Inloggen

biografie: J.A. dèr Mouw

1863-1919

Johan Andreas Dèr Mouw  [Westervoort 1862 – Den Haag 1919] wijsgeer en dichter

Dèr Mouw studeerde klassieke talen te Leiden, promoveerde in 1890 en was daarna leraar te Doetinchem, tot een conflict over zijn ondogmatische theorieën hem in 1903 naar Den Haag deed verhuizen, waar hij zich als privéleraar vestigde.

Hij was van protestantse afkomst, maar had zich al in zijn studietijd afgewend van alle dogmatiek, zowel godsdienstig als wijsgerig. O.a. in Kritische studies over psychisch monisme en nieuw-Hegelianisme (1906) keerde hij zich met grote felheid tegen Bolland. Hij verwierp elk metafysisch stelsel als een in kennistheoretisch opzicht ontoelaatbare grensoverschrijding.

Omstreeks 1912 deed zich een ommekeer in zijn denken voor: de eigen, steeds als het enig reële erkende, geest beleed hij nu onder inspiratie van de Indische mystiek als deel van de alleen in geloof te ervaren, alle tegenstellingen in zich verenigende Algeest. Als auteur noemde hij zich van toen af Adwaita (de niet-meer-twee-zijnde). Hij schreef een groot aantal gedichten, vooral sonnetten, waarin zijn vreugde om de gevonden eenheid, zijn levenservaring en grote cultuurkennis, zijn verfijnde zintuiglijkheid en zijn hoogst persoonlijk taalgebruik zich met elkaar verbonden tot een poëzie van een geheel eigen orde.

De twee bundels Brahman (1919–1920), waarvan hij de uitgave zelf niet heeft kunnen meemaken, hebben langzaam maar zeker in ruimere kring erkenning gevonden.