Mizerie-mensen
Ik heb u lief, mizerie-mensen,
Die geen genoden werdt
Van 's levens blij festijn,
Die te onverschillig zijt, om iemand kwaad te wensen,
Te bitter, om nog goed te zijn.…
Bidden is niet enkel knielen;
’t Is in ’t huis van onbeminden
En in grauw mizerie-zielen
Veel verborgen liefde vinden.
Bidden is de bittere dingen
Met een zacht gezeg vergoeden;
’t Is doorheen zijn tranen zingen
En in alles ’t schoon vermoeden.…
I
Ik heb u lief, mizerie mensen,
Die geen genoden werdt
Van 's levens blij festijn,
Die te onverschillig zijt, om iemand kwaad te wensen
Te bitter, om nog goed te zijn.
Ge zijt een godslamp van de kerke,
In wier karmijnen hert
Wat olie wordt gedaan,
Te luttel, om in vlammen op te vlerken,
Te veel, om er van dood te gaan.…