Ik heb de aarde in
Twee hutten verdeeld: een
Voor mij
En een voor mij zelf.
Als een rivier voeten
Loop ik naar de monding
Mijn woorden
Over verbrande akkers.
Het trage zilver van mijn spoor
Bevlagt de dagen tot waar
Zij heimelijk gaan:
De echo van geluidloze paarden.
-------------------------------------------
Uit: Winterrunen, 1967…
Sneeuwend tussen de lippen
Van de aarde, draag ik
Haar lichaam in mijn lichaam.
En nergens woont de mens:
De ontaarde stilte
Die genadig spreekt.
En nergens draag ik onze liefde
- Tussen groeiend puin -
Onsterfelijk als de dood.
--------------------------------------------------
Uit: 'Winterrunen', 1967.…