)
woonoord (5)
ziekte (31)


gedichten.nl


Garnier Projects





tabblad: beschouwingen

< vorige | alles | volgende >

beschouwing (nr. 1771):

Waar ben je toch?

'Waar ben je toch?' Deze vraag zullen veel naasten van dementerenden stellen. De persoon die iemand was vòòr zijn of haar dementie is weg. Je hebt al afscheid van diegene genomen. Eigenlijk zou je van een rouwproces kunnen spreken. Net als bij het stervensproces van dementerenden ondergaat de naaste een rouwproces. Ook de patiënt zelf ondergaat iets wat je daarmee kunt vergelijken.

Waar begint dit 'rouwproces'? Eigenlijk zou je kunnen stellen dat het begint op het moment dat iemand dingen gaat vergeten, dus bij de eerste tekenen van dementie.
Net als bij het rouwproces ontken je dit als naaste. 'Het is de leeftijd', hoor je dan vaak zeggen. Dat herken ik vanuit de privésfeer toen mijn vader dingen ging vergeten, afspraken niet meer nakwam of niet op namen kon komen. Die fase maken wij als ziekenverzorgende niet mee omdat iemand dan meestal nog thuis woont.

De volgende fase die je ook na het overlijden van een dierbare tegenkomt is boosheid. Als naaste kun je erg boos worden als je merkt dat je dierbare dingen gaat vergeten en zichzelf niet meer goed verzorgt. Deze emotie komt voort uit pure onmacht, want je wilt het niet. De ontkenning speelt hier ook nog een grote rol. Dat herken ik, dat heb ik ook ervaren toen mijn vader ging dementeren.

Mijn vader was een keurig nette heer die altijd afspraken nakwam en netjes op zichzelf was. Op een gegeven moment ging hij afspraken vergeten en verzorgde zichzelf niet meer. Hij had dagenlang dezelfde kleding aan en begon ook slecht te eten omdat hij niet meer kookte. Dat deed pijn, maar uit pure onmacht werd ik boos op hem. Hij was niet dement in mijn ogen. Eigenlijk zag ik het wel, maar ik sloot mijn ogen voor de waarheid. Voor een buitenstaander is het onbegrijpelijk dat men boos kan worden op zo iemand. Beroepsmatig zeg ik ook dat het niet kan, maar het wordt anders als het om je eigen vader of moeder gaat: je wilt het immers niet. Je wilt niet dat de rollen worden omgedraaid.

Na deze fase komt het intense verdriet. Het verdriet omdat je diegene 'kwijt' bent waar je zo van houdt. Mensen kunnen helemaal veranderen, ze zijn dan niet meer de persoon die ze eerst waren. Vorige week sprak ik een mevrouw die elke dag bij haar man op bezoek komt. Die man is de laatste tijd heel boos, waarschijnlijk omdat hij zich niet meer kan uiten. Zijn vrouw vertelde echter dat hij vroeger nooit boos was. Ook vertelde ze dat zijn kleinkinderen alles voor hem waren, maar nu zeiden ze hem niks meer.

Als je mensen zo ziet veranderen, raakt dat je diep. Dat verdriet herken ik uit de tijd dat mijn vader helemaal veranderde door zijn dementie. Soms zag ik hem aan tafel zitten en dan dacht ik: 'Waar ben je toch?' s Avonds als ik in bed lag, pakte ik zijn foto en zei dan: 'Was je nog maar zo'.
Dat verdriet draag je stil je in mee, want voor de buitenwereld houd je de schijn op. Je wilt niet dat ze zien dat je dierbare achteruit gaat. Dat heeft niet met schaamte te maken, maar met ontkenning. In feite hou je jezelf en anderen voor de gek.
Mijn familie had het niet in de gaten, omdat ik de gaten opvulde die mijn vader vertoonde. Zo hield ik verjaardagen bij van zijn broers en zus en liet hem dan bellen, zodat het leek alsof hij ze onthouden had. Ook hield ik veel voor mijn man verborgen. Zo kwam ik bij mijn vader op bezoek toen ik jarig was. 'Weer achttien juni', begon ik het gesprek, in de hoop dat hij mij zou feliciteren. Maar het zei hem niks, die datum. Toen ik terug fietste naar huis liepen de tranen over mijn wangen, maar thuis zei ik tegen mijn man: 'Papa feliciteerde me'. Waarom ik dat deed weet ik niet, maar ik vond het vreselijk om te moeten zeggen dat hij het vergeten was. Dit alles heeft met de volgende fase te maken, namelijk de acceptatie. Ik moet eerlijk bekennen dat ik deze fase nooit heb bereikt. Voor mij was het niet te accepteren dat mijn vader dement werd.

Op een bepaald moment werd de zorg voor mijn vader voor mij te zwaar en kwam er iemand van de indicatiecommissie. Wat werd ik boos op die dame toen ze zei dat mijn vader een indicatie voor het verpleeghuis zou krijgen! Nu, jaren later, weet ik dat die mevrouw gelijk had, want mijn vader had prima gepast in de groep die ik nu verzorg.

Dit 'rouwproces' zie je ook bij de patiënt. Eerst volgt er de ontkenning: ze verbloemen het helemaal voor de buitenwereld. Soms zo erg dat anderen niks in de gaten hebben. Mijn vader was daar een meester in. Als hij bijvoorbeeld naar de winkel ging om boodschappen te doen en een praatje maakte met iemand, ontweek hij bepaalde vragen en zei dan bijvoorbeeld: 'Kom, ik ga maar eens de was ophangen', terwijl hij dat zelf niet meer deed. Of hij zei: 'Ik ga maar eens voor het eten zorgen', ook al kreeg hij zijn eten van tafeltje-dekje. Op mijn werk zie ik dat ook vaak gebeuren, want verbloemen kan in de eerste twee fases voorkomen.

De tweede fase, de boosheid, zie je ook bij mensen die gaan dementeren. Ze hebben in de gaten dat ze de regie over hun leven kwijt raken. Mijn vader had dat ook als hij merkte dat hij weer wat was vergeten. Ook zei hij vaak: 'Het is zo raar in mijn kop'. Als mensen beginnen te dementeren, lopen alle gedachten door elkaar heen: het heden en het verleden vermengen ze met elkaar. Verdriet zie je ook vaak, al weet je niet wat er allemaal in hen omgaat. Ze huilen omdat ze geen grip op het leven hebben, en dat maakt hen verward. Daarna volgt de fase van de acceptatie: dan zie je dat mensen berusten in hun situatie. Vaak is dat voor de naasten een opluchting, omdat mensen dan de dingen over zich heen laten komen en zich niet meer druk maken over hun situatie.

Graag wil ik afsluiten met de volgende zin omdat deze precies zegt wat dementie is. 'Dementie is als een boekenplank waar steeds een boek van afvalt. Het laatst geschreven boek valt er als eerste af, tot het eerst geschreven boek er afvalt en je als een 'onbeschreven blad' overgaat'.

schrijver

Schrijver: Dyenne Hendrikse, 07-04-2013

dyenne72athome.nl


Geplaatst in de categorie: emoties

Deze inzending is 414 keer bekeken

4/5 sterren met 7 stemmen.


Print   |   E-kaart   |  







Er zijn 3 reacties op deze inzending:

Naam:Regatta
Datum:09-04-2013
Bericht:In deze beschouwing heb je niet alleen op een heldere, overzichtelijke manier verteld welke fases er zijn in het rouwproces, maar je hebt ook heel open en eerlijk beschreven wat er door je heen ging toen jouw eigen vader dementeerde. Dat maakt jouw verhaal extra sterk. Net als Günter heb ik het daarom met een gevoel van ontroering gelezen.



Naam:Dyenne
Datum:07-04-2013
Emailadres:dyenne72athome.nl
Bericht:Hartelijk dank voor uw woorden. Ja, het is ook geschreven om mensen troost te bieden.



Naam:Günter Schulz
Datum:07-04-2013
Emailadres:ag.schulzattiscali.nl
Bericht:Zeer ontroerd en af en toe met een lichte huivering gelezen, Dyenne. Mijn grootmoeder is ook eenzelfde weg gegaan (Alzheimer), hetgeen ik trachtte te verwoorden in verhaal nr.2639: "Koud vuur". Zoiets gaat, denk ik, bij een ieder, die er mee te maken krijgt onder de huid. Gelukkig bevat jouw beschouwing vele elementen waaruit anderen in vergelijkbare situaties troost kunnen putten en misschien daardoor op den duur beter in staat er in te berusten of het een plekje te geven. Graag gelezen.




Geef je reactie op deze inzending:

Naam:       E-mail:  

Bericht:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)









vragen  |   links  |   zoek  |   contact  |   disclaimer  |   inhoud  |   rijmwoordenboek  |   gedichten.nl