Inloggen

biografie: Jules de Corte

[Deurne, 1924 - 1996]

Jules de Corte werd  geboren als vijfde kind in het gezin van Anna van Eijk en Peer de Corte, een peelwerker met socialistische idealen.
Nadat hij op eenjarige leeftijd blind was geworden bracht Jules zijn jeugd vanaf 1927 door op het Romms-Katholieke Blindeninstituut in Grave.
Daar leerde hij het brailleschrift en kreeg hij het gebruikelijke schoolonderricht aangevuld met een opleiding tot stoelenmatter en mandenvlechter.
Op eigen verzoek mocht hij deelnemen aan de muzieklessen; zo leerde hij orgel- en pianospelen. Al jong was hij organist in de R.K.-kerk te Grave.

Het vooruitzicht zijn hele leven bij de fraters te moeten blijven benauwde hem zo, dat hij in 1945 besloot het Instituut te verlaten. Toen hij in Delft verbleef bij vrienden, ondekte Jules dat hij van musiceren zijn beroep kon maken en in augustus 1945 had hij zijn eerste engagement.

Vijftig jaar en een carrière later, een half jaar vóór zijn overlijden, heeft hij dat feit te midden van vrienden in zijn woning te Helenaveen feestelijk herdacht.
In die vijftig jaar maakte Jules de Corte zeer veel liedjes, trad hij op voor radio, televisie en in theaters, speelde en zong hij tientallen grammofoonplaten en één CD vol met zijn muziek en liedjes. Hij publiceerde een aantal boeken met gedichten, verhalen en filosofische overpeinzingen.


Ruim twaalf jaar lang was Jules de Corte ook dagelijks gedurende één minuut te beluisteren via de 'Cortefoon', een gesubsidieerde telefonische luisterlijn met actuele commentaren.

Jules de Corte schreef meer dan 3000 liedteksten. De kern van zijn nalatenschap is bijeengebracht in Ik zou weleens willen weten. Deze ruime keuze uit het op geluidsdragers geregistreerde werk, aangevuld met minder bekende teksten, geeft een goed beeld van een man die bewust en kritisch leefde in een eeuw vol veranderingen. Jules de Corte was een scherpzinnige observator, een kritische denker, maar ook en vooral een zachtmoedige dichter en een briljant componist.

Zijn oeuvre werd bekroond met de Visser Neerlandia-prijs, de Louis Davids-prijs, de Gouden Harp en de Edison.
Hij was lid van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde.