Jij klein, kwetsbaar kindje
Je hebt zoveel verdriet
Je traantjes dapper slikkend
Zodat niemand deze ziet
Verschuilt je in een hoekje
Voelt je zó alleen
Bang voor rake klappen
Kijk je schuchter om je heen
Je weet niet wat je fout doet
Een woord of juist weer niet
Je loopt stilletjes op je teentjes
Angstig hopend op wat krediet…
je verijsde in je jeugd
de permafrost duurde
een half leven waarin je
niets kon geven of ontvangen
liefdeloos zonder verlangen
warmte kon je niet
bereiken in het grijze
licht van fijne sneeuw
zodat het zicht op enig
toekomst werd gemist
zacht ontlook de lente
in je koude huid
mijn vingers dooiden
ijs dat de seizoenen brak…