Ik zie het blad
het dwarrelt
opgetogen door de wind
vrolijk achtervolgd
door het spelend kind
een lieflijk tafereel
een stille getuige
ik ben er niet bij
toch neem ik deel
maar zonder mij
Ik ben vroeger
ik was nu
voorbij is het heden
alles is weer teruggedraaid
ik leef in het verleden
Het kind in mij
komt wellicht later
de jeugd…
Naklinkende klanken
In een stille duisternis
Capuchon over het hoofd getrokken
Kijkend in de dichte mist
Yucca’s bieden niet genoeg bescherming
Kou is te sterk voor jou
Raadselachtige verschijningen
Overal om je heen
Omsluiten je, je gilt het uit
Niemand is graag alleen…
Je vingertoppen raken zachtjes die van mij
Je gezicht nadert het mijne
We draaien langzaam om elkaar heen
Maar kunnen een botsing niet vermijden
Toch proberen we dat idee, rustig uit te stellen
En rekken heel voorzichtig tijd
Dit moment, wil ik eeuwig vasthouden
Maar spoedig besef ik, ik ben het kwijt
Ik wil niet dat dit me ontglipt
Ik…
De schoonheid slechts van binnen
Onder een
Niet glimmend
Oppervlak
Ruw
Wachtend op aandacht
Van degene
Die je mooi zal maken
Je zachtjes zal bewerken
Je natuurlijke schoonheid
Mooi naar voren brengt
Een glanzend aangezicht
Komt langzaam te voorschijn
Je buitenkant doordrongen,
Ben je,
Het kostbaarste op aarde,
Jij
Ruwe…
Voor haar is het wonderlijke gewoon
En het gewone wonderbaarlijk
Ze ziet de wereld als een zee
En het leven
Als een schip
Haar schip vaart uit,
Ontdekt de wereld
Zoekt de zee af
Naar geluk
Een wonderlijk leven
Een gewoon bestaan
Maar ook zij beseft
Haar schip zal ooit vergaan…