Ik ben beplakt met kleine spiegeltjes.
Ik dans als een strandbal rond.
Ik kan oogverblindend zijn.
Wie naar mij kijkt denk mij te zien.
Wie naar mij kijkt die ziet zichzelf.
De eigen monsterlijk vervormde grimas.
Wie van mij wegrent jaagt zichzelf weg.
Ik ben beplakt met kleine spiegeltjes.
De randen snijden in mijn eigen vlees.
Ik…
Geruisloos zak ik in mekaar
als een droog geworden zandbaktaart
en niemand
die met welgevormde klamme handen
mij terug in mijn vorm kan slaan.
------------------------------
uit: 'Pritt.stift.lippe', 2004…
Een plas aarde ligt te deinen en te dampen in de zomerzon.
Langs mij heen varen zerken, platte trage aken,
het kruis een scheve mast.
Er staat geen wind, het is de zandgrond zelf
die langzaam verder schuift.
Waarheen de reis gaat, wil ik vragen.
Er komt geen antwoord.
Zittend op de kaaimuur van deze vreemde zondagmiddag
zie ik hen een…