Wat in één oogopslag begon
de liefde voor mijn kind
Kan nooit gedoofd door dood
Zelfs in mijn allerhoogste nood
mijn zicht gestoord, mijn geest verblind
Zie ik Mijn Kind, Mijn Zon…
Zittend. Waar dan ook.
Stil en alleen.
Wachtend op van alles, maar eigenlijk op niets.
Luisterend naar niets.
Kijkend naar dat ene, kleine stukje nagel, dat je eraf had moeten halen.
Dus eigenlijk naar niets.
Kijk dan ook niet!
Af en toe draai je je hoofd.
Hoor je iets? Alweer.
Nee, vast niet.
Weer ingebeeld. Alweer.
Dat, waar je op wacht…