Het drama in de Allersmaborg
In de Allersmaborg op de Allersmaweg 64 in Ezinge woont de artistieke graaf Godert van den Clooster. In en rond de Allersmaborg hebben veel kunstenaars hun voetstappen gezet. Zo waren daar bijvoorbeeld de schilder Matthijs Röling en zijn jarenlange geliefde, de schrijfster Frederika Martine ten Harmsen van der Beek, evenals Remco Campert, toen een ex-man van Frederika, en de fotograaf Sanne Sannes, die samen met Remco als regisseur daar in 1966 de film 'Dirty Girl (Santa Lucia)' maakte, met Remco's toenmalige vrouw Lucia van de Berg in de hoofdrol. 'In zekere zin is het hier een heilige grond!', zegt Godert tegen gravin Olga de Vos van Steenwijk van havezate Havixhorst in Meppel, die naakt voor hem poseert. 'Hoezo?', vraagt Olga, 'omdat jij een heilige bent?'. 'Dat natuurlijk ook, maar vooral vanwege de vele kunstenaars van naam, die hier geweest zijn!' 'Wie dan?' 'Ik noem je Matthijs Röling, Sanne Sannes, Eduard Waskowsky, Gjalt Blauw, Henri de Wolf en Karl Pelgrom!' 'Van die Röling heb ik wel eens wat in het Groninger Museum gezien, maar die anderen zeggen mij echt helemaal niets!' 'Dan valt er nog heel wat voor jou in te halen!' 'Alsof ik daar zin in heb!' 'Rustig maar, betoverende nimf, schudt je haren even wat door elkaar, wil je?' 'Zo?' 'Ja, maar laat ze nu over jouw borsten vallen en laat de tepels er goed zichtbaar uitsteken!' 'Moet ik het haar daar uiteen trekken?' 'Precies!' 'Raak je daar soms opgewonden van?' 'Ook, maar het gaat mij vooral om de esthetische uitstraling!' 'Mooi is dat!' 'Inderdaad!' 'Ik krijg trek in een tot de top gevuld longdrinkglas met Flaming Pig whisky!' 'Nog even volhouden, de beloning kan wel even wachten!' 'Heb je mijn tepels dan nog niet geschilderd?' 'Het is precisiewerk en die van jou zijn extra mooi en zeer geraffineerd!' 'Je lult maar wat om mij te laten staan!' 'Nee, echt, die van jou zijn heel bijzonder en ik ga tot het uiterste om die exclusiviteit vast te leggen!' 'Aan vlijen geen gebrek!' 'Weet je wel hoeveel ik mij moet inhouden om zoveel schoons tot in detail voor me te zien?' 'Nee, vertel!' 'Het liefste smijt ik mijn verfkwast naar buiten en stort ik mezelf op jou!' 'Het dilemma tussen de kunstenaar en de mens?' 'Exact, en dat brengt een enorm spanningsveld teweeg!' 'Ik kan nu ook gewoon gaan liggen en mijn benen voor jou spreiden!' 'Alsjeblieft, wacht nog even!' 'Ik kan de haargordijntjes ook dicht doen!' 'Plaaggeest!' 'Dat je mijn tedere liefde zolang kunt uitstellen!' 'Nog even dit en ja, het is me gelukt!' 'Dan wil ik nu eerst met jou de liefde bedrijven, want die whisky kan wel wachten!' 'Mijn idee!'.
Na gravin Hadewich Siccama van Huize Vennebroek in Paterswolde, barones Lyse van Swinderen van havezate Westrup in Dwingeloo, barones Petronella Sickinghe van havezate Laarwoud in Zuidlaren, barones Geertruida Clant van havezate Mensinge bij Roden, gravin Batina Lewe van landhuis Oldengaerde in Westeinde, gravin Antonia Rengers van Huis Echten en gravin Beetke Kymmell van het herenhuis Overcinge in Havelte is de beurt aan gravin Hinderkien van Coeverden van de Ennemaborg in Midwolda. 'Het fine van mijn naaktmodellen is, dat zij ook allemaal mijn minnaressen zijn!', zegt Godert tegen zijn dorpsgenoot, de kunsthandelaar Hindericus van Ewsum, die in de deuropening van zijn huis op de Torenstraat 4 in Ezinge staat. Naast zijn huis staat Café De Brug. 'Weet je wie er binnenkort voor mij komt poseren?', vraagt Godert aan Hindericus. 'Nee, hoe kan ik dat nou weten!', antwoordt hij. 'Nou, volgens mij ken jij haar heel goed, want ik bedoel gravin Hinderkien van Coeverden!', zegt Godert met een ondeugende blik. 'Hinderkien?', roept Hendericus boos, 'als je maar met je vieze tengels van haar afblijft!'. 'Vent, het is jaren geleden, dat jij iets met haar had!' 'Kan me niets schelen, je blijft van haar af, begrepen?' 'Maak je niet zo druk, jaloerse haan, ik doe met haar wat ik wil en daarmee basta!' 'Ik kan je ook meteen op je grote bek slaan!' 'Je vergeet zeker wie je voor je hebt staan!' 'Dat kan me niets bommen, al was je de koning, je blijft met je vuile klauwen van haar af!' 'Okay, man, je hebt je punt gemaakt, maar sla in het vervolg niet zo'n hoge toon tegen mij aan!' 'Want meneer waant zich meer dan mij?' 'Ik stop deze zinloze discussie, ik wil je er alleen maar even op wijzen dat we in een vrij land wonen en dat ik me door jou niet de wet laat voorschrijven!' 'Hinderkien heeft een uiterst kwetsbaar gestel en als jij misbruik van haar maakt, dan zwaait er wat!' 'Och gut, de koene ridder ontpopt zich!' 'Donderstraal maar een eind op, jij, met jouw smerige sarcasme!' 'Het was me weer een waar genoegen om met jou gesproken te hebben!', zegt Godert, terwijl hij even met zijn hoed een groetgebaar maakt. 'Het genoegen was geheel wederzijds!', bromt Hindericus, die vol afschuw op de grond spuugt.
Op de eerstvolgende zondag zit Godert samen met gravin Hinderkien in de herenbank in de Hervormde kerk op de Torenstraat 46 in Ezinge. De knappe Hinderkien zit duidelijk verliefd tegen de schouder van Godert geleund. 'Gij zult niet begeren uws naasten vrouw!', schreeuwt dominee Roelof van der Lof van de kansel. Hindericus, die met grote argusogen naar Godert zit te kijken, schrikt zich opeens het apezuur. Het is alsof de dominee het vooral tegen hem zegt en hij krijgt een hoofd als een rode biet. Hij begint over heel zijn lichaam te zweten. 'Zie hem daar nu zitten in die protserige herenbank!', denkt hij, 'het wordt tijd dat ik die vervloekte Godert uit de weg ruim!'. 'Heb uw naaste lief als uzelf!', schreeuwt de dominee. 'Die Godert is mijn naaste niet meer!', denkt Hindericus, 'die misleidt een fragiele ziel als Hinderkien!'. Na de zegen neemt Hindericus grote stappen om de kerk te verlaten en verstopt hij zich achter een eik. Hij weet Godert en Hinderkien geheel onopvallend te volgen en hij ziet dat zij geregeld even stoppen om met elkaar te tongzoenen. Eenmaal bij de Allersmaborg kookt hij van grote woede en weet hij het zeker; hij gaat die goddeloze schijnheilige uitschakelen. Via een achterdeur glipt hij muisstil naar binnen en in de keuken controleert hij de kogels in zijn pistool. 'Ik kom je redden, Hinderkien!', denkt hij. Hij sluipt naar boven, waar Godert en Hinderkien inmiddels onbekommerd de liefde bedrijven. Hinderkien zit bovenop Godert, Haar sappige vagina gaat driftig op en neer op zijn stijve penis. Godert geniet van het spectaculaire uitzicht en Hinderkien bukt zo af en toe naar voren, zodat Godert aan haar stijve tepels kan likken. 'Lik rondjes!', roept zij geil, 'o ja zo, ik ga komen!'. Op het moment van wederzijdse climax beukt Hindericus de slaapkamerdeur in. Hindericus kan niet schieten zolang Hinderkien op Godert blijft zitten. 'Ga van hem af!', beveelt hij. 'Wat? Wie?', zegt de geschrokken Hinderkien en zodra zij Hindericus met een pistool ziet, duikt zij instinctief weg. Godert had ondertussen net genoeg tijd om zijn pistool uit de lade van een nachtkastje te pakken en hij richt op Hindericus. Beiden schieten tegelijkertijd op elkaar en beiden worden dodelijk geraakt. Godert beweegt meteen niet meer, terwijl Hindericus nog wat stuiptrekkingen maakt, maar kort daarna levenloos blijft liggen. Hinderkien begint eerst keihard te gillen en vervolgens kruipt zij in een hoekje van de kamer weg. Door de enorme shock verstijft zij. Urenlang. Totdat een liefdevolle agente haar met een deken omhult en haar naar de crisisopvang begeleidt.
5 november 2026
Geplaatst in de categorie: adel

Er zijn nog geen reacties op deze inzending. Schrijf de eerste reactie!