Zijn zilveren staart sleept over de grond:
een gewonde vlinderrog. Boven het water-
oppervlak trekt een visser hem moeizaam op.
Het touw rukt aan de snede in mijn hand.
Om de illusie te beamen, springt hij nu
en dan in de lucht, leunt op een onzichtbaar kussen
dat ik betoveren wil en keert terug
naar zijn eigen striemen in het zand.
Mijn…
Liefst hoor ik het geritsel van kleren
als zij opnieuw de vorm aannemen
waaruit liefde hen gedurende uren verdreef.
En buiten: de kou die de bakstenen roder maakt,
de kinderen dichter bij elkaar doet kruipen.
Liefst hoor ik het geritsel van kleren,
als de slaap zich langzaam aan onze ogen onttrekt
en de glazen toekijken hoe het licht
zich…
Zo gaat het, zo ging het en zo zal het altijd gaan.
Afspreken in cafés op de sluitingsdag.
Aan de verkeerde zijde van bruggen staan.
Tussen duim en wijsvinger, als brandende as,
het fout begrepen telefoonnummer.
Parken te nat, hotels te vol, Parijs te ver.
Liefde als een veelvoud van vergissingen.
Onbeholpen woorden als zo-even op zak en
zoveel…
Zo er iets mis mocht lopen
- maar dit zal wel niet -
krijgt u het voorschot op de wieg terug
de drukkosten van
'wij melden met vreugde'
blijven echter verschuldigd-
toen zij hijgde
met een tong witter
dan mijn gelegenheidsjas
en haar ogen rolden
waar een orgasme ze nooit gekregen had
stond het aantal chromosomen onherroepelijk vast…
De kustlijn verandert niet voor de visser
die dagelijks zijn netten uitgooit
en onder het slijk het aardewerk niet vermoedt
Het land was steeds land voor de boer
die over haaienkerkhoven heen
zijn wiede afstapt
Graniet is hard en eeuwig en zo ook het marmer
voor het kind dat metershoge
tot kiezels afgesleten rotsen
over het wateroppervlak…
Dood. Heb geen angst. Talm niet
voor mijn deur. Kom binnen.
Lees mijn boeken. In negen van de tien
kom je voor. Je bent geen onbekende.
Hou mij niet voor de gek met kwalen
waarvan niemand de namen durft te noemen.
Leg mij niet in een bed tussen kwijlende
kinderen die van ouderdom niet weten wat ze zeggen.
Klop mij geen geld uit de zak
voor…
De wandelaar hijgt. Bij het achterlaten
van niets heeft hij ervaren hoe alles blijft.
Langs de jaren voordien ging zijn tocht.
Wat tot bedaren werd gebracht,
als met water besprenkeld stof, wordt herdacht.
In over elkaar gelegde landschappen
vindt hij één voor één iedereen terug.
Alleen: omkeren naar zichzelf kan hij niet.
----------…