De tijd heeft zich weer gestaag een weg gebaand door de zwarte brij van de nacht. De eerste tere zonnevlekken dwarrelen speels over de vloer, als vlinders in een rondedans, stofjes dwarrelen in een niet te stuiten spel, opstijgend naar de welkome warmte. De ragfijne zachte gordijnen wiegen en bollen in het zachte briesje dat door het open raam naar…
Je was een man, een vader, een zoon,
Je was er, heel gewoon
Je was er altijd voor je gezin
Niemand zag daar iets bijzonders in.
Toch hebben wij het steeds geweten
Wij zullen het nooit vergeten
Je was een goede man, een vader, een zoon
Je was er, heel gewoon
Je was.
Wat zullen wij je missen…
Gedichten wonen
uit geboorte
in een glazen huisje.
Daarom kijken ze nu
zo vanzelfsprekend naar buiten
vanuit hun doorzichtige woning.
Elk gedicht heeft zijn eigen
voor één bestaan
wakker geworden wijsheid;
dit bijvoorbeeld
dat een vers nooit
stenen zal gooien.
Het is zelf maar
zo kwetsbaar
gehuisvest.
--- - - - - -- - - --…
Calabó y bambú.
Bambú y calabó
El Gran Cocoroco dice: tu-cu-tú.
La Gran Cocoroca dice: to-co-tó.
Es el sol de hierro que arde en
Tombuctú.
Es la danza negra de Fernanco Póo.
El cerdo en el fango gruñe:
pru-pru-prú.
El sapo en la charca sueña:
cro-cro-cró.
Calabó y bambú.
Bambú y calabó.
Rompen los junjunes en furiosa ú.
Los congos…