Ik ben de salamander
met krokodillentranen,
niet degene die ogen doet rollen
en kassen doet kraken.
Ik ben de omega van zichzelf,
hooguit de hoogste lat
van de onderste plank.
Ik zaai wat niet zal groeien,
wat ik hark met mijn wimpers.
Maar ik sta nog stevig op 1 teen
en vertroef liever meer dan
6 miljard kaarten
dan de ene aas die me…
Met uitgedroogde lippen
probeer ik de zon te blussen,
die sinds voortzetting overvloeide,
naast mijn voeten getekend
aan de boom, met takken als wimpers zaait.
Als vierkant wiel,
als realiteit (met masker van illusies)
beveelt zeggenschap der onzekerheid:
filter de galopperende wind,
blad van duister, blad van gif,
verwijder zijn afdrukken…
Het geluid
van de
zomerlandse nieuwe
spelend op de straten
echode diep
in mijn leegte.
Dezelfde ruis
als die van
onder de gloed
van schijnend zijden
toen de zon
van het land langs
”de laars” zich
vermengde met het
onweer van mijn
dromenland.…
Lang nadat mijn ziel
langs de
vingertoppen van het
hiernamaals kroop,
ontdek ik dat achter
de kinderen van
ons wakker bestaan
bloed doorzet
en onder ons vredig komt
van ‘s morgen goud tot
schaduw’s laat.…