braambos
daalde met je af
in stenen tafelen
gaf je wat ik dacht
ik zag de piramides
zwoegde steen op steen
om zo de hemel te bereiken
maar Mozes vond de weg
door alle plagen heen
je orakelde de Grieken
gaf Vestaalse maagden weer
hun lach en in de dorische
verzuiling kregen spelen
steeds meer mensen in hun macht
je christende…
de gids loodst mij
langs dorre doodsbeenderen
en frescobloemen
hij laat
uit een nis duif
en olijftak vliegen
hij leeft
tussen alpha en omega
gelooft wat hij ziet
tersluiks raak ik
de vaderen aan en schrik
als ze uiteenvallen
en de seminarist
rustig zegt: zij zullen de ogen
opslaan in het paradijs
jaja mompel ik…
Steeds vaker hoor ik de laatste tijd mensen zeggen dat we al goden zouden zijn en dat we alleen nog maar het goede en het goddelijke in onszelf hoeven te ontdekken om gelukkig te worden. Soms beschouwen ze dat als dé ontdekking van hun leven en putten zij er tijdelijk veel inspiratie uit. Maar beseffen deze mensen eigenlijk wel waarover ze het hebben…