Inloggen
voeg je autobiografie toe

tabblad: autobiografieen

< vorige | alles | volgende >

autobiografie (nr. 483):

In de buurtkrant had ik gelezen dat er een uitstekende bezorgchinees in deze buurt in Utrecht was. Ik besloot het er op te wagen en bestelde een pittige Nasi speciaal met een flesje oud bruin bier.
Een half uur later stond er een vrolijke Chinese meid op een Italiaanse scooter voor de deur.
Ik nam de maaltijd mee naar mijn eigen kamer. Ik had geen zin in de eetkamer van Emma Petronella. Het smaakte best goed. Toen ik uitgegeten was, haalde ik het biertje dat ik in de koelkast had gezet uit de koelkast en ging naar de tweede woonkamer waar de grote boekenkast stond.


Ik had een boek met de gedichten van Kaváfis uit de boekenkast gehaald en begon er in te lezen. Op een van de bladzijden vond ik het volgende gedicht :

Muren

Zonder voorzorg, zonder medelijden, zonder schaamte
bouwden ze rondom mij grote hoge muren.
En nu zit ik hier en ik ben in wanhoop.
Aan niets anders denk ik: dit lot verteert mijn geest;
want veel dingen had ik buiten nog te doen.
O. toen ze de muren bouwden, hoe kon ik er niet op letten.
Maar ik hoorde nooit rumoer van metselaars of geluid.
Onmerkbaar sloten ze mij uit de wereld buiten.

Kaváfis (1896)

Het gedicht maakte indruk op mij. Ik was mij meer dan ooit bewust van de muren in het huis van mijn hospita. Aan de muren hingen schilderijen, tegen de muren stonden kasten, er waren deuren in de muren, en ramen, maar het bleven muren. Ik leefde met een onbereikbare liefde. Alles wat mijn lichaam zou uitvreten zou onbeduidend zijn, zolang er geen geestelijke wereld tegenover stond. Ze zou voor mijn lichaam kunnen kiezen, voor de warmte en de intimiteit, maar ik zou nooit genoeg voor haar ziel zijn en haar onnodig kwetsen met mijn naïviteit.
Ze zou me zover kunnen krijgen dat ik mijn emoties begon te tonen, maar dan nog zou ze altijd weten dat de geestelijke wereld onbereikbaar bleef. Ik had de muren rond mijn hart stevig opgetrokken. Te vaak had iemand die dichtbij stond, mijn integriteit gekwetst. Ik was een beschadigd mens en ik wist dat ze mij buiten zouden sluiten. Waar ik ook zou gaan wonen, wie ik ook werd, en wat ik ook deed, ik zou er nooit echt bij horen. Ze sloten me buiten zoals ze ook met Kaváfis hadden gedaan.
De confrontatie met mijn eenzaamheid was pijnlijk.
Ik realiseerde mij dat ik met Frits niet van gedachten kon wisselen. Het gesprek met Frits had weinig inhoud op het gebied van het intellect. Ik kon niet weten wat Frits allemaal dacht.



Een intieme schets van de liefde had ik gemaakt. Zomaar uit mijn blote hoofd. Fantasie over hoe de liefde er uit kon zien. Potlood en kleurpotlood in een schetsboek. Wat eenvoudige lijnen en voorzichtige kleuren. Onduidelijke lichaamsdelen in een huiselijke omgeving. Ik wilde later nog een intieme schets maken.

Ik was me meer dan ooit bewust van de muren in mijn leven. Het moeilijke contact met mijn ouders, met wie ik nooit over mijn emoties kon praten. De eenzame periode die ik doormaakte nadat ik als tiener was aangerand door een agressieve man, die dreigde mij te vermoorden. De korte emotionele relatie met de tien jaar oudere vrouw uit het kraakpand, de lichtfabriek, die na het beëindigen van de relatie allerlei verwijten naar mijn hoofd slingerde. En zelfs beweerde dat ik haar zwanger had gemaakt. Het moeilijke contact met mijn leeftijdsgenoten, alles doemde op als zwarte muren rond mijn emoties, donkere muren rond mijn hart. Muren die alles moesten tegenhouden.

Opnieuw een intieme schets. Deze keer over de natuur. Beelden van het landschap buiten de stad waar ik dikwijls ging wandelen. Potlood en krijt. Sombere kleuren,

Ik nam een slok van het zoete bier. Ik begreep niet hoe de schilder Christiaan Buurtveen na het lezen van het gedicht van de Griekse dichter Kavafis tot schilderen in staat was geweest. Maar het stond in het interview dat ik over hem had gelezen, het gedicht 'Muren' van de dichter Kaváfis was zijn favoriete gedicht.

Ik keerde terug naar de muren van mijn kamer. De enige kamer in het huis waar ik geld voor moest betalen. Ik keek naar mijn zelfgemaakte tekeningen. Er was nog niemand die ze had gezien. Ik durfde niemand te vragen om er naar te kijken. Misschien was het beter dat ik ze weg zou halen. Emma Petronella zou er nare dingen over kunnen gaan zeggen als ze misschien toch een keertje op mijn kamer kwam. Ik raakte in een lichte vorm van paniek en griste de tekeningen van de muur. Ik begon ze te verscheuren, maar toen ik er twee had verscheurd bedacht ik me en besloot ik de andere drie toch te bewaren.

En de nieuwe tekeningen. De intieme schetsen, die bewaarde ik in een map onder mijn bed.
De muren waren weer kaal, er zat geen kunst bij de huur inbegrepen, als ik kunst wilde zien moest ik naar de tweede woonkamer, de geheime kamer van Emma, gaan. Daar hing kunst aan de muren. Naakte vrouwen. Een hospita en haar naakte vriendin die getrouwd was met een Hollandse kunsthandelaar, die zich had gevestigd in Parijs.
Ik had een rugzakje vol naakte vrouwen in mijn hart. Ik wist niet welke vrouw mij het meest mocht behagen. Ik besloot het rugzakje voorlopig ongeopend te laten.
Ik wilde graag een relatie die monogaam was. Ik wist niet of dat met Emma mogelijk was. Ze was welbespraakt, erudiet in de omgang, en ze had haar wulpse kanten.
Ze was zo vaak van huis en als ze er wel was was ze onverzadigbaar in het vragen om aandacht. Ik had het er moeilijk mee. Ik voelde een vreemde wellust telkens wanneer ik haar zag en hoorde praten. Een verlegen gevoel diep in mijn hart dat voor erotische opwinding zorgde. Ik was de slaaf van mijn verlangens geworden.
Gezien de schoonheid van lichaam en karakter van mijn aantrekkelijke hospita was dat niet vreemd.

Geciteerde: Bjarne Gosse, 1 dec. 2019
1 dec. 2019


Geplaatst in de categorie: eenzaamheid

5,0 met 2 stemmen 45



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)