Inloggen
voeg je beschouwing toe

tabblad: beschouwingen

< vorige | alles | volgende >

beschouwing (nr. 3961):

Naast Arthur Rimbaud aan tafel vereeuwigd

(voor Jean François Victor Aicard (1848 - 1921))

Je bent geboren op 4 februari 1848 in Toulon, met de kathedraal Sainte-Marie-Majeure, in 1096 door graaf Gilbert gebouwd en in de 18-de eeuw voltooid. Er is ook het fort Tour Royale, in 1524 voltooid door koning François I. Tot 1873 stond er de beruchte gevangenis Bagne de Toulon, waar Jean Valjean uit 'Les Misérables' van Victor Hugo 19 jaar gevangen zat. Jean Valjean is geïnspireerd op de crimineel/criminalist/privé-detective Eugène François Vidocq. Jouw vader Jean Aicard was een gevierde journalist. Hij was een redacteur van anti-monarchistische kranten en een republikein in de stijl van het Saint-Simonisme. Jij studeerde in Mâcon, waar jij de dichter Alphonse de Lamartine bezocht. In Nîmes ging je naar de middelbare school en in Aix-en-Provence studeerde je rechten. In 1867 ging je naar Parijs en debuteerde jij met 'Les Jeunes Croyances', een eerbetoon aan Alphonse de Lamartine, die op 28 februari 1868 in Parijs overleed. In 1870 volgde een toneelstuk/eenakter, wat in het Marseille Theatre werd opgevoerd.

Op 20 juni 1871 stuurde Arthur Rimbaud jou zijn gedicht 'Les Effarés', wat hij voor jou heeft geschreven, vanuit 5bis, Quai de la Madeleine in Charleville naar 47, Passage Choiseul in Parijs. In een slordig en gehaast handschrift. In 1871 verscheen jouw officiéle dichtbundeldebuut 'Les Rebellions et les apaisements'. In 1874 verschenen de dichtbundel 'Les Poèmes de Provence' en de debuutroman 'La Vénus de Milo'. In 1876 verscheen de dichtbundel 'La Chanson des Enfants'. Jouw tweede en derde dichtbundel werden door de Academie gekroond. Op vrijdagavond 6 december 1878 hield jij een lezing in de Concertzaal op de Groenmarkt in Middelburg. Een kaartje kostte 99 cent. Rond 1878 maakte Félix Régamey een schetsportret van jou. Félix Régamey tekende Arthur Rimbaud en Paul Verlaine in 1872 op een straat in Londen, waar ik ooit een vervolgtekening op maakte. Félix hielp de zwervende dichters financieel in Londen, waar hij na de Commune van Parijs in ballingschap verkeerde. Félix maakte ook een portret van Verlaine en een tekening van Rimbaud, die in The Plumebook Café op een stoel zit, met een hoge hoed op en duidelijk beschonken en stoned. Begin 1879 verscheen jouw 'Visite en Hollande', met een reisverslag en gedichten. Je noemde het een 'album d'un poète-voyageur'. De Nederlanders bevielen jou uitstekend. Je had ook optredens in Dordrecht, wat je 'een Venetië' noemde, Leiden, Amsterdam en Scheveningen. Jouw lange gedicht 'La Zélande' staat vol treinimpressies. Het is opgedragen aan Jac. de Kanter en P.L. de Bruyne.

Jouw neef was de dichter/toneelschrijver Elzéar Bonnier-Ortolan, die jou bij de Parnasse-dichters introduceerde. In jullie jeugd had jij Elzéar geholpen met de vertaling van Goethe's 'Faust'. Elzéar was getrouwd met de dochter van de schrijver/uitgever Richard Lesclide, de laatste secretaris van Victor Hugo. Deze Richard trouwde op zijn 65-ste met de 24-jarige dichteres Melanie Ignard. Hij overleed op 15 mei 1892 en hij werd 66 jaar. In 1869 werkte je mee aan de tweede collectie van 'Le Parnasse contemporain'. Tijdens de Frans-Pruisische oorlog zat je met jouw gezin in Toulon. Na de oorlog was je bij de diners van Les Vilains Bonshommes aanwezig, waar je op 30 september 1871 Arthur Rimbaud ontmoette, voorgesteld door zijn gabber Paul Verlaine. Rimbaud verscheen op 2 maart 1872 voor het laatst bij deze diners. In 1876 werkte je mee aan de derde collectie van 'Le Parnasse contemporain'. Op het schilderij 'Un coin de table' uit 1872 van Henri Fantin-Latour zit jij met de armen over elkaar naast Arthur Rimbaud, die meer oog voor Verlaine heeft en hem charmant en verleidelijk zit aan te kijken. Jouw neef Elzéar staat ook op dat schilderij. In 1880 verscheen jouw dichtbundel 'Miette et Note', in 1883 'Lemartine', in 1887 'Le Livre d'heures de l'amour', in 1896 'Jésus' en in 1914-1916 'Le témoin'.

In 1908 verscheen jouw roman 'Maurin des Maures', over de avonturen van de stroper Maurin, die door de gendarmes wordt achtervolgd. Zijn tegenstander is de agent Martello Alessandri, die net als hij op Tonia de Corsoise verliefd is. De zijderupskweker en amateur-archeoloog Aristide Fabre (1872 - 1954) stond model voor Maurin. Hij was de geleerde van Sainte-Maxime en jouw beste vriend. Jullie deelden de passie voor jagen en hij vertelde jou geweldige verhalen. De steenhouwer/beeldhouwer Jacques Pons (1856 - 1906) heeft jou wellicht ook geïnspireerd. Het vervolg 'L'Illustre Maurin' verscheen eveneens in 1908. Het is in 1932 door André Hugon verfilmd, met Antonin Berval als Maurin. In 1923 verfilmde Hugon jouw roman 'Notre-Dame-d'Amour', met Claude Mérelle in de hoofdrol. In 1920 werd jij de burgemeester van Solliès-Ville. In 1935 verfilmde hij jouw roman 'Gaspard de Besse'.

Jij overleed op 13 mei 1921 in Parijs. Je werd 73 jaar en je bent in Toulon begraven. Jouw huis is nu een museum.

Illustratie: Jean François Victor Aicard
Schrijver: Joanan Rutgers
29 jun. 2020


Geplaatst in de categorie: idool

4,3 met 3 stemmen 41



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)