Ik kijk liever naar de maan
dan naar de mens.
De mens,
ik word er zó moe van.
Dat roepende, smekende,
lachende, verlangende,
niet wetende,
willen wetende
ik hou van jou zeggende,
of denkende,
op schoenen
of op eelt lopende,
van de een naar de ander rennende,
met sieraden en muziek beklede mens.
Ik kijk liever naar de maan
die altijd hetzelfde…
Ik weet de kleur waar hij het liefst op loopt
Ik weet de kleur die hij bij voorkeur draagt
Maar lopen is niet hetzelfde als slapen
en dragen niet hetzelfde als wakker worden.
Ik heb hem dus gevraagd: in welke kleur wil jij het liefste
slapen, in welke kleur wil jij het liefste wakker worden
In de kleur van jouw ogen zei hij, in de kleur…
Wakker worden in de tijd
als in de fijnste zijde.
Een ochtendvogel
doet een ijzerzaagje na.
De boormachine die je hoort
is de boormachine
van de buurman lang geleden,
tot je weet dat dat niet kan.
Er ligt een laken in de linnenkast
te wachten op een hand
die deuren opengooit, een shirt,
een broek, een handdoek zoekt,
daarbij terloops…
Dit zijn dus de foto's die ze
om ik weet niet welke reden
niet meer in een boek liet.
De meeste hebben de kwaliteit van industrieterrein -
niet bedoeld om er te zijn, als je er niet hoeft te zijn,
niet bedoeld om er te wandelen op zondag.
Juist daarom kom ik er zo graag.
Ik neem het kind dat ik niet heb
ermee naartoe.
Hier is de tijd…
Op deze dag zo grijs als haring schrijf ik je een brief waarin het waait
en meeuwen door de wind gedragen cirkels maken in de haven
touwen ijzer hout en letters blauw en wit en netten tonnen plastic
zakjes palen containers apparaten waar ik niks van snap masten
vlaggen ramen schepen overal vandaan overal geweest en ik hoef
nergens om te vragen.…
Mevrouw Julia doet de ramen open
en ze weet geen woord voor de lucht die haar wangen aanraakt
en de zon heeft de kleur van honing
en ze weet
vandaag gaat het gebeuren
en ze denkt
maar eerst blijf ik nog even staan.
- - - - - - - - - - - - - - - - - -- - - - - - - - -- - -
uit ‘Het moest maar eens gaan sneeuwen’, 2003…