Inloggen
voeg je beschouwing toe

Beschouwingen

Chanel nummer 5

Haar zwarte haar rook naar algen en vaag de geur van Chanel nummer 5. Nadat ik haar had gekleed in een lichtroze jurk met satijnen linten, besprenkelde ik haar met het parfum dat zij soms stiekem van mij gebruikte.
Het spierwitte gezicht leek licht uit te stralen, zo sterk stak het af tegen de zwarte omlijsting van krullen. In gedachte kuste ik haar glimlach. Ik streelde liefkozend de schram op haar hoge voorhoofd. Bij de aanraking schoot de kou als van marmer door mijn vingers, volgde mijn hand, arm, schouder en hals. Mijn tepels werden hard, alsof ze wilden voedden. Daar, na een bevroren aarzeling in mijn borsten, nestelde de kou zich in mijn hart. Tranen bevroren en zouden de komende jaren niet meer worden bevrijd uit hun drang om te stromen. Langzaam voelde ik hoe mijn gebogen hoofd zich ophief tot een trotse, misschien zelfs minachtende houding. Alsof iets buiten mij om, bezit van mijn lichaam nam. Ik ervoer een euforisch moment van emotionele onaantastbaarheid. De kilte had mij omarmd en ik omarmde dankbaar de kilte. Haar bevroren glimlach stierf op mijn lippen, werd de mijne.
Ik keek naar haar lippen, de bleekroze mond stond iets open alsof zij zou gaan spreken. Prachtige lippen, waarvan het leek of ze vele malen waren gekust.

Haar armen, die een wit aapje omhelsden, gaven niet meer mee, ook al zou ik kracht zou gebruiken. Dat wist ik, dat had ik ervaren op het moment dat ik haar met moeite aankleedde. “Lijkstijfheid”, noemde de patholoog-anatoom het. Hij legde uit de eerste lijkstijfheid uit, waarna het lichaam weer zachter wordt, en de tweede lijkstijfheid, het lichaam zou niet meer zacht meegaan.
Er werd naar mij gekeken, sommigen hoorde ik snikken. Het gevoel van minachting, voor al diegenen die verkeerden in dit aardse verdriet, kon ik niet onderdrukken. Ik zag niets, voelde alleen de ziel van het onstoffelijke. Het hing op een vreemde manier, ijl maar toch ook als een doordrenkte wezenlijke waarheid om mij heen.
Dit prachtige omhulsel, alsof zij gecast was voor de hoofdrol van sneeuwwitje, dit witmarmeren kunstwerk, deze serene en ontroerende schoonheid, dit was niet meer mijn dochter. Dit was niet, zij die ik boven alles ter wereld liefhad. Zij was allang vertrokken. Zij had afscheid van mij genomen op het moment dat ik op de fiets stapte om haar te zoeken. Terwijl elke beweging van mijn voeten zich verwijderde van haar.
Als een fluistering in mijn oor, deelde zij mij mee, zonder woorden, dat ze was gestorven. Onmiddellijk had ik, onnozele, deze boodschap verdrongen en riep nog luider al fietsend haar naam. Ik zwoer op alles wat ik liefhad, dus eigenlijk op haar, dat ik, als ik dit ongelofelijke monstertje had gevonden, haar een genadeloos pak rammel zou geven.

Kon ik haar maar horen huilen, na een paar tikken met mijn hand op haar perfect gevormde billen, die rood na zouden gloeien.

Ik had haar nooit geslagen.

Schrijver: Annette da Graça, 30 aug. 2007


Geplaatst in de categorie: emoties

3,3 met 9 stemmen 1.042



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)