Inloggen
voeg je beschouwing toe

Beschouwingen

De romanticus in jou door een non verpest

(voor Giovanni Boine (1887 - 1917))

Jij bent geboren op 2 september 1887 in Finalmarina, Savona. Als kind speelde jij op het strand, waar vissers en kooplieden werkten. In jouw jeugd woonde jij met jouw ouders Giovanni Battista Bòine en Irene Benza in Dolcedo, met de chiesa di San Tommaso apostolo. Jij ging naar de middelbare school en de muziekschool in Genua. Jij had interesse voor de werken van Antonio Labriola en in 1907 verhuisde jij met jouw gescheiden moeder en jouw broer Pietro Mario (1890, Andora) naar Milaan, waar jij naar de wetenschappelijk-literaire academie ging. Begeleid door G. Volpe bestudeerde jij de middeleeuwse ketterijen. Jouw vriend, graaf Alessandro Casati (1881, Milaan), liet jou met het tijdschrift van de katholieke modernisten 'Il Rinnovamento' samenwerken. Hij was mede-oprichter en redacteur van dit tijdschrift.

Jij analyseerde de christelijke mystici en jij had een voorkeur voor contemplatie. In het voorjaar van 1908 begon jij aan de symptomen van tuberculose te lijden. In de winter van 1908 zat jij enkele maanden in een kliniek in Zürich. Na jouw examens in juni 1909 ging jij naar Porto Maurizio. Op 20 december 1908 ging jij in 'La Voce' schrijven, opgericht door de schrijver/uitgever Giuseppe Prezzolini, getrouwd met Dolores Faconti, met wie hij twee zonen kreeg, Alessandro en Giuliano. Hij was bevriend met de dichter/schrijver Giovanni Papini, getrouwd met Giacinta Giovagnoli, met wie hij twee dochters kreeg, Viola en Gioconda. Papini was van 1912 tot eind 1913 de hoofdredacteur.

In 1910 ontmoette jij de non/novice Maria van de Karmelietessen van Porto Maurizio, die van Siciliaanse afkomst was. Jij had een geheime, gekwelde liefdesrelatie met haar, wat eindigde, toen zij naar een onbekende locatie werd gebracht, wellicht ook door de roddels. Jij hebt niets meer van haar vernomen, wat jou diep heeft verwond. Deze navrante gebeurtenis is het hoofdonderwerp in jouw enige roman 'Il peccato ed altre cose' uit 1914, verschenen bij Libreria della Voce in Florence. Het verscheen eerder in het literaire tijdschrift 'La Riviera Ligure', met als hoofdredacteur de dichter/filosoof Mario Novaro, getrouwd met Maria Tarditi, met wie hij twee zonen kreeg, Guido en Cellino. In 1910 werd jouw broer Pietro Mario bokskampioen van Noord-Italië.

In 1909 ging jij in Imperia wonen, in Porto Maurizio, waar een bronzen monument van Giuseppe Garibaldi staat, gemaakt in 1904 door Tancredi Pozzi. Jij had turbulente liefdesrelaties met o.a. de schrijfster Eva Oscarovna Kühn, die daar in haar roman 'Il frustino' uit 1932 over schreef. Zij had ook een affaire met o.a. Giovanni Papini en zij trouwde in 1907 met de politicus Giovanni Battista Amendola, met wie zij vier kinderen kreeg. Hij overleed op 7 april 1926 door de gevolgen van een moordaanslag op 20 juli 1925 door fascisten. Op 23 december 1913 verliest jouw broer zijn laatste bokswedstrijd door een onbehandelde tyfusinfectie. In januari 1914 overleed hij door de tyfus. Hij werd 23 jaar.

In een brief van 30 november 1916 aan de literair criticus Emilio Cecchi schreef jij over jouw afwijzing van interventionistische idealen en jouw totale afkeer van oorlog en militarisme. Emilio was getrouwd met de schrijfster/schilderes Leonetta Pieraccini en zij kregen vier kinderen; in 1912 Mario, die levenloos geboren is, in 1913 Giuditta, in 1914 Giovanna en in 1918 Dario. Giovanna's kleindochter is o.a. de schrijfster Margherita D'Amico. In Porto Maurizio deed jij mee aan lezingen, conferenties en debatten. Jij was ook secretaris van de openbare bibliotheek. Jij had ook een affaire met de beeldschone Maria Gorlero, de weduwe van een koetsier en de moeder van een kind, die jou zeer dierbaar was. Mogelijk de zittende jongen, waar jij op een foto naast staat. Dat is voor een grote deur en jij houdt een wandelstok vast. Zo trots en hoopvol was jij ook als kind.

Jij overleed op 16 mei 1917 in Porto Maurizio door tuberculose. Jij werd 29 jaar en jij bent in Porto Maurizio begraven. Jouw begraafplek bezocht jij ooit met jouw vriend, de uitgever Mario Novaro. In 1984 zijn de overblijfselen van jouw broer door de halfbroer Pietro Giovanni bij jou herbegraven.

Schrijver: Sir Joanan Rutgers
6 juli 2026


Geplaatst in de categorie: idool

Er is nog niet op deze inzending gestemd.aantal keer bekeken 6

Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je e-mailadres voor anderen in beeld verschijnt)