Inloggen
voeg je autobiografie toe

tabblad: autobiografieen

< vorige | alles | volgende >

autobiografie (nr. 481):

De volgende dag alleen in het huis van mijn hospita in Utrecht tijdens het voorjaar:

Het was de derde zondagmiddag na de verhuizing toen ik met de kater Frits naast me op de bank aan het derde hoofdstuk van het boek “ De mecenas en de kunstverslaafde” begon.
Het verhaal speelde zich af in de sfeer van het oude Parijs. Een oudere kunstschilder verslaafd aan rode wijn en aan het schilderen van naakte jonge vrouwen in een erotische pose, kreeg te maken met een afperser. Een schurk die hem chanteerde en hem geld en schilderijen aftroggelde in ruil voor zijn zwijgen.
Ik zat meteen in het verhaal en las de eerste vijftien bladzijdes zonder een slok van mijn thee te nemen. Karel Krampool was een getalenteerde schrijver.
Ik moest voor de boekenlijst van school tien boeken lezen van schrijvers die op een lijst voor Nederlands stonden. Gelukkig stond Karel Krampool daar ook bij.

Toen ik uiteindelijk toch een slokje van de thee dronk omdat Frits begon te knorren en ik het piepen van een deur hoorde, vroeg ik mij af welke deur er aan het piepen was. Ik had de deur niet eerder gezien, aan het einde van de kamer aan de linkerkant bij de ramen was er een deur.
 
Een kamerdeur die door de tocht was opengegaan met een piepend geluid vanwege de niet gesmeerde scharnieren. Ik was nieuwsgierig. Ik wist niet dat er naast de ruime woonkamer nog een andere kamer was. Twijfel kwam in mij op, misschien was het wel de slaapkamer van Emma en was het ongepast die tijdens haar afwezigheid binnen te gaan.
Ik herinnerde me dat de slaapkamer van Emma een verdieping hoger was, dus het kon haar slaapkamer niet zijn. Het maakte me nieuwsgieriger. Ik twijfelde tussen verder lezen in “ De mecenas en de kunstverslaafde” of een kijkje nemen in de onontdekte kamer die achter de deur was te vinden.
Ik bleef een tijdje naar de deur kijken. Frits, had het in de gaten, plotseling sprong hij van de bank en liep via de openstaande deur de geheimzinnige kamer binnen. Ik had een excuus, ik kon mijn nieuwsgierigheid niet langer bedwingen. Ik stond op om te kijken waar Frits naar toe was gegaan.

Groot was mijn verbazing toen ik de kamer binnentrad. Er was nog een woonkamer, groter dan de woonkamer die ik kende en aan de muur hingen schilderijen. Het leek wel een expositieruimte voor belangrijke kunstwerken. Ik geneerde me er om er naar te kijken, maar dat was snel over door de fascinatie voor de beeltenissen van gracieuze jonge vrouwen in erotische poses. Ik herkende onmiddellijk mijn hospita en haar vriendin Victoria Martin. Twee bekende en aantrekkelijke vrouwen.
Op twee van de vijf schilderijen stonden ze samen afgebeeld, geschilderd in dezelfde stijl als die van de oude man in de eetkamer. Deze schilderwerken hadden minder sombere kleuren, met in vitale penseeltoetsen opgebrachte verf. In de kamer hing een bloemengeur, dat was vreemd want er waren geen bloemen te zien. Zelfs niet op de schilderijen.

Daar stond ik met de kater Frits, in een woonkamer waarvan ik het bestaan eerder die dag niet wist. Een woonkamer met prachtige schilderijen aan de muur. Ik kon mijn ogen niet van mijn naakte hospita aan de muur afhouden. Ze had niet eens een vijgenblad voor haar levenspoes en haar borsten leken te pronken als rijpe vruchten. Frits en ik zagen alle intieme details. Frits begon te knorren. Ik hoorde de deur weer piepen, het was alsof er een geest de extra woonkamer betrad. Een geest die mij iets toefluisterde! Misschien waren Frits en ik niet alleen in deze geheime kamer. Er dwaalde wellicht een geest rond!

Ik had een fantasiewereld vol met geesten in mijn gedachten. Ze hadden allemaal een andere stem. Het waren deels stemmen uit het verleden. En ook, ik hoorde ze zacht, stemmen die over de toekomst spraken.
 
Onzichtbare mensen die bleven praten en denken in mijn gedachten.

Ik vroeg me af waar de bloemengeur vandaan kwam. Niets was er te vinden. Toch rook ik het sterk en duidelijk. 
Het daglicht liet een geheimzinnig schijnsel zien in de riante woonkamer van het herenhuis waar ik een kamer huurde. Waarschijnlijk kwam het door de dure vitrage die Emma Petronella door een naaiatelier had laten maken. 
Er was even tijd voor mezelf. Ik hoefde niet te studeren voor de tuinbouwschool in het mooie huis van mijn hospita Emma Petronella in Utrecht. Ik genoot van het alleen zijn op de leren bank.
Ik ging weer verder met het lezen van het spannende boek “De mecenas en de kunstverslaafde” Er stond een handgeschreven boodschap op de laatste bladzijde van het boek:
“Mijn laatste exemplaar voor jou: Emma Petronella”


Het maakte me nog nieuwsgieriger naar de inhoud van het boek
De oude aan rode wijn en schilderen verslaafde Parijse kunstenaar, Ancel Favre, in het boek van de bekende schrijver Karel Kramppool kon zichzelf in leven houden dankzij een schatrijke mecenas die hem geld toeschoof voor spijzen, drank, verf en kwasten.
Veel van zijn modellen betaalde de kunstenaar in natura met schilderijen nog nat van de verf. Het waren snelle studies voor het uiteindelijke schilderij. Ancel Favre gaf ze weg in ruil voor het model zitten in zijn kunstenaarswoning in de wijk Montmartre in het noorden van Parijs.
Voordat ik ging slapen schreef ik een gedicht voor in mijn Havermoutschrift.

Strand


Heb ik de woeste zee in mijn gedachten
nu ik over het strand loop nabij jouw droom
de geest van de elementen huilt als een wilde hond

aan de buitenkant van een gezellige broodjestent
krijgt het waaien eindelijk zinvolle bestemming
gekoesterd als een kind begint schemering te slapen.
 
Hector Havermout.
 
 

Geciteerde: Bjarne Gosse, 27 nov. 2019
27 nov. 2019


Geplaatst in de categorie: individu

5,0 met 2 stemmen 43



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)