Ik staar uit over de vijver voor mij. Geniet van de stilte en de rustig rondzwemmende zwanen. Ik zie een reiger op de top van een reusachtige boom als verstijfd uitzien over de wereld.
De zon gaat langzaam onder en zorgt daardoor voor een atmosfeer die de rust in mij nog verder doet toenemen.
Ik sluit de ogen en laat mijn gedachten gaan naar oorden…
Nou niet dus en al snel zit ie in de molen, waarbij de thuiszorg haar keitje bijdraagt door hem te helpen met douchen en z'n kleren aan te trekken…
Ook is ie inmiddels overstag gegaan door met een jogging broek de dag door te brengen en ook maar ff geen overhemden te dragen…
De kinderen wonen vlakbij en het eten wordt hem gebracht, dat gaat tenslotte…
Ik zie mezelf al in jogging en fleece en Woemi in een floddertje uit de jaren jong acte de présence geven. Woemi raadt mijn gedachten.
‘Nee, niet in korte broek met te verwassen te klein geworden T-shirt‘ zegt ze beslist.
‘Je zal voor het einde van de week toch nog even langs huis moeten’. Nou goed, dat begrijp ik zelf ook wel.…
Thuis loopt ze het liefst in een aftandse jogging. Gelukkig mag een nette jurk ook leest ze. Woemi verzint een creatie, die ze wijselijk niet van te voren aan mij laat zien. Een paarszwarte jurk, iets wits vesterigs erover en een oranje sjaal. Hoe verzint ze het.
"Dat zijn complementaire kleuren" weet ze.…