start toeval vragen forum links zoek contact gastenboek inhoud

Categorieën:

actualiteit (4)
afscheid (5)
algemeen (3)
bedankt (3)
dieren (6)
discriminatie (5)
drank (5)
economie (2)
eenzaamheid (21)
emoties (25)
ex-liefde (2)
familie (3)
feest (2)
film (1)
filosofie (3)
fotografie (3)
geld (3)
geschiedenis (27)
heelal (1)
hobby (5)
humor (5)
idool (2)
individu (36)
internet (6)
kerstmis (4)
kinderen (7)
koningshuis (1)
kunst (1)
lichaam (2)
liefde (30)
literatuur (4)
maatschappij (10)
mannen (16)
milieu (1)
misdaad (19)
moraal (1)
muziek (6)
natuur (3)
ouderen (2)
ouders (8)
overig (4)
overlijden (3)
pesten (1)
psychologie (16)
rampen (4)
reizen (4)
schilderkunst (1)
school (15)
sms (1)
spijt (1)
sport (3)
taal (1)
tijd (3)
vakantie (8)
verdriet (5)
verhuizen (2)
verjaardag (6)
voedsel (5)
vriendschap (10)
vrijheid (1)
vrouwen (4)
welzijn (12)
wereld (2)
werk (5)
woede (3)
woonoord (3)
ziekte (18)

tabblad: autobiografieen

< vorige | alles | volgende >

autobiografie (nr. 406):

Anoniem

De redactie van een beruchte schrijverswebsite had op een dag een foto van mijn voormalige juffrouw Engels onder een verhaal van mij geplaatst. Geplaagd door herinneringen voelde ik mij genoodzaakt diep in mijn geheugen, dat aanvoelde als een gatenkaas, te spitten totdat ik bij de bewuste avond, toen zij in een donkergroen mantelpak de Italiaanse maaltijd verzorgde, terecht kwam en verder ging met de omschrijving van mijn belevenissen als middelbare scholier.
Er was nog een vierde persoon in de woning van mijn Engelse juf aanwezig, want ik vond dat dieren ook personen waren, en vaak ongemerkt deel uitmaakten van het levendige gesprek.
Zijn naam was “Pet“ en het was een donkergrijze Birmees, een kater die zijn aanwezigheid op een bescheiden wijze aan ons kenbaar maakte.
Het gesprek ging eigenlijk nergens over, ik wist wel dat Peter indruk op haar wilde maken, dus ik hield me bezig met Pet die aanhankelijk op mijn schoot was komen zitten.
Terwijl ik Pet over zijn bolleke aaide hoorde ik dat Peter zelfs in het Engels zijn verhaal kon afdraaien. Ik had het al een aantal keren gehoord, hij vertelde aan iedereen hetzelfde.
Van alle personen in de kamer had de vierde persoon de meeste indruk op mij gemaakt.
Misschien was het omdat ik Frits miste, sinds hij in de tuin begraven lag en ik een klimroos op zijn graf had gepland.
Het was geen nare avond, maar zonder Pet was ik waarschijnlijk eerder naar huis gegaan.
Ik wist na afloop ook niet of de Engelse juf haar donkergroene mantelpakje voor Peter had uitgetrokken, voor zover ik wist was Peter homo, en deed hij voornamelijk zo klef omdat hij een schilderij had verkocht.
Hij vroeg me een week later wel of ik een gedicht bij een van zijn schilderijen wilde schrijven.
Ik mocht de naam Hector Havermout niet gebruiken. Ik moest het met mijn eigen naam doen. Bjarne Gosse. Het schilderij was een abstract gemaakte afbeelding van een eenzaam dier in een kooi. Ik moest er aan wennen om onder mijn eigen naam te schrijven, maar ik deed wat Peter mij vroeg en ik schreef het gedicht “ Anoniem”.

Anoniem

Jij die om een naam roept
voor status en leven
in vitale spelonken
die ons wildernis geven

die met zaad strooit
langs velden en wegen
het vreemde hart ontdooit
niets dan liefde zal je geven

die moordt maar liefheeft
tedere voeling van smart
zal altijd anoniem blijven
dat is het noodlot dat jou tart.


De belangrijkste eigenschap die ik nodig had om mijn ziel uit het dal van het treurende ego weer op de weg omhoog, de zoete berg op, te krijgen was de eigenschap om assertief te zijn.
Ik had mij daarin al enigszins geoefend door uitdagende openhartige en opwindende verhalen te schrijven over het roemruchte verleden van mijn liefdesleven, maar in het dagelijkse omgaan met de arrogante slaven van de tijdmachine, die niets anders deden dan hun formele waarheden oplepelen, was ik schandalig te kort geschoten.

Ik besloot deze schade in te halen door enkele mailberichten te sturen aan deze lieden die voortdurend dachten dat zij de mensen waren die er iets toe deden. Het waren geen schijnbewegingen, maar heldere waarheden over hoe ik dacht dat ik met het rouwproces om wilde gaan. Ik kon altijd nog een scheve schaats gaan rijden wanneer de Olympische winterspelen weer voorbij waren.

Ik moest het doen met wat mijn talent mij in de schoot had geworpen, en dat was door de omstandigheden van grijs, en zwart wit, naar een steeds kleurrijker innerlijke ik gegroeid.

Ik kon deze nieuwe bloesembloei niet delen met de bloedzuigers, de vampieren, de hulpverleners van het grote gelijk die mij alleen maar naar beneden dirigeerden.

Ik sloeg van me af in bevlogen schrijverij, slikte diarreeremmers en deed mij te goed aan het overgebleven restje Chinees van de vorige avond. Mijn darmen kwamen weer tot rust.
 

Schrijver: Bjarne Gosse, 21-02-2018



Geplaatst in de categorie: individu


Terug naar zoekresultaten

Deze inzending is 59 keer bekeken

5/5 sterren met 1 stemmen.



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)