Inloggen
voeg je beschouwing toe

Beschouwingen

EEN ZWEMMER IS EEN RUITER

In het Internationale Pooljaar (1932-1933) verdiepte de Nederlandse gedragsbioloog Niko Tinbergen zich in het intieme leven van de rosse franjepoot. Tinbergen ‘ruilde het waterrijke Holland voor zoetwaterpoelen in Groenland’.

Als gedragsbioloog volgde Tinbergen vrouwtjes van de rosse franjepoot die in een poeltje toefden en hij koos er dan nog vaak ééntje uit om te observeren. Hij zag hoe zo’n uitgekozen franjepoot minutenlang het water in het poeltje deed opwoelen, zodat de muggenlarven die in het water hingen, in beweging kwamen en gemakkelijk konden worden herkend en opgepikt. Het sierlijk vogeltje draaide rondjes in een kleine straal, pikte prooien, sprong uit het water, vloog een eindje even verderop en herhaalde het ritueel!

De vrouwtjes van de franjepoten zijn fraaier getekend dan de mannetjes. De laatste vallen minder op voor rovers, het is hun taak op de eieren te broeden!

Het wijfje van de rosse franjepoot heeft een duivenborst, is onderaan bruinrood en is heel trouw. Buiten het broedseizoen bevindt ze zich op zee waar ze elegant over de golven zweeft en in rustiger golfdalen landt om er kleine diertjes uit op te pikken. De dekveertjes op de rug zijn ruitvormig en de zijkant beige van tint. Hoofd en nek zijn zwart en ze heeft een witte vlek achter het oog. Hals, borst en onderzijde zijn soms rood als rode baksteen. Franjepoten broeden in de noordelijke toendra, op Spitsbergen, Nova Zembla, Siberië en Groenland, op eilandjes in fjorden, in veenmoerassen en poeltjes of tussen stenen en arctische planten. Op IJsland wordt het legsel streng bewaakt tegen eierverzamelaars!

Soms vliegen ze tijdens de trek langs de Noordzeekust, vooral wanneer ze bij zware storm uit koers geraken. In de winter vind je ze in de planktonrijke zeeën voor Afrika en Zuid-Amerika.

Het mooie gedicht ‘Een zwemmer is een ruiter’ van de Vlaamse dichter Paul Snoek eindigt met de bijna religieuze versregels ‘Zwemmen is een beetje bijna heilig zijn’. Of heidens? De rosse franjepoot is in de Duits taal Thorshünchen en de grauwe franjepoot Odinshühnchen. Thor en Odin (Wodan) waren goden uit de wereld van de Vikingen en de Germanen: die wereld met vele heidense en later christelijke mysteriediensten. De mythen en sagen uit de godenwereld leven ook nog in Nederlandse uitdrukkingen voort. Odin, de Germaanse oppergod had twee raven of kraaien. Ze heetten Huginn en Muninn wat respectievelijk gedachte en herinnering betekent. Jawel, wijsheidsraven (of kraaien) waren het! En ze vlogen uit om alles te zien en te horen en wanneer ze terugkeerden vertelden ze wat ze hadden gezien en gehoord en dit herkennen wij van de Zuid-Nederlandse (Vlaamse) uitdrukking: ‘Al moeten de kraaien het uitbrengen’ of ‘Al zouden de raven het uitbrengen’.

Schrijver: Johan Corveleijn, 19 nov. 2020


Geplaatst in de categorie: natuur

3,7 met 3 stemmen 39



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)