nederlands.nl
Gebruikersnaam of e-mail:  Wachtwoord:    Registreren
















Top-5 verhalen:

1.
2.
3.
4.
5.


Categorieën:

actualiteit (124)
adel (13)
afscheid (115)
algemeen (323)
bedankt (25)
biologie (12)
dieren (231)
discriminatie (38)
drank (48)
economie (22)
eenzaamheid (178)
emoties (166)
erotiek (68)
ex-liefde (63)
familie (107)
feest (38)
film (3)
filosofie (134)
fotografie (5)
geboorte (22)
geld (30)
geschiedenis (26)
geweld (44)
haiku (1)
heelal (38)
hobby (27)
humor (374)
huwelijk (41)
idool (41)
individu (59)
internet (28)
jaargetijden (51)
kerstmis (69)
kinderen (166)
koningshuis (21)
kunst (48)
landschap (15)
lichaam (38)
liefde (256)
literatuur (347)
maatschappij (144)
mannen (34)
milieu (12)
misdaad (114)
moederdag (11)
moraal (92)
muziek (39)
natuur (88)
oorlog (106)
ouderen (15)
ouders (35)
overig (128)
overlijden (73)
partner (55)
pesten (29)
planten (11)
politiek (50)
psychologie (104)
rampen (52)
reizen (129)
religie (140)
schilderkunst (20)
school (60)
sinterklaas (17)
sms (5)
songtekst (1)
spijt (26)
sport (80)
sterkte (2)
taal (40)
tijd (52)
toneel (10)
vaderdag (1)
vakantie (82)
valentijn (4)
verdriet (86)
verhuizen (12)
verjaardag (16)
verkeer (37)
voedsel (43)
vriendschap (81)
vrijheid (57)
vrouwen (86)
welzijn (49)
wereld (35)
werk (94)
wetenschap (18)
woede (60)
woonoord (82)
ziekte (146)


gedichten.nl


Garnier Projects





tabblad: verhalen

< vorige | alles | volgende >

verhaal (nr. 3296):

Hoe een dubbeltje rollen kan...

Een maandagmorgen in de zomer omstreeks 9.30 uur in een dorpje in het Vlaamse Land waar de tijd van toen was blijven stilstaan. Het marktplein liep stilaan vol op de wekelijkse marktdag dat zich onder en rond de eeuwenoude linde had opgesteld. De zon scheen vrolijk op het gelaat van de kijkers en de kopers. De kramen bulkten uit van de vele koopwaar.
Ook het dorpscafé “De Zoeten Inval” deed zijn naam alle eer aan zo vroeg in de morgen.

De jonge notaris en zijn klerk waren er ijverig aan het voorbereidend werk bezig voor de openbare verkoop van Robrechts (BB, of Bobke Bochel of Bobke Bult in de volksmond) woonhuis. De waard had voor de speciale gelegenheid een paar bevallige diensters opgetrommeld om de “klandizie” vlug van het nodige nat te voorzien. Extra vaten lagen al een week van te voren in de kelder opgestapeld. Ook bevonden er zich verse broodjes met kaas en hesp voor het grijpen op de toog, tegen betaling natuurlijk. Een mandje in gevlochten ijzerdraad stak boordevol hard gekookte eieren met drie zoutvaatjes ernaast.

Het was de jonge meesters eerste openbare verkoop (Vader-notaris lag aan het infuus in het ziekenhuis met nierproblemen.) en uiteraard was hij wat nerveus en onwennig tegenover het talrijk opgekomen publiek. Zijn klerk fluisterde hem af en toe wat in het oor. Om 10.00 uur stipt zou hij beginnen.
BB is al vele jaren opgenomen in het RVT van het OCMW “De Volle Zomer”. BB is ’n goed mens. Men schat hem zo rond de veertig of meer. Iedereen kent hem en zegt van hem dat hij nog geen vlieg zou durven kwaad doen maar dat hij wel een beetje beduusd, zo niet wat achterlijk is.
Bobke heeft inderdaad zijn gehele leven buitengewone zorg nodig gehad van zijn lieve ouders toen die hier kwamen wonen. Ook van anderen. Hij moest dan een jaar of veertien geweest zijn maar veel te klein voor zijn leeftijd en diens handicap. Bobke had een hoge rug en een ietwat scheve kaak waardoor zijn linkeroog uit de as stond. Hij mankte ook nog ietwat. Afijn, een sukkelaar, dacht de goegemeente, hé Bobke Bochel! Maar Bobke kon ermee lachen en, af en toe, zegde hij dan dat het ergste achter de rug is. (Hij verwees hier naar zijn bochel, natuurlijk)

Later, nà de dood van zijn ouders, ontfermde het OCMW zich over hem. Dagelijks ging hij naar de beschutte werkplaats of liever, men kwam hem ophalen en terugbrengen. Hij werkte er in de “drukkerij” waar hij o.m. de nietjes uit de katernen van tijdschriften mocht halen die dan in boekvorm konden worden ingebonden.
Ook mocht hij af en toe de kleine kapmachine bedienen (éénmaal was hij bijna een vingerkootje kwijtgespeeld). Voor de zware machine was hij te klein en te zwak.
Bobke was een brave man en altijd zeer netjes op zijn kledij. Roken deed hij niet want zijn mama vond dat toen ongezond en zo vreselijk duur.
Sinds Bobke in het RVT verbleef, werd het ouderlijk huis verhuurd. Het OCMW werd met de huur gedeeltelijk betaald. De rest kwam uit Bobkes nagelaten vermogen. En nu het huis al geruime tijd leeg stond wegens wanbetaling (een moeder uit een verscheurd gezin met vijf kinderen kon het alléén niet meer financieel opbrengen als werkloze en getormenteerde mama van haar opgroeiende bende.) De vrederechter heeft dan uiteindelijk de knoop doorgehakt en het gezin op straat laten zetten. Een schrijnende toestand waarbij het OCMW van de regen in de drop belandde.
Vandaar dus die openbare verkoop op die zonnige zomerdag. Bobke heeft er geen weet van, beseft niet eens dat hij er de eigenaar van is. Hij is toch zo goed opgevangen in het RVT, meneer.

Klokslag 10.00 uur. De jonge notaris hamerde het geroezemoes tot stilte. “De verkoop gaat beginnen” en timmerde hard op de houten tafel. Stoelen werden in de richting van de publieke ambtenaar verplaatst. De klerk keek ernstig over zijn ziekenhuisbrilleke heen.
De notaris las de teksten af die bij de openbare verkoop horen en bepaalde de instelprijs op 100.000 euro. Gefezel in de zaal. Allez, wie biedt méér. Niemand reageerde. Zelfs de bekende stromannen niet. Na lang wachten en een paar aanmoedigingen van de notaris werd er toch wat schuchter geboden. Veel te traag volgens de usances want om half elf was de instelprijs maar tot 130.000 euro gestegen en dàt bleek veel te weinig, wist de notaris te vertellen aan de weifelende gemeenschap. Plots kwam de waard wat in het oor van de notaris fluisteren die prompt de verkoop met één hamerslag tijdelijk stillegde en aan iedereen een pintje aanbood. Bravo! Bravo! Steeg uit “de rangen “ op.

De traditie wil dat onder vader-notaris de seance die niet wil vlotten, onderbroken wordt om de droge kelen even te spoelen waarna met vernieuwde moed verder kan worden geboden. En veelal werkt het. (Men vangt géén vliegen met azijn, niet?)
En ook zit er onder het talrijke publiek een aantal gelegenheidspintjesgraaiers bij.
Terwijl ze nu het frisse pintje lieten smaken, stopte plots een glimmende limousine met chauffeur vóór het café die achteraan de deur opende en een chique dame hielp uitstappen.
Een heer die haar vergezelde bleef zitten.
Degenen in het café die bij het venster zaten, zagen een stel flinke onderbenen geschraagd door lakschoenen met hoge stifthakken op het trottoir terechtkomen. Ze droeg een duur deux-pieceke van lichtroze stof en een bordeauxroze handtas van Delvaux. Oh ja, dat was zó te zien. Op het hoofd een klein modieus keppeltje met een bescheidene voile. Het aangezicht leek zeer verzorgd gezien de make-up. Lange kunstnagels versierden haar fijne handen. A real lady, yes!
Ze keek naar links, dan naar rechts en wachtte op de chauffeur die vóór haar door de open cafédeur ging en zich meteen haastte naar de kastelein en hem vroeg om de notaris te kunnen spreken in een apart lokaal. Zo gezegd, zo gedaan. In diens beste kamer werd er een gesprek onder vier ogen gevoerd tussen de dame en de notaris. Het duurde bijna een half uur.
Hierop vertrok ze even snel zoals ze gekomen was. De chauffeur had voor haar rekening een rondje betaald aan de “bieders”. Ze werd op applaus onthaald toen ze wegging. Ze glimlachte amper monalisa-achtig.

Toen de notaris terugkwam in het café, keek iedereen reikhalzend naar hem en iedereen luisterde aandachtig. Men kon een speld horen vallen.
Met “De verkoop van Bobkes huis, gaat momenteel niet door. Er is een onverwacht element opgedoken. Jullie mogen me niets méér erover vragen maar je moogt allen nog een pintje drinken voor de moeite om tot hier te komen”, rondde de notaris zijn monoloog af.
Het geroezemoes steeg crescendo en tegen dat de notarisklerk had afgerekend met de waard, waren er allerhande gissingen aan de gang.
De klok sloeg 11.00 u en de zon straalde zoals nooit te voren over het drukke dorsplein.

Epiloog

De mysterieuze dame bleek Bobkes tweelingzus te zijn die destijds bij de vader-notaris als dienstmeid had gewerkt. Ze werd er zwanger van en later “naar de stad” gestuurd voor een andere betrekking. Na veel tegenslagen is het kind er geboren en achteraf had ze, Lydia, het geluk te worden opgenomen in het huis van de gynaecoloog als dienstmeid. Amper een jaar later verongelukte diens echtgenote waarna zij, Lydia, twee jaar nadien, met de verloskundige is getrouwd. Hij is nu een bekend en gewaardeerd professor die Lydia’s kind als het zijne heeft aanvaard. Dat kind, de jonge heer die bij haar zat in de wagen, (de halfbroer dus van de notariszoon) is inmiddels ook een verloskundige geworden.
De schulden van haar broer Robrecht zou ze vereffenen bij het OCMW. Robrecht ging ze meteen daarna opzoeken en ja, ze volgde nog immer het reilen en zeilen van haar dorp dat ze zoveel jaar geleden zo oneerbiedig heeft moeten verlaten, zij het anoniem. En natuurlijk, de vader-notaris stuurde haar geregeld geld op. Cheques die ze hem terugzond toen ze met haar weduwnaar trouwde.
Ze overweegt nu het ouderlijk huis te laten opknappen voor haar zoon die zich in het dorp zal komen vestigen na zijn huwelijk.
Hoe het komt dat het OCMW niet eens wist dat Bobke nog een zus had? Wellicht is dit toe te schrijven aan “de traditionele administratieve blunder”.


Zie ook: http://www.cursiefjes.tk

Illustratie: Stoelen werden in de richting van de publieke ambtenaar verplaatst.

schrijver

Schrijver: Jan Coessens, 28-12-2009

jancoessensatskynet.be


Geplaatst in de categorie: maatschappij

Deze inzending is 244 keer bekeken

2/5 sterren met 1 stemmen.


Print   |   E-kaart   |  







Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

Naam:       E-mail:  

Bericht:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)









vragen  |   links  |   zoek  |   contact  |   disclaimer  |   inhoud  |   rijmwoordenboek  |   gedichten.nl