Ik zou haar willen kennen,
deurtje in haar hoofd en zo
naar binnen. Omzichtig door
de doolhof die zij is.
Daar is een kamer vol met
alles wat zij mist. Feiten,
dagen, mensen door elkaar.
Het heeft gewaaid in haar.
Een man is hier die dood is.
Een kind dat niet bestaat.
Ik snuffel in een leven, kan
met alles niets beginnen.
Het is goed…
Hij is even terug van weggeweest.
Nu is nu en dan. Toch moet hij morgen
naar het bos, zijn hoofd ligt
nog vol hout. Een stapel zorgen
in een begroeide geest.
Bij zijn bijl, op een sprei
zoekt hij bomen in de kamer.
En te voorschijn in wit schort,
uit een deur in het lover,
komt een zoon, een jager
die hem aan tafel vraagt.
Hij knikt en…
Ik heb je lief, al kan ik het niet weten,
Ik bedenk het als je thuiskomt van een dag
in je leven. Maar het is geen gedachte.
Je streelt mijn wang en wie weet,
dat gebaar. Het wordt duizend keer gemaakt
voor het bestaat. Hangt je jas aan de kapstok,
iets van niets, maar morgen ontbreekt het
misschien. Of schudt de dag uit je haar.
Wat ik dan…