Inloggen
voeg je beschouwing toe

Beschouwingen

Dé vrouw achter 'Nana' van Émile Zola

(voor Blanche d'Antigny (1840 - 1874))

Jij bent geboren op 9 mei 1840 als Marie Ernestine Antigny in het dorp Martizay. Jouw vader Jean Antigny was een timmerman en de sacristaan in de Saint-Etienne kerk op 16, Place de l'église. Jouw moeder was Eulalie Florine Guilolemain. In 1849 verhuisden jullie naar Parijs, waar jouw moeder linnendienstmeisje voor de markiezin van Galliffet was. Via deze markiezin kwam jij in het klooster des Oiseaux terecht. Als begin tiener was jouw schoonheid en charme al bekend. De andere meisjes in het klooster noemden jou Blanche, vanwege jouw mooie huid. Die bijnaam hield jij in stand. In die tijd overleden een broer en een zus. In 1853 overleed de markiezin en werd jij bediende in een kledingwinkel aan de Rue du Bac. Op jouw 14-de jaar ging jij met een minnaar naar Boekarest. Zigeuners leerden jou paardrijden. Jij was blond en jij had groene, heldere ogen.

Begin 1856 ging jij naar Parijs terug en op jouw 16-de jaar was jij een ruiter bij het Cirque Napoléon. In de Bal Mabille ontmoette jij Jeanne de Tourbay en haar mecenas was Marc Fournier, de directeur van het Théâtre de la Porte-Saint-Martin, die jou vanwege jouw volle vormen een rol in 'Faust' van Adolphe d'Ennery gaf. Jij speelde het levende standbeeld van Hélène. In 1858 poseerde jij voor Paul Brady, die van 1851 tot 1855 in de Villa Medici woonde. Hij schilderde jou topless op 'De Boetvaardige Magdalena'. In 1862 ontmoette jij prins Alexander Gortsjakov, met wie jij naar Sint-Petersburg ging, waar jij rijke en machtige mannen verleidde, zoals generaal Nicolas Mesentsoff, die jou tot de best onderhouden vrouw van Rusland maakte. In de zomer van 1865 ontmoette jij de succesvolle actrice Caroline Letessier, net als jou een gelukkige demi-mondaine. Tsarina Maria Alexandrovna heeft jou uit Rusland gezet, omdat jij jezelf net als haar had gekleed.

Eind herfst 1865 was jij weer in Parijs en heeft de schrijver/journalist Henry de Pène jouw theatercarrière op poten gezet. Mesentsoff huurde een appartement voor jou en de Joodse bankier/politicus Raphaël-Louis Bischoffsheim was jouw vaste mecenas. Hij is geboren op 22 juli 1823 in Amsterdam. Hij had een relatie met de actrice Rachel Félix, samen met anderen. De courtisane Laure Hayman leefde ook van zijn geld. Op 3 juli 1868 debuteerde jij in het Théâtre du Palais Royal. Op 29 juli 1868 verving jij Hortense Schneider in 'Les Mémoires de Mimi-Bamboche' en op 23 oktober 1868 speelde jij Frédégonde in de opéra bouffe 'Chilpéric' van Hervé, de componist Louis-Auguste Florimond Ronger. 'Chilpéric' werd ruim 100 keer opgevoerd, met Céline Anna Van Ghell als Méphisto. Op 23 april 1869 speelde jij Marguerite in 'Le Petit Faust' van Hervé. Henri de l'Étang schilderde jou naast een fiets en in een broekrok. Jij was de eerste vrouw in Frankrijk die fietste en jij promootte de Michaux-fietsen. Op 17 maart 1871 speelde jij de hoofdrol in 'De Baardige Vrouw' en in juli 1871 speelde jij in de Folies dramatiques in 'Le Petit Faust'. Op 17 oktober 1871 speelde jij Minerva in de komedie 'La Boîte de Pandore', wat tot juni 1872 in Londen duurde.

Jij had een salon op de Rue Lord Byron in Parijs. Jij had 2 jaar een liefdesrelatie met de collega-acteur/tenor Léopold Luce, die op 28 januari 1873 door tuberculose overleed. Bischoffsheim verliet jou en jij kreeg schuldeisers op jouw dak. Op 15 oktober 1873 ging jij naar Alexandrië, waar jij een affaire met de Khedive Isma'il Pasha had. Op 13 november 1873 begon jij in Alexandrië te spelen, maar het publiek was zo gefrustreerd, dat het doek moest vallen. Teleurgesteld en ziek van de tyfus arriveerde jij op 28 mei 1874 in Marseille, waar jij hoorde, dat jouw moeder was overleden. Op 31 mei was jij weer in Parijs en verhuisde jij anoniem naar het Hôtel du Louvre. 8 dagen voor jouw overlijden betaalde prins Demidoff, hoogstwaarschijnlijk prins Paul Pavlovich Demidoff, 2de prins van San Donato, 2000 frank voor één nacht bij jou. Hij was destijds getrouwd met zijn tweede vrouw, prinses Hélène Petrovna Troubetzkoi, met wie hij 6 kinderen kreeg. De hertog van Castres was ook een aanbidder van jou.

Jouw vriendin Caroline Letessier, die ook een courtisane was, hielp jou en bracht jou naar haar huis op 93, boulevard Haussmann, waar jij op 27 juni 1874 overleed. Jij had tyfuskoorts en jij werd 34 jaar. Jij bent in de begraafplaats Père Lachaise begraven, geregeld en betaald door Caroline. Caroline overleed in 1893 en zij is bij jou begraven. Prins Sergius Dmitri Narichkin, die in 1897 overleed, kocht jouw perceel op Père Lachaise en hij werd daar een tijd begraven. Zijn stoffelijke resten zijn later ergens anders begraven.

Schrijver: Sir Joanan Rutgers
11 juni 2026


Geplaatst in de categorie: idool

Er is nog niet op deze inzending gestemd.aantal keer bekeken 15

Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je e-mailadres voor anderen in beeld verschijnt)