nederlands.nl
Gebruikersnaam of e-mail:  Wachtwoord:    Registreren
















Top-5 beschouwingen:

1.
2.
3.
4.
5.


Categorieën:

actualiteit (93)
adel (1)
afscheid (3)
algemeen (19)
bedankt (3)
dieren (8)
discriminatie (8)
drank (6)
economie (11)
eenzaamheid (13)
emoties (16)
erotiek (2)
ex-liefde (1)
familie (8)
feest (6)
film (16)
filosofie (115)
fotografie (6)
geld (5)
geschiedenis (9)
geweld (3)
haiku (1)
heelal (22)
hobby (3)
humor (23)
huwelijk (1)
idool (971)
individu (4)
internet (5)
jaargetijden (6)
kerstmis (8)
kinderen (19)
koningshuis (7)
kunst (38)
landschap (3)
lichaam (3)
liefde (32)
literatuur (495)
maatschappij (70)
mannen (2)
milieu (7)
misdaad (17)
moraal (18)
muziek (412)
natuur (19)
oorlog (16)
ouders (1)
overig (11)
overlijden (20)
partner (2)
pesten (4)
politiek (44)
psychologie (46)
rampen (5)
reizen (13)
religie (118)
schilderkunst (76)
school (5)
sinterklaas (4)
sms (1)
snelsonnet (1)
spijt (2)
sport (15)
taal (20)
tijd (26)
toneel (3)
vakantie (5)
verdriet (6)
verhuizen (1)
verkeer (6)
voedsel (3)
vrijheid (17)
vrouwen (10)
welzijn (13)
wereld (20)
werk (13)
wetenschap (25)
woede (4)
woonoord (5)
ziekte (31)


gedichten.nl


Garnier Projects





tabblad: beschouwingen

< vorige | alles | volgende >

beschouwing (nr. 2096):

De grootste inspirator van Arthur Rimbaud

(voor Alphonse Louis Constant (1810 - 1875))

Je bent geboren op 8 februari 1810 in Parijs. Je was de enige zoon van een schoenmaker. Je was intelligent en je leerde snel. Dankzij de abt J.B. Hubault Malmaison kon je naar school en op je vijftiende ging je naar het Klein Seminarie van Saint-Nicolas van Chardonnet om voor priester te studeren. Door een uitspraak van abt Frère-Collona over dierlijk magnetisme bij mensen begon je alles over magie en occultisme te lezen. Op je 20-ste ging je naar het Seminarie van Issy en studeerde je twee jaar filosofie. Daarna studeerde je theologie aan het Seminarie van Saint-Sulpice. Je werd subdiaken en je gaf catechese. Via je moeder ging je de jongedame Adèle Allenbach beschermen en onderrichten. Je werd verliefd op haar en op 19 december 1835 werd je diaken.

In juni 1836 verliet je het seminarie voorgoed, waardoor je moeder zelfdoding pleegde. Je wilde bij de Trappisten intreden, maar je vrienden wisten dat te beletten. Je zat een jaar in een pension bij Parijs en daarna ging je met een vriend naar de Provence, waar je vriend als artiest rondreisde. Je raakte bevriend met Flora Tristan, de oma van Paul Gauguin. Samen met Alphonse Esquiros werkte je voor het tijdschrift 'Les Belles Femmes de Paris' en je ontmoette Honoré de Balzac. In het klooster van Solesmes bestudeerde je het gnosticisme, asceten als Cassianus, het mysticisme en madame Guyon.

In 1839 verscheen je boek 'Le Rosier de Mai' en je verliet het klooster. Je werd bewaker in het College van Juilly en je publiceerde 'La Bible de la liberté', waardoor je acht maanden naar de gevangenis van Sainte-Pélagie moest, waar je slecht behandeld werd. Je las Emanuel Swedenborg en een rijke vriendin van Flora Tristan, madame Legrand, bezorgde je voedzame maaltijden. Na je vrijlating woonde je in de pastorie van Choisy en schilderde je 'La Mère de Dieu' in de kerk. Onder de schuilnaam abbé Beaucourt zat je in het seminarie in Evreux. Op je 34-ste ging je naar Parijs en zag je Flora terug, die enkele maanden later door buiktyfus overleed. Ze werd 41. Je woonde een jaar bij madame Legrand in Guitrancourt. De schrijver Silvio Pellico inspireerde je tot een vredesmanifest. Je verdiepte je in het saint-simonisme en het fouriérisme, je componeerde liederen en je illustreerde twee boeken van Alexandre Dumas.

Adèle, inmiddels actrice, bezocht je vaak en ze had grote bewondering voor jou. Met je vriend Charles Fauvety stichtte je het maandblad 'La Vérité sur toutes choses'. Je kreeg een relatie met Eugénie Chenevier, onderdirectrice van het Instituut Chandeau, en op 29 september 1846 kregen jullie zoon Xavier Henri Alphonse Chenevier. Een Chandeau-bewoonster, Marie-Noémi Cadiot, werd verliefd op jou en je ging met haar samenwonen. Omdat ze minderjarig was, eiste haar vader een huwelijk, wat op 13 juli 1846 gebeurde. Je werd veroordeeld voor je pamflet 'La Voix de la famine', waarvoor je zes maanden in de gevangenis zat. In september 1847 werd jullie dochter Marie geboren. In 1854 overleed zij, wat je gebroken heeft. Je las Knorr von Rosenroth, Boehme, De Saint-Martin, Fabre d'Olivet, Chaho en Görres.

In 1851 begon je aan 'Dogme et Rituel de la Haute Magie', wat je in 1854 voltooide. Je noemde jezelf voortaan Éliphas Lévi. Marie-Noémi verliet jou voor de markies de Montferrier. In 1854 werd je door Sir Edward Bulwer-Lytton ingewijd in de Rozenkruisersorde. Je deed een seance, waarbij de geest van Apollonius van Tyana verscheen. Je schreef over de Kabbala en je ontmoette vele occultisten en alchemisten. Op 14 maart 1861 werd je Vrijmetselaar en enkele maanden later al Meester. In 1867 brak je voorgoed met Eugénie. Je gaf les in de occulte wetenschappen aan de hoge aristocratie. Je vond in Duitsland een gratis onderkomen bij je leerlinge Mary Gebhard. Je kreeg bronchitis, ademnood, koorts en de olifantsziekte. Je ontmoette Victor Hugo, die je werk prees. Op 31 mei 1875 overleed je. Je werd vijfenzestig jaar en je bent begraven op het Cimetièry d'Ivre.

Schrijver: Joanan Rutgers, 02-08-2014


Geplaatst in de categorie: idool

Deze inzending is 46 keer bekeken

1/5 sterren met 2 stemmen.


Print   |   E-kaart   |  



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

Naam:       E-mail:  

Bericht:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)









vragen  |   links  |   zoek  |   contact  |   disclaimer  |   inhoud  |   rijmwoordenboek  |   gedichten.nl