De eenzame trams van Amsterdam
(het kreunen en het knarsen van)
waarin iedereen zich groter voordoet dan hij is,
tevens zich zo klein maakt als maar kan.
Het ijzer van de lege wielen, fluitend bijna
door stokoude bochten, verspreide vrees;
wie wakker schrikt herinnert zich allicht
de nachten van weleer, de jacht op mensenvlees.
Kletterend…
Stralend-witte vader,
in een snorrende wolk hommels
op de aarde neergedaald.
Lieve moeder in het groen gelegen,
brandende van boterbloemen;
bunkers.
Zing ik als de kindren zongen,
bommen, bommen, goede bommen,
op de aarde neergedaald.
---------------------------------------------------------
Uit: 'Duizenden zonsondergangen', 1972.…