start toeval vragen forum links zoek contact gastenboek inhoud

Categorieën:

actualiteit (129)
adel (13)
afscheid (115)
algemeen (329)
bedankt (25)
biologie (13)
dieren (237)
discriminatie (38)
drank (48)
economie (22)
eenzaamheid (178)
emoties (167)
erotiek (68)
ex-liefde (63)
familie (107)
feest (38)
film (3)
filosofie (136)
fotografie (6)
geboorte (23)
geld (32)
geschiedenis (28)
geweld (45)
haiku (4)
heelal (38)
hobby (28)
humor (376)
huwelijk (40)
idool (42)
individu (59)
internet (29)
jaargetijden (53)
kerstmis (77)
kinderen (170)
koningshuis (21)
kunst (48)
landschap (15)
lichaam (39)
liefde (256)
literatuur (351)
maatschappij (151)
mannen (34)
milieu (12)
misdaad (118)
moederdag (11)
moraal (97)
muziek (40)
natuur (90)
oorlog (107)
ouderen (16)
ouders (37)
overig (128)
overlijden (75)
partner (55)
pesten (28)
planten (13)
politiek (50)
psychologie (105)
rampen (55)
reizen (132)
religie (143)
schilderkunst (20)
school (61)
sinterklaas (17)
sms (5)
songtekst (1)
spijt (26)
sport (80)
sterkte (2)
taal (42)
tijd (54)
toneel (10)
vaderdag (1)
vakantie (83)
valentijn (4)
verdriet (86)
verhuizen (13)
verjaardag (17)
verkeer (39)
voedsel (45)
vriendschap (82)
vrijheid (59)
vrouwen (87)
welzijn (52)
wereld (35)
werk (94)
wetenschap (18)
woede (61)
woonoord (87)
ziekte (147)

tabblad: verhalen

< vorige | alles | volgende >

verhaal (nr. 6030):

Dichtersleed 4

Waar het dichtersleed is en wie de steeds opduikende DDD is, staat enigszins cryptisch in de voorgaande delen van Dichtersleed verwerkt. Over wat de Lezersclub (hieronder) precies doet, geef ik even dit geheugensteuntje:

Een panel van belezen lieden screent mijn teksten voordat ze eruit gaan. Inderdaad zelfcensuur. Zij (en ik) lezen daarnaast de commentaren, die in de commentaarvensters bij mijn stukjes terechtkomen. Deze zijn regelmatig interessanter dan wat ik zelf produceer. Inspiratie als bijvangst, zeg maar.

Onbedoeld weliswaar, creëerden sommige inzenders van recensies een nieuw typetje van zichzelf. DDD bijvoorbeeld. Hij bestaat natuurlijk niet echt; hij is fictief, maar... hij is er wel degelijk. Met DDD werd oorspronkelijk een grote hond, een Bastaardmastif, aangeduid. Officieel heette hij Pukkie, maar om voor de hand liggende redenen werd hij in mijn wijk de Dikke Drollen Draaier genoemd. Drollen, Mastif… stel er maar wat bij voor. In “DDD Dierendag” kon u lezen wat Pukkie’s favoriete bezigheid was: giga-bolussen deponeren in een voortuin. Opgelucht verliet hij daarna de tuin weer, zeker als de bewoner met een bloemenspuit het huis uit kwam. Met de staart tussen de benen ging Pukkie er steeds tijdig vandoor om een veilig heenkomen te zoeken.

Dit is geen broekscheurend verhaal, dat de wereldgeschiedenis verandert. Ik haal het erbij vanwege de treffende gelijkenis met het gedrag van een tweevoetige tegenhanger van Pukkie: de mens DDD. Dat was de koosnaam, die de Lezersclub hem gaf: de Drammende Dichtende Dominee. Dat behoeft weinig uitleg, want hij dramde, hij dichtte en hij sloeg een prekerig toon aan. Ook deze DDD ontlastte zich van wat hem dwarszat door zijn innerlijke roerselen op het internet uit te drukken. We komen hem tegen in allerlei commentaarvensters. Als iemand hem vraagt zijn zemelige commentaar toe te lichten, geeft hij niet thuis. DDD trekt zich terug achter zijn anonieme account en metselt zich in achter een “blokkade”, waardoor hij niet bereikbaar is. Drol achtergelaten, klaar is Kees en nu vanuit die veilige positie lekker gniffelen.

Ik kende die hele DDD niet, maar ik had het unheimische gevoel dat ik hem toch wel moest (her)kennen. Op een helder moment realiseerde ik mij dat DDD niet alleen in de commentaren voorkwam. Ik heb haar (want soms is DDD een vrouw) op een buurtstation in Amersfoort een kordate man zien aanpakken. Hij loosde kinderen van het spoor het perron op (er komen daar vier keer per uur treinen langs!) wat haar stoorde. Ze nam het op voor die schatten met: “Hun mogen ook niks van jouw. Jij ben’ zelf toch ook jong gewees’?” Niet veel later stond DDD, dit keer een man, aan het hoofd van een morrende menigte in Amsterdam. Een voorbijganger raapte in een dwarssteeg van de Kalverstraat een meisje op, dat halfbewusteloos in haar eigen kots lag. Dreigend voegde DDD hem toe: “Niet mee bemoeien, meneer! Laat ‘r legge...”. (DDD’s eigen bemoeizucht telde niet mee).

Dit is uit eigen waarneming, maar politie, ambulancemedewerkers en hulpverleners in het algemeen kennen dit fenomeen. In een vorige deel kwam aan de orde dat deze dwarse houding sinds eeuwen een onhebbelijkheid is van ons volk (de filosoof Spinoza daarover in de 17-de eeuw!). De herinnering aan “een klein volk, maar met een grote scheur” wordt levend gehouden door Nederlandse vakantiegangers in het buitenland en anders wel door onze eigen voetbalvandalen. Er is zoveel om wel trots op te zijn, maar dan is er opeens dat rapport, dat meldt dat Nederlandse kinderen hun Europese leeftijdgenoten (puberleeftijd) ver achter zich laten met op het internet tieren, schelden, liederlijk taalgebruik en pesten. Onbehouwenheid en een automatisch verzet tegen alles wat boven het maaiveld uitkomt, lijkt in de genen te zitten. In dat licht past een bezoek, dat DDD mij bracht door zijn commentaar achter te laten bij een hekelstuk. Toen bleek, dat hij niet vertrouwd is met dat genre (ironie dus), maar dat terzijde. Het meest in het oog springend was echter die onhebbelijke gewoonte om het zogenaamd op te nemen voor de zogenaamd zwakkere. Het lijkt politiek correct, maar het is gewoon obstinaat.

Ongewild toonde hij een geestige kant. In ironische verhalen van mij passeerden moordlustige dictators, echtbrekers, oplichters, vadermoordenaars, fraudeurs en nog wat parels uit de maatschappij de revue. Waarschijnlijk liet ik mij daar niet zo positief over uit. Kijk, dat was natuurlijk stom van me… want dan kom je DDD op je pad tegen. In een reflex schreef hij een commentaar waarin hij zich begaan toonde met door mij aan de schandpaal genagelde personages. Bestraffend wees hij mij erop, dat ik mij rechtstreeks tot hen had moeten richten, omdat “dat transparanter was” (citaat).

Het is moeilijk zo iemand serieus te nemen. Mijn zwakte is, dat ik dat toch doe. Ik besloot als reactie op zijn commentaar hem een toelichting te vragen, want zomaar wat rondroepen is niets. Ik heb geprobeerd uit te leggen, dat zijn suggestie onmogelijk was op te volgen, omdat het gros van de door mij besproken personen zou moeten worden opgegraven. Denk aan Hitler, Djengis Khan en wat Romeinse keizers. En wat de rest betreft… Hoe kom ik aan het postadres van bijvoorbeeld Kim-Il Jong en Eppie Erdogan. Maar zoals met meer ongemakkelijke lieden het geval is… met zulke scherts worden ze pas echt boos! De beloning die mij ten deel viel was een gedichtje met deze opmerkelijke tekst: “Blah-blah-blah”.

Ik ben niet echt thuis in Dichtersland, maar dit juweeltje getuigde van echt Dichtersleed, een voorwaarde om goede gedichten te schrijven. Het compliment dat dit het beste was dat ik ooit van hem had gelezen, kon hij niet waarderen. DDD's verheffende teksten waren plotseling verdwenen uit de commentaarvensters. Maar ook mijn reacties daarop waren verwijderd. Dit gaf mij de leerzame sensatie, zoals schrijvers in Turkije die tegenwoordig ervaren. Floep… tekst weg door censuur. Ik beschouw het maar als een nuttige oefening in nederigheid, maar ook dankbaarheid was op zijn plaats. Zo'n wonderlijk creatuur als DDD zou ik toch nooit kunnen verzinnen.

Hij vond zichzelf uit!

Schrijver: harrem, 21-11-2016




balBiografie van deze schrijver





Geplaatst in de categorie: humor

Deze inzending is 82 keer bekeken

5/5 sterren met 2 stemmen.



Er zijn 2 reacties op deze inzending:

Naam:harrem
Datum:01-01-2017
Bericht:K.J.: ik had nog steeds willen reageren. Bij deze:

Wat ik ontmoedigend vind, is dat ik soms word aangeklampt met de mededeling “ik snap er geen snars van”. Mijn eigen clou uitleggen is funest voor een vertelling. Zoiets doe je niet en dus blijft het onbevredigende gevoel over dat ik onduidelijk schrijf. De vraag is dan: voor een enkeling of voor iedereen? Adequate feed back geeft het antwoord.

Het stelt me daarom gerust dat bij jou de tekst blijkbaar overkomst zoals door mij bedoeld. Dat geeft de burger weer moed. Ongeacht of een verhaal bevalt of niet bevalt, is het prettig te vernemen dat het in ieder geval aankwam zoals het hier uit de pen vloeide. Daar heb ik wat aan...

Naam:Karel Jong
Datum:21-11-2016
Bericht:Prima verhaal, pittig genoteerd, fijn gelardeerd met ironie en helaas tot nadenken stemmend.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)