Onbeschoft en kwetsend gedrag omdat het kan
Grensoverschrijdend gedrag was ooit de onheuse seksuele stijl van omgang van vooral mannen met vrouwen en meisjes op de werkvloer, school, straat en helaas ook in de familieomgeving. Na getetter in media en fora over ‘dat een beetje lollig flirten wel moest kunnen’ horen wij over deze smoes weinig meer. Nu blijkt wel de negatieve impact van dat vleesetende plantgedrag van kerels en jongens op vrouwen en meisjes. Deze laatsten moeten nog steeds in openbare ruimten opletten om geen onfatsoenlijk gedrag te ervaren omdat zij als ‘lustobject’ gezien worden. Nu komt daar ander hopeloos gedrag bij, dat is vanuit een zekere machtspositie medewerkers of klanten beledigen, vernederen, toeschreeuwen.
Omdat je zogenaamd streeft ‘naar perfectie’, niet alles ‘pikt’, omdat je jezelf zo geweldige ‘idealist’ vindt of blijkbaar als ‘succesvol’ wordt gezien. En dat je een bepalende positie hebt. Of juist helemaal niet, maar meer omdat je qua karakter een oeverloze berg woeste genen meekreeg. Psychologen weten meer en beter. Maar ik heb deze vorm van ‘grensoverschrijdende gedrag’ altijd misselijk makend, laf en als zeer afbrekend ervaren. Dat is iets anders dan eens een pittig gesprek voeren bij teleurstelling over niet gehaalde prestaties. De grove bek en intimiderend gedrag van machtswellustelingen en ‘gewone’ mensen blijf ik zeer kwalijk vinden.
Terwijl ik zeker niet vind dat bij onrecht of boosheid alles maar met dikke mantels der liefde bedekt moet worden. Zo was ik lang geleden op de lagere school merkwaardig begaan met gepeste klasgenoten. En evenzo bizar pissig op merkbare pesters. Zelf werd ik niet gepest. Heel raar, want ik was soms hijgerig en vaak snotterig door longproblemen en droeg een bril en las graag boeken. Door de praktijk van de straat in een pittige buurt, bleek ik scherp genoeg met de taal om lastpakken klein te krijgen, wanneer nodig. Het was nog gekker. Ik richtte zelfs een clubje op Door Vriendschap Sterk in klas vier van de lagere school. We bespraken welke slachtoffers van pesten wij moesten helpen.
Soms deden wij dat met een verbale aanval en waarschuwing richting de pester(s). Ofwel probeerden wij de gepeste een hart onder de riem te steken met een goedkoop of zelf geknutseld cadeau. Nu ik dit een mensenleven later zo lees, denk ik: wat een stel onbegrijpelijk sentimentele watjes waren wij. Wij waren overigens ook niet altijd braafjes. Nu ja, we waren wel onze tijd vooruit in onze kinderlijke naïviteit. De maatschappelijke schade van grensoverschrijdend gedrag en pesten kan inmiddels in de honderden miljoenen euro's lopen. Wij Nederlanders lijken sowieso steeds lomper en bozer te worden. Vooral bij macht en aanzien kunnen narrige en driftige types voluit op het orgel gaan. Want: wie doet ze wat? Nu, dat zijn wij, in toenemende mate. Een prima ontwikkeling.
Schrijver: Lord Wanhoop
22 juni 2023
Geplaatst in de categorie: actualiteit
4.3 met 34 stemmen
812