start toeval vragen forum links zoek contact gastenboek inhoud

Categorieën:

actualiteit (130)
adel (13)
afscheid (115)
algemeen (329)
bedankt (25)
biologie (13)
dieren (237)
discriminatie (38)
drank (48)
economie (23)
eenzaamheid (178)
emoties (167)
erotiek (68)
ex-liefde (63)
familie (107)
feest (38)
film (3)
filosofie (136)
fotografie (6)
geboorte (23)
geld (32)
geschiedenis (28)
geweld (45)
haiku (4)
heelal (38)
hobby (28)
humor (376)
huwelijk (40)
idool (42)
individu (59)
internet (31)
jaargetijden (53)
kerstmis (77)
kinderen (170)
koningshuis (21)
kunst (48)
landschap (15)
lichaam (39)
liefde (256)
literatuur (351)
maatschappij (151)
mannen (34)
milieu (12)
misdaad (119)
moederdag (11)
moraal (97)
muziek (40)
natuur (90)
oorlog (107)
ouderen (16)
ouders (37)
overig (128)
overlijden (76)
partner (55)
pesten (28)
planten (13)
politiek (50)
psychologie (105)
rampen (55)
reizen (133)
religie (143)
schilderkunst (20)
school (61)
sinterklaas (17)
sms (5)
songtekst (1)
spijt (26)
sport (80)
sterkte (2)
taal (42)
tijd (54)
toneel (10)
vaderdag (1)
vakantie (83)
valentijn (4)
verdriet (86)
verhuizen (13)
verjaardag (17)
verkeer (39)
voedsel (45)
vriendschap (82)
vrijheid (60)
vrouwen (87)
welzijn (53)
wereld (34)
werk (94)
wetenschap (18)
woede (60)
woonoord (87)
ziekte (147)

tabblad: verhalen

< vorige | alles | volgende >

verhaal (nr. 6036):

Dichtersleed 6

Machteld, onder wier plak ik vele huwelijksjaren zucht, pakte pas zo uit: “Dat gaat maar door, hè? Blijf je over dichtersleed schrijven?”. Ik heb haar uitgelegd, dat de serie slechts een kapstok is om onderwerpen aan op te hangen. “Kapstok? Pas op, dat je jezelf er niet aan ophangt" maande ze mij, gevolgd door "Als je hangen zo leuk vindt, maak dan eens een lekkere cliffhanger!” Dit opbeurende gesprek leverde meteen iets concreets op voor het volgend stukje.

Goed of slecht, leuk of niet leuk, de serie Dichtersleed doet wat niet eerder werd vertoond. Gangbaar is dat ingezonden stukken door lezers worden becommentarieerd. Hier worden de zaken omgedraaid… Voor het eerst komen recensenten in de schijnwerpers te staan. Commentaarvensters, waarin het soms een orgie van prijsschieten is, vormen een bron van inspiratie voor mij. Vooral als criticasters gemankeerde schrijvers zijn. Die zien - bij gebrek aan eigen productie - hun kans schoon om zo iets gepubliceerd te krijgen. “Mik de eerste de beste oprisping maar in een commentaarvenster!” is de gedachtegang van Taaie Tinus. U weet wel, dat gewaardeerde lid van mijn Lezersclub. Zijn mantra is: "Schrijven is schrijven; het maakt niet uit op welke plaats". Van hem is de tekst op het nieuwe Hema-lucifersdoosje. Net afgestudeerd van die tienmaandse LOI- cursus copywriting en meteen een opdracht! Dus hij kan het weten.

De in deze serie rondwarende windhoos DDD vormt een klasse apart. Naar dit personage is de DDD-categorie (niet te verwarren met grote cupmaten) genoemd. Daaronder vallen inzenders van ongemakkelijke commentaren. Ze lijken op Twitter te zijn getraind om zich met maximaal 140 tekens te buiten te gaan. De behendigheid waarmee ze in een vergelijkbare gemoedsgesteldheid frustraties neerpleuren in commentaarvensters wijst op Faecesbook-ervaring.

In Dichtersleed 5 heeft Tinus dit fenomeen uitgewerkt: hij vergeleek de reacties van niet-geamuseerde bezoekers van een cabaretvoorstelling met de reacties van chagrijnige recensenten. Hij bedacht, dat het logisch is omgekeerd hen van commentaar te voorzien. Vooral de recensies, die eigenlijk een schreeuw om hulp waren, zo van "in godsnaam lees mij alsjeblieft". Tinus' theorie is, dat wie creatief is vastgelopen met eigen werkjes, zijn heil zoekt in het vervuilen van commentaarvensters: zich lekker uitleven ten koste van... Voor zijn onderzoek heeft Tinus teruggebladerd in recensies van de afgelopen jaren. Daarbij maakte hij een selectie van de meest agressieve reaguurders, allemaal DDD-adepten. Op een schaal van 1 tot 5, is hun score 4. Bij 1 drink je genoeglijk een borrel met die persoon, maar bij 5 krijg je zelfmoordneigingen.

Lezers vonden altijd wel iets in mijn teksten om zich aan te ergeren en zo hoort dat ook: wakker schudden die hap! Het hoogtepunt (tegelijkertijd dieptepunt) is natuurlijk de aanklacht van het Openbaar Ministerie tegen mij wegens smaad en laster. De persoon erachter, ene Tudje of Trudje, leed aan een heftige humordeficiëntie. Maar zo zijn er in de DDD-categorie meer loslopende knorrepotten. Je hoeft geen dieptepsycholoog te zijn om hun verborgen leed te herkennen. Gehavend door het leven, geteisterd door hun baas en gecastreerd door het tirannieke vrouwtje of mannetje, moeten ze onderdrukte agressie en woede ergens kwijt. Welbeschouwd waren mijn provocerende stukjes eigenlijk Sint Petrus Liefdewerk, want daardoor konden ze zich lekker uitleven.

Taaie Tinus heeft die mieze teksten vergeleken met de persoonsbeschrijving bij hun account. Wat bleek? Soms presenteren reaguurders zich met een aandoenlijke foto. Met hond, kat of kind (dat om de twee weken bij gescheiden papa een weekend logeert). Puur Dichtersleed dus. Het contrasterende vileine venijn, dat ze uit het toetsenbord rammelen, wordt gedemonstreerd in de casus Chaka. Het verhaal over Chaka kan een driejarige bedenken: hondje bijt iemand. Waarom? De reden, de clou school in een laagje dieper van het verhaal. Dat werd een aanslag op de breinen van sommige reaguurders.

Chaka’s verhaal met de titel "Hapkuiten" leidde tot een show van haperende woedebeheersing. In 2010 stond het op twee schrijverssites, waarvan er een ter ziele is gegaan. Op schrijverssite I staat het er inmiddels zes jaren. Nog nooit bleef er - happend naar lucht – een lezer in... Op die verdwenen schrijverssite II ging het echter wel mis. Het verhaal ontlokte hilarische gedachtewisselingen, die anderen op het idee brachten om ook maar een steen op te pakken om mee te gooien. Op zichzelf beroert het me niet of iemand het Chaka-verhaal wel of niet goed vindt. Als men zich enigszins heeft vermaakt… wel, dan is mijn doel bereikt. Als een ouderwetse degelijke steniging even afleidde van dagelijkse beslommeringen, dan had ik dat toch maar voor elkaar gekregen. Hier is een tevreden mens.

Heet dat geen “ironie van het noodlot” als juist overgekookte reacties aantonen, dat de tekst bepaalde personen heeft geraakt? Wat wil een zondagsschrijver nog meer? Nou, misschien het volgende:

Wat er vervolgens gebeurde leek op een practical joke (hoewel zo niet bedoeld) van het duo Koot en Bie. In januari 1984 begroeven ze tijdens een tv-uitzending een briefje van 1000 gulden in de bossen bij de Piramide van Austerlitz. Direct na de uitzending spoedde zich een doorgeslagen menigte kijkers naar de Utrechtse Heuvelrug, waar zich de Piramide bevindt. Als goudzoekers tijdens de Goldrush ploegden zij verhit de kwetsbare bosgrond om. Maar vooral demonstreerden ze een collectief gebrek aan gevoel voor ironie. 

Een aantal van die slimbo’s schijnen ze te hebben gekloond, want een kwart eeuw later stuurden hun vrijwel identieke nakomelingen mij boze recensies. Daarin beloofden ze bijtertje Chaka de gruwelijkste martelingen. Voor mij was nog enige redding als ik bepaalde aanbevolen psychotherapieën zou ondergaan.

Kortom, de hele clou van het verhaal was hen tijdens hun langdurige driftbui volledig ontgaan. Dat bijtincident onthulde een geheim, maar ik wilde niet zo ver gaan, dat ik dat ging uitleggen. Kort daarop plaatste ik het enige gedicht, dat ik ooit (buiten Sinterklaasrijmelarij) heb geschreven. Die tekst kwam tegemoet aan de roep om wraak en bloedvergieten. Hoe daarop werd gereageerd tart iedere beschrijving.

Lieve Machteld… dan heb je hier je cliffhanger.

Schrijver: harrem, 04-12-2016




balBiografie van deze schrijver





Geplaatst in de categorie: humor

Deze inzending is 68 keer bekeken

4/5 sterren met 1 stemmen.



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)