Inloggen
voeg je column toe

tabblad: columns

< vorige | alles | volgende >

column (nr. 2067):

DE SNEEUWVINK

De Hohe Tauern liggen in Oostenrijk, tussen Tirol, Karinthië en Salzburger Land.
Het is met tegenzin dat ik van de Edelweissspitze afscheid neem, want de ijle berglucht en het panoramisch zicht op een heldere en zonnige zomerdag is echt onvergetelijk. En ik droom even weg en koester heimwee naar de avonturenromans die ik las toen ik zestien was en waarvan ik een titel en de naam van de auteur al die tijd onthouden heb: ‘Honderd dagen in de Rocky Mountains’ van Paul Eiper. Het ging over de beruchte grizzlybeer.
Maar goed, ook hier in de Hohe Tauern blijven de Rocky Mountains metaforisch gesproken niet veraf, want met het Yellowstonepark in de ‘Rockies’ is het allemaal begonnen: in 1872 werd immers het basisidee van een nationaal park geboren en het vond wereldwijd navolging!

We komen vanuit het zuiden, de Lienzer Dolomiten, en rijden richting Salzburg naar het beroemde bergdorp Heiligenblut op de Hochalpenstrasse. Het sierlijke kerkje van Heiligenblut is bijzonder geliefd en is een pleisterplaats waar we langs de graven slenteren en mijmeren bij alpenroos en edelweiss. We zijn in het hart van de Hohe Tauern en staan als het ware aan de voet van de Grossglockner. De vele kunstzinnige kruisbeelden in het gebergte zijn een uiting van vroomheid, nederigheid, dankbaarheid en een rijke culturele erfenis.

Wanneer we even stilhouden om van die grootse natuur te genieten, horen en zien we vaak de sympathieke Murmeltiere (de alpenmarmotten), veilig nog voor de steenarend! Het hooggebergte is de heimat van de alpenkauwtjes die met hun doordringende roep en meesterlijke vliegkunst en hun vriendelijke aard ons weten te bekoren. In een muurspleet van een Hütte zijn er vogeltjes die de aandacht trekken en even de geweldige bergen doen vergeten: een paartje sneeuwvinken met jongen. Maar nu is er dus die ’mus’ die zo druk met zijn staartje wipt, maar heel wat forser is dan onze huismus. En hij tjilpt wel, maar veel heser en soms ook met scherpere kreten. De witte vleugeltekening afgewisseld met de grijze kop, bruine rug en dan die witte staart met al dat zwart in het midden en dan de alpine hellingen als achtergrond voor het kleine zangvogeltje, dat vergeet je niet! En jawel, hij heeft ook wel iets van de Sneeuwgors die ook het naakte, kale rotsgebergte verkiest met sneeuw alom, maar dan helemaal in het noorden: IJsland, Groenland, Scandinavië, Rusland en Siberië.

Sneeuwvink is een mooie naam voor een vogeltje dat tot de familie van de mussen behoort. Hij verkiest kale bergtoppen, naakte rotsen met sneeuw en ijs en trekt zich weinig aan van de ijzige wind. Hij is evenwel niet schuw en scharrelt graag in de afval nabij berghutten en gebouwen in de Oostenrijkse Alpen.
De levensbehoeften van de sneeuwvink zijn groot en vragen letterlijk veel ruimte. Wanneer er jongen zijn, vliegen de vogels kilometers ver. Het leven in het hooggebergte en boven de boomgrens is immers erg wisselend en het weer speelt een grote rol: hevige sneeuwval, het al dan niet vlugger smelten van de sneeuw, bewolking in de dalen, nevel en mist, felle vorst. In volle winter zoeken de vogels voedsel op plaatsen waar de sneeuw is weggeblazen door de wind: op bergruggen, bergkammen, in spleten en op plateaus, in firnvelden (firn: korrelige sneeuw in het gebergte) aan de voet van een gletsjer. Het moet wonderlijk zijn, die kleine zangvogels te zien vliegen in de dwarrelende sneeuw boven de bergruggen. Een zwerm sneeuwvinken heeft wel een hele bergketen nodig om op de wijdverspreide voedselplaatsen het nodige te vinden.
Het is met tegenzin dat ik van die woeste wereld afscheid neem!

Schrijver: Johan Corveleijn
28 aug. 2020


Geplaatst in de categorie: natuur

5,0 met 1 stemmen 57



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)