De onbetrouwbare gravin op haar nummer gezet
Graaf Patrick Erskine heeft bezoek. Het is gravin Marjorie Leith of Fyvie van Glamis Castle in Angus. Wanneer zij staat, raken haar lange, golvende haren met gemak de grond. ´Het is net een bruidssleep!´, zegt Patrick, terwijl hij liefdevol door haar haren strijkt. ´Dank je, wanneer vraag je me nou eens ten huwelijk?', zegt Marjorie, die over zijn kruis wrijft. 'Zodra de tijd daar rijp voor is!', antwoordt Patrick. 'Hoe kan de tijd nou rijpen?', zegt Marjorie. 'Net als fruit!' 'Lolbroek, ik ben toch geen peer!' 'Toch zijn deze peren al flink gerijpt!', zegt Patrick, die met zijn handen teder in haar borsten knijpt. 'Pas maar op dat ze er niet afvallen!', zegt Marjorie, die Patrick's gulprits heeft geopend en met haar ene hand naar binnen glipt. 'Laten we naar de Blauwe Salon gaan!', zegt Patrick, 'daar vrij ik het liefste!'. Marjorie gaat staan en ze gooit haar rokken omhoog. 'Zie je deze geile poes?', zegt ze, 'probeer die maar eens te grijpen!'. Terwijl zij opgewonden kreten uit, rent zij naar de Blauwe Salon van het Drumlanrig Castle bij Thornhill. Patrick huppelt uitgelaten achter haar aan.
Graaf Patrick is helemaal niet van plan om ooit met wie dan ook te trouwen, want de vrije vrijerij is hem heilig en zal hij nooit inleveren voor een grote, ijzeren bal aan zijn derde been. Zijn harem is gevuld met de beste, adellijke stoeipoezen van Schotland; gravin Euphemia Seton van het Craigievar Castle, barones Aithbhreac Stewart van het Inveraray Castle, markiezin Blancheflour Fraser van het Torosay Castle, prinses Creiddyladl Lindsay van het Claypotts Castle, hertogin Dearbhfhorghaill of Stratmore and Kinghorne van het Cawdor Castle, koningin Laoidheach Bowes-Lyon van het Dunrobin Castle nabij Golspie, keizerin Sheena MacDougall van het Dunvegan Castle, gravin Nighean Campbell van het Eileen Donan Castle, gravin Iona Maxwell van het Balfour Castle, koningin Fionnaghuala van het Floors Castle, barones Deirdre Ker van het Cortachy Castle en gravin Ethel Craufurd van het Craufurdland Castle. Zijn passie voor lustige vrouwen staat bij Patrick op de eerste plaats, maar vlak daarna, op de tweede plaats, staat wis en waarachtig zijn passie voor de schilder- en tekenkunst. In zijn uitermate goed beveiligde kasteel hangen o.a. werken van Leonardo da Vinci, Rembrandt van Rijn, Hans Holbein de Oude, Thomas Gainsborough, Sir Joshua Reynolds, Paul Sandby, Alan Ramsay, Mary Margaret Cameron, Katharine Cameron, Anne Redpath, Francis Cadell, George Leslie Hunter, Henry Raeburn en Thomas Rowlandson.
Aangezien gravin Marjorie inmiddels wel doorheeft, dat Patrick niet van plan is om met haar te trouwen, heeft zij haar zinnen op zijn verzamelde kunstwerken gezet. Na de zoveelste vrijpartij met Patrick verlaat zij verwachtingsvol het Drumlanrig Castle. Zij heeft ervoor gezorgd, dat de achterdeur niet op slot zit. Haar handlanger, de meesterdief Finley Finlay, kan zo naar binnen om zoveel mogelijk schilderijen en tekeningen te roven. Hij vermoedt dat Patrick, vermoeid van de vrijpartij in de Blauwe Salon, in zijn bed is gekropen. Dat is echter niet het geval, want Patrick zit nog wat na te genieten in de Rode Salon, waar hij enkel één kaarsje heeft aangestoken. Naast hem staat een fles 1762 Gautier Cognac en in zijn pijp zit Elliot pijptabak. In zijn gedachten beleeft hij in slow-motion nog eens de afgelopen vrijpartij met Marjorie. Plotseling hoort hij enkele traptreden kraken en instinctief blaast hij snel zijn kaarsje uit. Er schuift een schim voorbij de deur van de Rode Salon en Patrick gaat op de tast naar zijn pistool in een kastlade en hij volgt de inbreker, die met zijn felle zaklamp de schilderijen beschijnt. Bij het 'Portrait of Elizabeth Hamilton' uit 1812 blijft hij stilstaan. Hij stopt de zaklamp in zijn mond en hij reikt met zijn handen naar het schilderij. 'Die zou ik maar mooi laten hangen als ik jou was!', zegt Patrick, 'want daar ben ik nogal aan gehecht en ook aan dat wat je inmiddels al hebt weggesleept!'. De zaklamp valt uit de mond van Finley en hij probeert te vluchten, maar Patrick doet het licht aan en hij houdt Finley onder schot. Finley moet alle ontvreemde schilderijen terug hangen. Finley vertelt Patrick dat hij in opdracht van gravin Marjorie werkt. 'Goed, beste man, vertrek nu maar gauw, voordat ik de politie bel!', zegt Patrick, 'en laat ik je hier nooit meer zien!'.
Patrick gaat naar de Rode Salon terug en hij steekt zijn kaarsje weer aan. Hij nipt wat van de dure cognac en hij blaast wat rook naar het plafond. Bij wijze van voorpret begint hij hard te lachen. Hij belt Marjorie. Na de zesde beltoon neemt zij op en zegt hij: 'Ik weet iemand, die wel met jou wil trouwen, het gaat om een zekere Finley Finlay, die er 's nachts nogal duistere praktijken op na houdt en die jou heel goed kent!'. Marjorie is muisstil en zij verbreekt de verbinding. In feite zal zij Patrick nooit meer bezoeken en Patrick weet dat. Hij schenkt zijn glas nog maar eens vol en hij loopt naar het 'Portrait of Elizabeth Hamilton'. 'Op jou, Elizabeth!', zegt hij voldaan.
13 augustus 2026
Geplaatst in de categorie: adel

Er zijn nog geen reacties op deze inzending. Schrijf de eerste reactie!