Enkele medepassagiers bleven na mijn verzoek lusteloos, onverschilig en apathisch voor zich uit staren, maar een oudere, kale heer vóór mij was behulpzaam, hij draaide zich om en reageerde onmiddellijk: "De Hovel? Dan kunt u het beste in de Dorpsstraat uitstappen!" De vriendelijke heer was mijn dank waard.…
Je zei dat het harder gaat waaien
Telkens wanneer ergens een lichtje uitgaat
Dat gaf me een eenzaam gevoel
Het leek alsof jouw hele leven was verzonnen
Vaak stond ik voor je raam
Meestal bij schemerdonker
Tussen proza en vervallen poëzie
Dreef jouw slaap op wolkjes
Bij jou was alles onbeweeglijk
Geen zucht van niets geen rilling
Een eeuwig…
het onverschil, de wrok, de haat,
het heeft een naam,
't is al te laat.
o hemels wangedrocht, mijn engel der wrake, uitgewoonde snol,
o hels serpent, onmenselijk wezen vol venijn, verdorven hoer,
o slang uit diepste diepten, bron van wanhoop, dronken sloerie,
o monsterlijke helleveeg, mijn duivels ongenot, verlepte slet.…