Inloggen

biografie: Anton van Amerongen

Anton van Amerongen (1959) is afgestudeerd bioloog en co-auteur van een boek over het menselijk reukorgaan, Verborgen Verleider, dat samen met de bekende psycholoog Piet Vroon (1939-1998) en Hans de Vries is geschreven en in 1994 verschenen is bij Ambo en in veel talen vertaald.

Als gevolg van chronische depressiviteit is het hem niet gelukt een carrière op te bouwen als wetenschapper of te slagen in een ander beroep. Hij houdt zich de laatste jaren bezig met vrijwilligerswerk, onder andere in een buurthuis.

Daarnaast heeft hij zich toegelegd op schrijven en tekenen. Hij heeft enkele optredens gehad als dichter, onder andere op een po√ęzieavond (januari 2006) georganiseerd door Menno Wigman in het kader van het kunstenaarsproject 'Het Vijfde Seizoen'.

Een selectie van zijn werk is ook te zien op http://notnajja.bravehost.com


Inzendingen van deze schrijver

24 resultaten.

bewering
2,2 met 4 stemmen 1.416
Alhoewel er bijzonder veel veranderd is in de loop van betrekkelijk weinig jaren, is de nacht toch machtig oud gebleven in zijn geluiden, lichten en geuren, in de angst die hij begeleidt, in het vreemde en verdwaalde van zijn momenten, in de sterkte van zijn stilte en in het geduld van zijn vergeefse duisternis....

bewering
2,8 met 5 stemmen 117
Het is niet dat het leven geen zin meer heeft wat fnuikend is, maar dat het leven geen zin meer voelt....

bewering
2,8 met 4 stemmen 103
Iedere generalisatie is een nederlaag van het verstand. Het vereist moed om onzekerheid als vast gegeven te aanvaarden....

Liefde en agressie

column
3,4 met 5 stemmen 321
Liefde moet zich mengen met een zekere dosis agressie om zich in de werkelijkheid te kunnen handhaven. Zuivere liefde is onverteerbare liefde, een opoffering aan het ik of aan de ander zonder dat er sprake is van terugkoppeling. Zuivere liefde is of absoluut narcisme of absoluut altruïsme en in beide gevallen monomaan, de verheffing van een waan boven de realiteit. Realiteit is er alleen in een of andere mengvorm van liefde en haat, leven en dood, van geven en nemen, van toestaan en verbieden. Niets is zó ‘dubbel’ als de realiteit. En hoe je je ook gedraagt, je bent er altijd het kind, het slachtoffer, de hoeder of uitbuiter van. Aan de realiteit valt niet te ontkomen. Zelfs de vlucht in de neurose of psychose eindigt in de realiteit, al houdt zij de dood, de gekte, het isolement of het onbegrip in. Hoe destructief het karakter van de realiteit ook mag zijn, zij is het enige vlak waarop de creativiteit zich bewegen kan. Aanvaarding van de realiteit is de voornaamste fase van de volwassenwording van de mens. Erkenning hiervan zou de realiteit overigens al een heel stuk draaglijker maken. Ontkenning van het werkelijkheidsgehalte van de realiteit leidt tot absurd geweld, godsdienstoorlogen, vrijheidsbeteugeling, bekrompenheid, tirannie, kleinzieligheid, etc. Vasthouden aan de illusie dat het leven meer is dan het is, dat de mens verheven is boven de aarde en het slijk, heeft veeleer tot verval geleid van de waarde en zin van het bestaan dan tot acceptatie van de werkelijke aard ervan.
Het omgekeerde geldt ook: agressie die zich niet mengt met liefde is zinloos geweld, pure destructiedrift. We kunnen de mensen die deze vorm van geweld hanteren opsluiten of zachtjes doen sterven, maar daarmee is het probleem van de ‘monomane’ agressie de wereld niet uit. Net als bij de absolute liefde dient het absolute geweld gerelativeerd door het inzicht, dat alles aanspraak maakt op de realiteit en dat uitsluiting daarvan juist afbreuk doet aan de realiteit, en daarmee aan de ruimte en vrijheid die zij biedt. Met andere woorden, elke drift, elke wens, elke in de mens te traceren behoefte moeten we serieus nemen en niet onderdrukken, ook al leidt dat tot een drastische herwaardering van de soort mens. Veel lager kunnen we immers na de verschrikkelijke twintigste eeuw van mensonterend geweld niet zakken.

Zoals we agressie toestaan in de liefde, zo moeten we ook de liefde in de agressie leren erkennen en herkennen. We mogen niets meer uitsluiten wat de mens betreft, hij is tot alles in staat. Elk absolutisme, elk fundamentalisme, elke hang naar onsterfelijkheid is funest voor de waarde en waardering van het bestaan. We hebben net zo min absolute martelaren als Jezus Christus als onvervalste criminelen als Hitler nodig. Met de afschaffing van het onbereikbare ideaal van de deugdzame mens, de onvoorwaardelijk volgzame, in- en in-goede mens komen we ook een heel eind in de afschaffing van de grote schoften onder ons....

Liever een gebroken been

verhaal
3,5 met 6 stemmen 663
Aan de buitenkant is niet te zien hoe een mens zich innerlijk voelt. Een op het eerste oog vrolijk, opgewekt en energiek persoon kan van binnen kapot, opgebrand, zwaarmoedig en ten einde raad zijn. Op een gegeven moment kost het te veel inspanning om de schijn op te blijven houden en valt de persoon in een acute depressie, waarbij er niets anders overblijft dan een ontredderd stukje mens dat geen enkele zin meer heeft in behoud van het leven.
Zelf heb ik drie keer in mijn leven zo'n acute depressie gehad, de eerste keer toen ik 25 was. Ik voelde in een paar dagen alle kracht uit mijn lijf vloeien en werd bevangen door paniek omdat het me nauwelijks meer mogelijk leek, de straat op te gaan om boodschappen te gaan doen, een afspraak met een vriend na te komen, een sollicitatiebrief te schrijven of aan verplichtingen te voldoen die ieder bestaan nu eenmaal met zich meebrengt. Alles was me ineens teveel, mezelf op de eerste plaats, maar de hele maatschappij inbegrepen.
Slechts een opflakkerend besef van eigenwaarde bracht me na een aantal ellendige dagen zo ver, een afspraak te maken met de huisarts. Ik moest me ernaar toe slepen, letterlijk zelfs, want het lopen was onmetelijk zwaar geworden. Alle fysiologische mechanismen die mijn lijf normaal gesproken draaiende houden leken de kluts kwijt te zijn. De huisarts had aan een paar minuten genoeg om te zien dat ik diep in de put zat en geholpen moest worden bij een psychiatrisch centrum. Er werd meteen een afspraak geregeld voor dezelfde dag. Daar werd ik goed geholpen met medicatie en aangemeld voor psychotherapie. Tegen mijn zin moest ik weer naar huis, liever was ik een paar weken opgenomen om even de regie over mijn leven in andere handen te leggen. Maar achteraf gezien ben ik blij dat een opname niet nodig was, de oxazepam deed goed zijn werk en bracht dezelfde dag nog rust in de tent. Met slaap, heel veel slaap, heb ik de dagen erop doorgebracht en heel geleidelijk was er vooruitgang te bespeuren, dankzij therapie en dankzij antidepressieve geneesmiddelen (efexor en seroxat).
Ruim tien jaar na de bovenstaande episode gebeurde het me echter weer dat ik in een diepe depressie verzeild raakte. Ik was al een tijd zonder medicatie en had de psychotherapie al een paar jaar afgesloten. Ik was in dat jaar verhuisd en had problemen met de sociale dienst vanwege de publicatie van een boek; ik zat financieel aan de grond en verloor vertrouwen in de toekomst. Het gebeurde in een weekend dat ik me ineens compleet ontredderd en geïsoleerd voelde. Ik kon niets meer eten en zelfs een shagje (voor mij normaal een vorm van beloning en troost) verdroeg ik niet, ik werd er misselijk en ziek van. Gelukkig kon ik een vriend uit de buurt aanspreken en deze heeft me toen naar het psychiatrisch centrum gebracht, me zwaar ondersteunend omdat ik werkelijk niet meer lopen kon, alleen heel aarzelend wat stappen kon zetten. Ik voelde me vreselijk ellendig, ik was bang ter plekke dood te gaan. Niet omdat er iets mis was met mijn benen, maar er van alles mis was met mijn hersenen waardoor ik het niet meer kon, het een te ingewikkelde beweging was, mijn benen trilden van angst en lieten me in de steek, en niet alleen mijn benen... allés liet me in de steek, zo voelde het althans....

Leven doe je nu

verhaal
1,9 met 8 stemmen 1.632
Met de ouderdom, zo lijkt het, slijt het vermogen nieuwe dingen te ontdekken en nieuwe ervaringen op te doen. Alles valt steeds meer in de routine van alledag. De ene dag onderscheidt zich nauwelijks meer van de andere, de gewoonten die je jezelf hebt aangemeten gaan zonder discussie aan de haal met de tijd en vele jaren later kom je misschien tot het inzicht dat alles voor niets is geweest of niet heeft opgeleverd wat je ervan had verwacht.
Reden ook dat menigeen dan in een diepe put valt, die men 'midlifecrisis' noemt, maar soms al een 'endlifecrisis' is, want heel wat mensen komen er pas achter als ze tegen hun pensioen aanlopen dat het echte, vol doorleefde, zélf vormgegeven leven 'eigenlijk' nog moet beginnen. Gelukkig zijn veel mensen nog redelijk gezond tegen die tijd en daardoor in staat nog iets waardevols van hun leven te maken, maar er zijn ook mensen die al zoveel gegeven hebben terwille van een carrière dat ze zijn opgebrand en geen fut of zin meer hebben om aan een nieuwe start te beginnen.
Maar ook onder twintigjarigen zie ik al een tendens, zich zeer disciplinair te gedragen en meer dan tien uur op een dag te werken terwille van een toekomst die waarschijnlijk niet aan zal breken. Zelf ben ik een midveertiger en onder mijn leeftijdsgenoten zie ik velen die volledig door de tijdsdruk worden opgeslokt van allerlei verplichtingen die men zich heeft opgelegd. Een alternatief wordt vaak niet gezien of vraagt een zodanige breuk met alles dat het onmogelijk lijkt om het te verwezenlijken. Een verandering van baan, functie of levensstijl wordt wel overwogen, maar de pensioenbreuk of de opgebouwde investeringen en belangrijke contacten dienen als excuus om de overweging niet tot daad te verheffen. Iedereen is wel een vrij mens, maar slechts weinigen is het gegeven om zich ook werkelijk vrij te voelen.
Om nieuwe gedachten te denken en nieuwe activiteiten te ontwikkelen moet je opstandig worden en blijven, een zeker puberale houding koesteren en dus niet vervallen tot een gezapig aanvaarden van de maatschappij. Wars van culturele ontwikkelingen en dwars tegen wetenschappelijke verworvenheden die zijn neergeslagen in het tijdsbestek van veel jaren een eigenwijs bestaan opbouwen. Het is moeilijk, de vluchtige en grillige nieuwigheden die óók uit dat tijdsbestek opstijgen te blijven volgen en van het uitzicht te genieten dat zij mogelijk bieden. Naarmate je langer leeft lijkt het wel of je jezelf steeds meer kluistert aan wat objectief gegeven is en niet aan verandering onderhevig is, uit angst om anders de greep te verliezen op je bestaan. Het nieuwe kost energie of het vreet zenuwen omdat niet vaststaat wat het oplevert en of het gevaarlijk is. Zonder risico glijdt het bestaan echter af naar een doods vegeteren dat niemand aanspreekt, jezelf inbegrepen. Het is wel begrijpelijk maar daardoor alles behalve wenselijk, dat je je beperkt tot lijfsbehoud als je minder fysieke en mentale energie tot je beschikking hebt. Uit lijfsbehoud is het beter, geen gekke dingen te gaan doen en je te hechten aan zaken die misschien niet langer duren dan een moment, een enkel vluchtig ogenblik, want is de euforie niet de voorbode van de kater?...

Droom, maar met mate

verhaal
3,0 met 2 stemmen 898
In een periode van mijn leven die tamelijk stabiel was, maar waarbij ik dagen had dat ik me doodmoe voelde en uitgeblust, ben ik begonnen met het noteren en later analyseren van mijn dromen. Ik was me al lange tijd bewust dat ik te kampen had met chronische depressie, en wist er door zelfstudie veel over aan de weet te komen, maar begrijpen waardoor ik me voelde zoals ik me voelde was er nog niet bij. Ik besloot daarom Freuds idee te volgen, namelijk dat dromen de koninklijke weg zijn naar het onbewuste, en dat in dit onbewuste de sleutel lag voor mijn gevoel (of gebrek eraan).
Gedurende twee jaar wist ik vrijwel elke ochtend de die nacht gedroomde beelden te noteren, waarbij het me opviel dat het me steeds makkelijker afging en dat er naast repetitieve dromen telkens nieuwe beelden tevoorschijn kwamen. Het onbewuste is onuitputtelijk, de dromen die je droomt kenmerken zich bovendien niet door sleur, maar blijven hoogst ongewoon en zijn vaak heel origineel en treffend. Voor iemand die een weinig enerverend en eenzaam bestaan voerde, was het een verademing om te merken dat er zich in mijn geest talloze gebeurtenissen afspeelden; hoe arm mijn dagelijks leven ook aan indrukken was, mijn droomwereld was uitbundig en rijk.
Ik betrapte me er op dat ik dagen kreeg, dat ik vrijwel alleen maar met de dromen en hun analyse bezig was. Dat was het moment om bij mezelf te rade te gaan en het schrijf- en droomwerk op een lager pitje te zetten, de Freudiaanse vermaning indachtig dat de werkelijkheid boven alles dient te prefereren. Dromen kunnen dienen om inzicht te krijgen in mijn zielenroerselen, maar ze dienen niet een eigen leven te gaan leiden waarin ik me steeds kon onderdompelen, zoals een struisvogel die zijn kop in het zand steekt.
Dit werd een serieus gevaar op het moment dat ik leerde, lucide te dromen, dat wil zeggen dat ik in de droom leerde, me bewust te maken van het feit dat ik droomde. Een van de technieken die ik daarbij hanteerde, was te proberen of ik met mijn hand door een ruit kon slaan zonder me te bezeren. Een andere manier was met mijn handen en armen te flipperen, waardoor ik loodrecht de lucht in kon stijgen en daar aan een heerlijke zweefvlucht kon beginnen, met prachtige vergezichten over stad en land. Eenmaal vastgesteld dat ik droomde, kon ik de droom ook sturen en bepaalde gebieden of personen bezoeken met een bedoeling....

Een positief bericht

verhaal
3,0 met 1 stemmen 693
De veronderstelling dat de Nederlandse samenleving verhardt, is een open deur die ik het liefst zou willen sluiten, want zo vanzelfsprekend is het helemaal niet. Ik zie althans in mijn omgeving tal van initiatieven ontstaan die juist de samenhang tussen verschillende bevolkingsgroepen, jong en oud, autochtoon en allochtoon, arm en rijk, proberen te verstevigen. Het vindt weliswaar plaats in de marge van een wijk in een gemeente als De Bilt, nu niet bepaald een rode stip op de landkaart van probleemgebieden die de ministers Donner, Remkes en Verdonk ongetwijfeld op hun werkkamer hebben hangen. Maar het gebeurt wel en ik vind het hoopvol.
Nemen we Jan. Hij is al jaren uit de running; ik wil niet zeggen dat hij geestelijk gestoord is, maar als je een praatje met hem maakt weet hij van geen ophouden. En hij spreekt met een volume dat de hele straat gratis mee kan luisteren. Jan weet zich te handhaven in onze maatschappij, maar menigeen was toch wel bezorgd om hem, of hij niet agressief zou worden of op een andere manier door het lint zou gaan als er iets vervelends voor hem zou gebeuren. De man maakte zo'n eenzame, verbitterde indruk en niemand leek met hem begaan.
Maar daar kwam verandering in toen Jan eens op een huis-aan-huismailing van de bewonerscommissie reageerde. Daarin werd gevraagd of mensen zich vrijwillig wilden melden om te helpen de straat schoon te houden. Jan was altijd wat negatief jegens de leden van de commissie, maar ineens ging het roer om. Hij meldde zich aan en sindsdien loopt hij vrijwel elke dag door de straat om zwerfvuil te rapen, de commissie heeft gezorgd voor een grijper, dat spreekt vanzelf. Ook heeft hij prachtige theorieën ontwikkeld over mensen die hij 'asociaal' noemt; volgens hem schamen deze zich voor een nette beurt en zien ze liever dat het er smerig is, want dan voelen ze zich er beter in thuis. Ze hebben er geen belang bij dat het goed gaat in een buurt, want dan wordt hun eigen gedrag bedenkelijker. Door alleen al de straat schoon te houden zorg je er volgens Jan dan ook voor, dat ze zich timider en beschaafder gaan gedragen, want de onhebbelijkheden van hun gedrag vallen nu extra op en dat willen ze liever niet. Zowaar geen domme gedachte van die Jan! Het is de oude wijsheid, dat wie goed doet, goed ontmoet.
Nemen we het buurthuis. Dat is in de jaren zeventig neergezet in de buurt om de sociale cohesie te versterken, zoals dat zo mooi heet. Het lijkt wel alsof het dit nu pas werkelijk doet, ondanks de vele bezuinigingen die het buurtwerk plagen. Er zijn slechts twee beroepskrachten werkzaam, maar ze worden bijgestaan door meer dan honderd (!) vrijwilligers. Elke dag is er van 's morgens vroeg tot 's avonds laat van alles te doen voor iedereen en door iedereen. Het is er gezellig, de sfeer is er goed en open, iedereen voelt zich er snel thuis, niemand hoeft zich ongemakkelijk te voelen. Het draait echt fantastisch! Ook allochtonen hebben er hun weg gevonden; zo worden er ook lessen in de Nederlandse taal gegeven, naast sollicitatiecursussen, computerlessen, kooklessen, etc. Ook is er ruimte voor iedereen die zich om wat voor reden dan ook ongelukkig voelt of niet weet wat te doen. Je kunt er altijd een praatje maken, zo is er steeds een gastvrouw of -heer aanwezig die vrijwillig bardienst draait....

Sombere waarheid?

verhaal
2,2 met 8 stemmen 1.224
Wie de dingen somber inziet, heeft er hoogstwaarschijnlijk een juiste kijk op. Het leven houdt een keer op en de laatste jaren van een bestaan zijn zelden zonder ellende, verdriet en pijn. De medische wetenschap heeft vooral het lijden verlengd, de mogelijkheid om met allerlei gebreken te blijven voortleven.
Maar om dat leven zin te geven schiet iedere wetenschap tekort. Misschien dat een vast geloof in een hiernamaals sommige mensen een troost biedt, voor goddeloze mensen als mij biedt het geen enkel soelaas. Sterker nog, voor mij is de belofte van een hiernamaals een reden om me juist niet bij een religie aan te sluiten.
In een alles bestierende universele god te geloven is een zwaktebod, er is niets mee verklaard en verdomd weinig mee gebaat. Ik vind het aardse bestaan vaak al eindeloos moeilijk en oeverloos ingewikkeld, een god kan mij daar niet van afbrengen. Met moeite weet ik me met nog enigszins concrete dingen bezig te houden, opdat de dag toch nog een beetje structuur krijgt.
Gelukkig vergaat het de meeste mensen niet zo slecht en achten ze zichzelf verheven boven anderen, zijn ze in alles bovengemiddeld goed en twijfelen ze niet aan hun eigen capaciteiten. Zelfs notoire brokkenpiloten denken nog beter te rijden dan de gemiddelde automobilist. En er is geen roker te vinden die niet denkt dat hij longkanker ontlopen kan, ondanks weinig bemoedigende statistieken. Het bewijs is meermaals geleverd dat vrijwel iedereen zichzelf overschat op allerlei fronten, totdat de rampspoed de illusie in heeft gehaald....

Migraine en creativiteit

verhaal
2,9 met 9 stemmen 874
Ik kreeg mijn eerste migraineaanval toen ik begin twintig was. Ik zat heel rustig de ochtendkrant te lezen toen het me opviel, dat de letters minder scherp waren dan anders. Woorden als 'politiek' zag ik als 'ploitkie', 'van onze verslaggever' werd 'vna ozne vreglasvegre'. De hele tekst zag er uit alsof de journalist dronken was bij het schrijven van zijn bericht. Maar daar bleef het niet bij, rechts in mijn gezichtsveld ontstond er een meertje met kabbelend water, waarvan de golfjes na enige tijd veranderden in bizarre patronen van opflitsende zaagtanden, soms met sterke kleurcontrasten erbij.
Ik dacht meteen dat er iets ernstigs aan de hand was met me, een hersenbloeding of hartinfarct. Ik vreesde dat mijn einde naderde, ook omdat een deel van mijn gevoel uit mijn gezicht wegviel. Mijn lippen gingen tintelen en ook mijn armen voelden onwezenlijk aan, alsof ze niet meer van mij waren. In paniek belde ik de huisarts op, en nadat deze een aantal gerichte vragen stelde, constateerde hij een 'doodnormale migraineaanval' die vanzelf wel over zou gaan.
Geleidelijk aan verdwenen de zaagtandflitsen voor mijn ogen en kwam ook het gevoel in mijn lippen en armen terug, maar in plaats daarvan kwam een knallende hoofdpijn opzetten, linksvoor. Ook werd het ineens onmogelijk, bepaalde eenvoudige woorden te vinden, het was alsof de taalmodule in mijn hoofd buiten werking was gesteld. Ik voelde me belabberd en heb de hele dag op bed gelegen met mijn hoofd onder het kussen, alles wat van de buitenwereld tot mij wilde komen verafschuwend.
De volgende dag ben ik naar de huisarts gegaan; naast een paar goedbedoelde maar weinig effectieve raadgevingen kon hij me niet meer bieden dan een medicijn, Imigran. Dat middel verdroeg ik echter slecht, ik werd er vreselijk suf van. Door ondervinding weet ik nu, dat als ik mijn werkzaamheden stante pede staak bij een aanval en direct het bed opzoek, de eropvolgende hoofdpijn wel meevalt. ...

Hel op aarde

verhaal
3,6 met 15 stemmen 1.861
Meestal ga ik niet in op actuele gebeurtenissen in mijn stukjes, maar deze keer moet ik een uitzondering maken, omdat wat is gebeurd in Beslan (Ossetië, Rusland) met de gijzeling door Tsjetsjenen van volstrekt onschuldige schoolkinderen me zo aangrijpt, dat ik moeite heb om me op iets anders te concentreren. De beelden die ik op televisie zag waren zo gruwelijk, dat het wel leek of de hel op aarde was verschenen, de duivel een verstikkende greep op de wereld had gekregen en het einde van de mensheid nadert; kinderen psychisch en lijfelijk zo toe te takelen getuigt van een zodanig grove wreedheid, dat daarin het echec van de mens wordt aangetoond. Welke goedheid de mens ook in zich dragen mag, er staat een onmetelijke, absolute slechtheid tegenover. Hoe groot de liefde ook mag groeien in iemands hart, altijd is er een minstens zo vitale haat die tot gelding komen kan. Hoe sterk de verlichting van kennis en wetenschap ook heeft bijgedragen aan het wonder aan wijsheid en intelligentie dat de mens heten kan, een nog sterkere duisternis daalt menigmaal onverbiddelijk neer op het menselijk bewustzijn om het te vervangen door een volstrekt kil en morbide opererend nihilisme dat de mechanische kracht levert voor monsterlijke daden. Daden die zijn ontdaan van iedere compassie en waarbij geen greintje waardigheid, al is het maar respect voor het slachtoffer, resteert. Daden die met een automatisme worden uitgevoerd waarbij elk verweer, elke weerstand, elk protest in een bloedbad eindigen moet, alsof de energie van elke activiteit wordt opgezogen door een zwart gat van geronnen bloed.
Als een onafhankelijk verklaard Tsjetsjenië de tragedie van de gijzelingsdrama's beëindigt, dan moet het liever vandaag dan morgen worden bewerkstelligd, al het eventuele protest van Rusland ten spijt. Maar het zal wel te naïef van mij zijn gedacht, en de belangen van Rusland om in het bezit van het land te blijven zullen deze oplossing wel in de weg staan, waarbij ik het flauwe vermoeden heb dat het weer eens de olie is die een rol speelt. Aan de Kaspische Zee liggen veel olievelden, en die olie moet getranspoteeerd worden via een pijplijn die door Tsjetsjenië loopt, dus heeft Rusland er alle belang bij het opstandige land te knevelen en in bezit te houden.
De hel op aarde: we kunnen ook wel zeggen, dat het de olie is die de rechtvaardigheid bruuskeert waaraan een mens zich gebonden voelt, de liefde die de mens voor het leven heeft vervangt door bot eigenbelang, de rozengeur en maneschijn van de fantasie en utopie omverwerpt door een stinkende oliedamp en een smerige roet. De hel op aarde: we kunnen ook wel zeggen, dat het de alles ontnuchterende economie is die de mensen aanzet tot deze gruweldaden, de wanhoop van de kanslozen tegenover de arrogantie van de machthebbers, de mensen met het grote geld. De rijkdom vermenigvuldigt zich alleen maar met rijkdom, macht schept macht en armzaligheid stapelt armzaligheid op. De mogelijkheden van veel mensen voor een enigszins fatsoenlijk bestaan zijn zo marginaal dat ze zich op de onmogelijkheden van vernieting en dood werpen.
En zo komen we toch bij een tweede oplossing, los van de politieke (Tsjetsjenië onafhankelijk): de mensen te laten delen in de welvaart, niemand achter te stellen of te behandelen als tweederangs burger. Iedereen een zo volwaardig mogelijk bestaan verschaffen met reële mogelijkheden tot ontplooiing. De enige oplossing tegen verduistering is verlichting, de antipool van de hel is een leefbare, rechtvaardige wereld, geen hemel op aarde waaraan elke zin ontbreekt om iets te doen, maar een wereld op aarde waarin iedereen voor vol wordt aangezien en menswaardig leven kan, waarin niemand honger hoeft te lijden of voor een ander in het stof moet kruipen om eerste levensbehoeften te kunnen vervullen. De hel op aarde ontstaat daar waar mensen het mes op de keel wordt gezet en wanhoop de daden en gedachten stuurt. Religieus fundamentalisme kan mijns inziens alleen dan een vruchtbare voedingsbodem vinden, mensen die wanhopig zijn en in armoede en ellende leven, waarvoor elke dag een strijd om het bestaan is, zetten alle scrupules overboord en laten zich alles aanpraten door demagogen en ophitsers die beterschap beloven als ze zich maar laten misbruiken voor de heilige zaak, vergelijkbaar met wat in de zestiende eeuw in de Nederlanden gebeurde met de hagepredikers, of bij het werven van soldaten voor de kruistochten in de Middeleeuwen....

De scheiding van de dood

verhaal
2,3 met 20 stemmen 3.414
Afgelopen week zou mijn jongste broer 43 jaar zijn geworden, maar hij is al bijna twee jaar dood. Ik denk nog voortdurend aan hem, vooral aan de tijd die we deelden in onze jeugd. Het is een absurd, paradoxaal gevoel dat ik nog wel besta en hij niet. Ik herinner me hem, maar de herinnering die hij aan mij had is met hem verdwenen. Als iemand sterft, sterft er ook een wereld. En als je in die wereld een betekenis had, ben je die op slag kwijt.
Wat mijn broer van me vond, de wijze waarop hij met me omging, de vertrouwelijke band die ik met hem had, de steun die hij me gaf, ze zijn voorbij en voor mij een aanhoudend gemis. Aan de andere kant blijf ik vol met beelden van hem en richten zich mijn gedachten bewust en onbewust naar hem. Maar ik weet er geen raad mee, ik kan mijn aandacht niet meer op hem richten, de liefde die ik nog voor hem voel, blijft doelloos en onbeantwoord. In mijn dromen is hij zelfs prominent aanwezig, misschien omdat ik er overdag zo weinig mee kan en het denken aan hem onderdruk.
Met zijn dood is ook een stuk van mij begraven dat in hem lag, maar een levend deel dat in me zit sterft voortdurend zonder dood te gaan, het kan pas dood gaan als ik op mijn beurt overlijd. Dat is een pijnlijk proces, en voor sommigen zo pijnlijk dat het de eigen dood versnelt vanwege een sterk verlangen, samen te vallen met de geliefde persoon of personen die men heeft moeten begraven of cremeren. Dit is ook een reden, dat het ergste van alles het verlies van een kind is, een kind dat uit je geworden is en dat je bijna helemaal hebt gemaakt tot wat het is. De dood van een kind is een amputatie van een deel van de ziel van de ouder, een wezenlijke aderlating, als een tak die van een boom losscheurt.
Ik heb vaker meegemaakt, dat een dierbaar iemand stierf, zoals mijn vader toen ik dertien jaar oud was. Ik verkeerde altijd in de veronderstelling, dat ik het daarmee slechter getroffen had dan mensen die hun ouders op volwassen leeftijd verliezen. Door de dood van mijn broer ben ik hier echter anders over gaan denken, het is misschien zelfs veel erger als je je vader of moeder verliest als ze ook in jaren zo'n wezenlijk deel van je leven hebben bestaan. Ik was nog jong en had niet die last van zoveel herinneringen aan hem, van ervaringen die we hadden gedeeld. Met mijn vader ging niet zo'n groot deel van mezelf verloren als nu is gebeurd met mijn broer, die me ruim veertig jaar heeft meegemaakt. Het rouwproces is navenant zwaarder te verduren, ook omdat mijn toekomst nu korter zal zijn en ik weinig vooruitzicht heb op ervaringen die de oude zullen overtreffen in betekenis of zin. Hoe ouder ik word, hoe moeilijker het in feite te aanvaarden is dat iemand die altijd bij mij is geweest er niet meer is. Dat is ook het ontzettend wrede van het verlies van een kind, de wereld die je mede hebt opgebouwd en door wil geven stort in. Steeds meer van die wereld stort in naarmate je ouder wordt, reden ook dat ik mensen die hoogbejaard worden niet benijd....

Aansluiting

verhaal
3,0 met 26 stemmen 2.195
Ruim een jaar geleden ging het ineens helemaal mis met me, ik viel bijna van de ene op de andere dag in een diepe depressie, ik kon niet of nauwelijks slapen en eten en was heel geagiteerd en geëmotioneerd, ik moest bijna elk uur van de dag huilen en alles overweldigde me in zo'n sterke mate dat het leven me een vreselijke kwelling was en ik sterk naar de dood verlangde.
Slechts dankzij een basaal overlevingsinstinct riep ik de hulp in van de huisarts, die zo alert was mij direct aan te melden bij het regionaal psychiatrisch centrum. Ook schreef hij me medicijnen voor die de ergste onrust temperden. Het lukte me weer te slapen en dankzij gesprekken met een psychiatrisch verpleegkundige wist ik me voldoende in het gareel te houden. De diagnose die werd gesteld was echter onomwonden: ernstige depressie, maar zonder psychotisch gedrag zodat ik niet opgenomen hoefde te worden. Hierop volgde een aanmelding bij de deeltijdbehandeling, die ik nu nog steeds volg maar binnen een aantal weken hoop af te ronden.
Eén van de belangrijkste wendingen in mijn bestaan is wel, dat ik weer aansluiting heb gevonden bij mensen, in de allereerste plaats medepatiënten, waardoor ik me veel minder geïsoleerd en vervreemd voelde, maar later ook bij anderen, nieuwe vrienden en mensen waarmee ik in contact ben gekomen (of hoop te komen). Ik ben stellig niet de enige die met problemen van neerslachtigheid en lusteloosheid en verdriet kampt, en ik mag me gelukkig prijzen dat ik nog de kracht heb me staande te kunnen houden, niet te lijden aan psychoses en persoonlijkheidsstoornissen die het bestaan nog veel meer belemmeren dan depressiviteit alleen. Ik hoef geen grote hoeveelheid medicijnen te slikken die allerlei akelige bijwerkingen hebben, zelfs in die mate dat je je afvraagt of het middel niet erger is dan de kwaal; ik slik wel 300 mg Anafranil als anti-depressivum en een bèta-blokker tegen hartkloppingen; de bijwerkingen zijn wel vervelend, maar niet zo belemmerend dat ik een hulpbehoevend of onzelfstandig bestaan moet leiden.
Wat mij het meest parten speelt is dat ik snel overweldigd blijf van allerlei indrukken en veel slaap nodig heb om niet letterlijk ervan om te vallen, iets wat het overigens wel heel lastig maakt om betaald werk te vinden dat bij me past dan wel voldoende oplevert om van te kunnen bestaan....

Verstikking versus opruiming

verhaal
2,0 met 11 stemmen 1.401
Het verwondert me elk jaar weer rond deze tijd waar al die bomen en struiken en planten de energie vandaan halen om na maanden van kou en somberheid zo overtuigend en massaal uit te lopen. Binnen een week is de omgeving een zee van groen geworden, het licht heeft een heel andere, donkere toon gekregen; de zonnestralen hebben niet meer de scherpte van een citroen, maar gelijken veeleer op de zoete schijn van een sinaasappel. Het bewijst de enorme veerkracht van de natuur, maar achter die veerkracht gaat ook veel leed schuil, veel wat mislukt en niet tot wasdom komt, alleen zie je dat niet doordat het wordt overstemd door de groene symfonie.
Moeder eend waakt de ene dag nog over acht kuikens, de andere dag zijn het er nog maar vijf, en een week later misschien nog maar een enkele. Van alle zaden die de bodem hebben bereikt, ontkiemt maar een fractie. Leven is in feite een uitzondering op de algehele aanwezigheid van de dood, maar het is een uitzondering die in de lente een feest van uitbundigheid, van hoop en overwinning viert. Je moet van steen zijn om het onaangedaan aan je voorbij te laten gaan, zelfs de koudste kikker kwaakt opgetogen mee met het lustrijke refrein van de lentezang. De stemming is vrolijk en de dood die aan al het leven ten grondslag ligt is snel vergeten, wordt overrompeld door de wilskracht van het overgeblevene.
Zelf loop ik in de lente niet meer uit, of in de verkeerde richting. Mijn hersenen plagen me met nachtmerries; het lijkt alsof de toevloed aan zintuiglijke indrukken niet op een harmonische wijze kan worden verwerkt maar in tragische beelden vol emotionele lading moet worden geuit. Het zonlicht pijnigt vooral in de vroege morgen mijn ogen en veroorzaakt uitbundige optische aura's, waardoor ik maar half kan zien en lezen, schrijven, tekenen of werken zo goed als onmogelijk worden, waardoor mijn stemming danig verslechtert. Mijn handen zitten verder vol eczeem - de 'groene' vingers die ik door het werken in de tuin krijg, jeuken niet om aan de slag te gaan, maar van de blaasjes en kleine wondjes. En bij een iets te enthousiaste oplapbeurt van mijn fiets (de voorband moest vervangen) heb ik mijn borstspier zodanig verrekt, dat ik een aantal nachten nauwelijks kon slapen van de pijn.
Ja, het is lente, maar de energiestoot en de hernieuwde levenslust blijven bij mij meer en meer achterwege. Het ontbreekt me telkenmale aan motivatie om me dagelijks tot iets te zetten; en zo ik al iets doe, gebeurt het meest incidenteel, niet structureel. Juist in de lente wordt duidelijk dat ik afwijk van het gros van de mensen, maar ook van de dieren en planten die allen blaken van vrolijkheid en plezier in het bestaan. Ik behoor in feite tot die zo goed als onzichtbare wereld waarin mislukt, waarin een zaad niet kiemt, een kuikentje voortijdig sterft, een koude nacht de bloesem bevriest, of de uitbundige groei zo domineert dat er verder geen ruimte is om tot wording te komen....

Oproep

verhaal
3,7 met 6 stemmen 1.005
Sinds enige tijd tracht ik zo te leven, dat het desolate gevoel dat de eenzaamheid met zich meebrengt meer en meer verdwijnt. Hoewel ik eenzaamheid goed verdraag en ik vele jaren van mijn leven niets anders wilde dan me steeds verder te isoleren, ben ik nu op een punt gekomen dat ik me niet meer wens te verbergen. Misschien komt het omdat ik besef, dat ik weinig te verliezen heb; ik heb van dichtbij meegemaakt hoe snel het leven voorbij kan gaan, en het is me dan ook een lief ding waard als het me lukt zoveel mogelijk te delen met anderen. Het in mezelf verzonken leven, het leven op en voor mezelf, heeft voor mij niet meer de waarde die het had, ik wil het nu delen, ben zelfs bereid het te geven, als het iets toe kan voegen aan de kwaliteit van het bestaan in het algemeen of van de mensen waar ik om geef in het bijzonder.
Ik moet na enig weifelend heen en weer schommelen in de meningen en visies die ik vormde of volgde, nu toch onderkennen dat ik een idealist ben, dat ik het alles verpulverende nihilisme en alles gratuit makende relativisme te boven ben, dat ik voor alles streef naar de ontwikkeling van de enorme capaciteiten die verankerd liggen in het menselijk leven, een zo gevarieerd mogelijke exploitatie en exploratie van creatieve vermogens, zonder schroom of angst. Wat mij betreft is de durf om te maken, om te scheppen, om iets nieuws te laten zien, te ontdekken, te doorbreken, een andere, verrassende kijk te geven op dingen meer dan ooit gevraagd. De tijd waarin we nu leven is beslist reactionair te noemen, we leven in een maatschappij waarin meer wordt afgestoten dan geassimileerd, meer vernietigd dan gerealiseerd, waarin de draagkracht voor tolerantie, respect, vrijheid en ook vrolijkheid ernstig is verzwakt, om niet te zeggen bezweken is onder de loden last van risicoloos vegeteren en massaal consumeren, de economische dwangbuis van een behoefterijk, maar volstrekt fantasieloos bestaan. Het is een echec van de eerste orde, te moeten erkennen dat de angst om te leven, om uitbundig het bestaan in al zijn facetten te vieren, meer en meer is gegroeid terwijl de ons ter beschikking staande middelen verveelvoudigd zijn. De vrees, te verliezen is groter en machtiger dan de hoop, te overwinnen.
Het is niet leuk meer allemaal, op wereldpolitiek niveau wordt het geloof in vooruitgang en menselijk vernuft overstemd door de fundamentalistische onheilsboodschappen van alle individuele vrijheid en geestelijke zelfstandigheid fnuikende religies, die de aardse mens kortwieken met valse beloften en groteske waanzin. Het is me nog steeds een gruwel, dat de proefondervindelijke wetenschap niet in staat is gebleken om iedere religie overbodig te maken. Waarom de mens hardnekkig vlucht in het omarmen van waanvoorstellingen die ieder realiteitsbesef verloochenen is iets wat ik moeilijk accepteren kan. Zelfs in een land dat pocht, de leider te zijn van de vrije wereld, tiert een streng religieus besef, en is het niet de wetenschap maar God die de zegeningen verspreidt. Het zou me dan ook niets verbazen als een historicus over twee eeuwen de huidige tijd interpreteert als een door godsdienstoorlogen geplaagde periode.
Voor mijzelf houdt de realiteit in, dat je alleen dit leven hebt, dat er een definitief einde is aan je bestaan, dat het geen zin heeft er meer van te verwachten dan wat er in die beperkte tijd binnen je bereik ligt. Maar binnen die beperking ben je je eigen meester, kun je alles zoveel mogelijk doen naar eigen inzicht en op een wijze, die bij je past en waarbij je jezelf het best tot recht kunt laten komen. Als mens is het je gegeven, intensief deel te nemen aan alles wat zich manifesteert; als mens heb je de mogelijkheid, te begrijpen, te weten, te leren, te zien. Als mens ben je in staat, de wereld te openen, te verduidelijken wat gebeurt, en zo nodig in te grijpen, al zou ik willen dat dit laatste minder vaak en vooral minder onkundig en impulsief gebeurt dan nu....

Stilte

verhaal
2,2 met 12 stemmen 1.505
Het is stil in mij, om verschillende redenen. Er is een stilte die door machteloosheid wordt gevoed. Een stilte die een ingetogen woede is omwille van allerlei politieke besluiten die ertoe leiden dat mensen waar de klappen al jaren vallen nog eens worden nagetrapt. Gehandicapten, chronisch zieken, alleenstaande moeders met kinderen, werklozen, ouderen, ze krijgen allemaal te horen dat hun met moeite te handhaven bestaan een zaak is van eigen verantwoordelijkheid en vooral eigen financiering. Waar dat laatste ontbreekt, zal men slechts een beperkt beroep mogen doen op Vadertje Staat, die slechts genadebrood wenst te verstrekken en dan ook nog met een houding alsof het een galgenmaal betreft. Weliswaar is hulp bij zelfdoding nog steeds wettelijk verboden, maar de Staat zelf wordt hiervan uitgezonderd en van iedere vervolging gevrijwaard. Het harde, onrechtvaardige beleid moet ervoor zorgen dat de economische maalstroom die alles van waarde verpulvert haar dynamiek behoudt; dus komen er spitsstroken waarvan de aanleg vele miljoenen kost, wordt er verder gebouwd aan een verliesgevende Betuwelijn en worden het vliegverkeer en Schiphol onverkort gesubsidieerd met fiscale voordelen. De veiligheid op straat is al jaren aan de beterende hand, zo bewijzen de statistieken, maar omdat het gevoel van veiligheid door de opgeklopte nieuwsgaring elk jaar weer wordt geïntensiveerd worden er extra middelen uitgetrokken om dat gevoel weg te nemen: meer politie op straat en hardere aanpak van criminelen. In een mediacratie is alles geoorloofd wat tot een versterking van het image leidt, ongeacht de werkelijke stand van zaken.
Ik ben stil van mezelf, van de depressie die zo lastig te overwinnen valt ondanks de therapieën die ik volg. De Staat zij geprezen dat ik die therapieën kosteloos volgen kan, al snijdt het mes aan twee kanten, want zonder patiënten zijn de therapeuten en allerlei ander personeel werkloos. Zou er voor betaald moeten worden, dan zou toch al gauw de helft van de mensen hun ontslag moeten aanvaarden en tal van patiënten ziek thuisblijven, met alle kosten aan verloren arbeidsproductiviteit vandien. Ik ben stil van mezelf omdat de therapieën onvoldoende aanslaan ondanks het feit dat ik mijn stinkende best doe en zeer gemotiveerd ben om mezelf uit het dal omhoog te werken (dat hebben de therapeuten die mij behandelen meer dan eens beaamd). De depressie waarmee ik kamp lijkt wel een bodemloze put en hoezeer ik me ook inspan, ik blijf me afgemat, moe en neerslachtig voelen. Ik ben stil omdat ik twijfel of ik niet een lichamelijke ziekte heb in plaats van een psychische, een stofwisselingsstoornis of een ander ongerief dat me parten speelt. Binnenkort wordt er naar gekeken, want zelfs de behandelend psychiater vindt een lichaamsonderzoek geen overbodige luxe in mijn geval, juist omdat ik zo mijn best doe en het toch niet lukt om beter te worden.
Ik ben stil omdat mij juist in deze lastige tijd ook de liefde weer ten deel valt, ik weet dat er tenminste één persoon is die echt om me geeft en die er voor me wil zijn. Deze liefde doet me erg goed, zij behoedt me voor wanhoopsdaden, zij houdt me bij de les, zij zegt me dat ik de moeite van het leven waard ben, dat ik een beminnelijk mens ben. Ik ben er stil van omdat het mij zomaar ten deel valt op een moment dat ik het bijna had uitgesloten, en me voorbereidde op een eenzaam, enigszins gedesillusioneerd en verbitterd bestaan. Ineens is er weer perspectief en wil ik meer dan ooit genezen van mijn neerslachtigheid en de tomeloze vermoeidheid, ik wil dat het leven me weer vreugde en lust schenkt omdat ik eindelijk iemand ken waarbij ik voel dat ik veel delen wil, die ik toe kan laten in mijn leven zonder me te hoeven schamen en zonder me te verbergen. Dat is het wonder van de liefde: je volledig geaccepteerd te weten door een ander, en te voelen dat deze van jouw kant ook alle mogelijke erkenning, aandacht en warmte verdient.
Ik ben stil van alle emoties die in me opkomen deze tijd, ze zijn vaak tegenstrijdig, vreugde en verdriet, hoop en wanhoop, betrokkenheid en afstandelijkheid, tevredenheid en woede... alles is aanwezig, vaak snel na elkaar, maar het resultaat is een vorm van berusting en afwachten. Ik wil nu niet van alles veranderen, ik wil de tijd nemen om alles te leren voelen en ervaren zoals het is, niet meer en niet minder. Het is tijd om te laten zijn; reden ook dat ik nu even minder creatief ben, minder schrijf en teken - ik neem in me op, ik wil het leven opnieuw leren drinken, en later zal ik alles wat in me samen is gekomen weer uiten op een hopelijk zo creatief en liefdevol mogelijke manier....

Depressie en onmacht

verhaal
4,0 met 5 stemmen 1.273
Een van meest opmerkelijke statistieken betreffende depressiviteit is dat twee keer zoveel vrouwen eronder lijden. Een andere is dat mannen vaker zelfmoord plegen, maar vrouwen weer veel meer pogingen ertoe doen, die dan mislukken. Verder is er sprake van een geweldige toename in het aantal mensen dat ooit in zijn of haar leven depressief wordt, de kans hierop is nu ongeveer 1 op de 10, maar het zou me niets verbazen als het binnen enkele jaren al 1 op de 5 is.
Gelet op het enorme verlies aan productiviteit die depressie tot gevolg heeft en de intensieve zorg die nodig is om haar te behandelen, is het een economische schadepost van de eerste orde en zou het de hoogste prioriteit moeten krijgen om haar te voorkomen. Wat mij betreft staat die prioriteit buiten kijf ook los van het economische argument vanwege het verlies aan levenslust en het ermee gepaard gaande psychisch lijden, maar omdat politici en beleidsmakers er gevoeliger voor zijn als de economie in het geding is, is het verre van overbodig of platvloers, erop te wijzen.
Nog een opmerkelijke statistiek: aan depressie lijdende mannen melden vrijwel allemaal een meer of minder groot verlies aan libido en seksuele problemen als gevolg daarvan. De mate van opwinding is gering, om niet te zeggen afwezig en als er al eens opwinding is, dan functioneert de penis niet meer als normaal, er is vaak sprake van wat men deftig een erectiele dysfunctie noemt, maar in de volksmond impotentie heet: de penis wordt niet meer stijf of blijft dat veel te kortdurend om te kunnen vrijen. De oorzaken hiervan liggen niet alleen in de depressie zelf, maar ook in de medicijnen die er vaak voor worden voorgeschreven, zoals prozac, efexor, clomipramine, etc. Deze medicijnen werken verdovend op de lust in het bijzonder en op het gevoel in het algemeen. Ze temperen de negatieve gevoelens (zelfs pijn is minder manifest), maar ook de positieve. Sommige mensen voelen zich een zombie als ze die medicijnen slikken, ze blijven emotioneel onaangedaan zelfs bij ingrijpende gebeurtenissen. Dit biedt wel een vorm van bescherming, maar een plezierig leven is het niet.
Onmacht is moeilijk aanvaardbaar voor een man. Voor een vrouw kan het dit ook zijn, maar ondanks de emancipatie is de man toch nog vaak geïsoleerd in zijn gevoelens, hij heeft meer moeite ze te delen met anderen, man en vrouw. Vrouwen zijn socialere wezens en zijn veel beter in het delen van emoties. Gevolg is dat zij bijvoorbeeld sneller met problemen op de proppen komen dan mannen, die ze meer verbergen, uit schaamte en uit angst, minder volwaardig, minder man, als een slappeling, te worden beschouwd. Hiermee is waarschijnlijk het verschil verklaard in het voorkomen van depressiviteit bij man en vrouw: het komt even vaak voor, maar vrouwen melden het veel eerder aan een arts of aan familie en vrienden, ze komen er makkelijker mee over de brug. Gevoelens van schuld en minderwaardigheid etaleer je niet zomaar, en als man het liefst in het geheel niet. Geheel in lijn hiermee staat het gegeven dat mannen vaker daadwerkelijk zelfmoord plegen dan vrouwen, die vaker een poging doen: vrouwen durven aandacht te vragen en een beroep te doen op de sociale omgeving, mannen kroppen op tot het niet meer te verdragen is en plegen dan in wanhoop zelfmoord, waarbij ze er wel voor zorgen, dat die poging meteen slaagt....

Goede tijden en zomertijden

verhaal
3,7 met 14 stemmen 1.790
Vandaag is de vermaledijde zomertijd weer begonnen. Wat mensen ertoe leidt om dit weekend een uur slaap in te leveren om 's avonds langer licht te mogen genieten is mij een raadsel. Langer licht betekent immers langer herrie, een avond die maar geen nacht wordt en onrustig blijft, buren die voor de meest bekrompen Nederlandse tuinen de veel te rokerige barbecue van stal halen, nog langer zich vervelende en schreeuwende kinderen die weigeren naar bed te gaan, etc. Als je het mij vraagt, doe ik er deze tijd liever een uur bij, zodat het hoogzomer niet tot tien uur 's avonds maar tot acht uur 's avonds licht blijft. Het is dan wel drie uur 's nachts alweer licht, maar dan ligt iedereen te slapen en kunnen mensen als ik die de nacht nodig hebben om zichzelf te zijn, eindelijk eens genieten van een wereld die rekening houdt met hen.
Maar het mag niet zo zijn, de tirannie van de oeverloze vrolijkheid en het misplaatst optimisme is een alomvattende dictatuur en je hebt je als minder in levenslust bedeelde, neerslachtige en overgevoelige persoon maar aan te passen, ten behoeve van de algehele onrust.
Het economische argument, dat langer licht minder stroomverbruik betekent, is stupide. De uitbundigheid viert hoogtij in de zomer en moet worden uitgeleefd door ondersteuning van allerhande activiteiten. Het extra koude pilsje komt uit een extra hoog gezette koelkast, het niet aan te slepen vlees dat op de barbecue moet, is diepgevroren uit de vrieskist gekomen, er wordt vrolijk muziek gedraaid op de muziekinstallatie met extra vermogen in de luidsprekers, die paar lampen die we in de winter 's avonds ontsteken en 's zomers niet wegen in stroomverbruik toch stellig niet op tegen de voor het buitenvermaak benodigde energie, zeker als we in ogenschouw nemen dat het energieverbruik van de mensen zelf niet bepaald wordt ingetoomd door het warmere weer.
Genieten is meer en meer een activiteit, niets doen valt onder een wezenlijk andere categorie, en wel die van de verveling. Verveling is een vloek voor de moderne mens omdat het leven maar één keer is en er alles uit moet worden gehaald wat er in zit. Geen wonder dat in geval van zinloze reflectie op de dingen mij altijd een gevoel van eeuwigheid overvalt, alsof ik het al tientallen jaren doe. Alleen als ik me inspan en vertier heb, snelt het leven me voorbij en raak ik in een soort paniek, dat ik ondanks het actief zijn en het vele beleven, iets wezenlijks mis. En dat is ook wel zo: ik mis het gevoel van rust, van verstilling, van simpel bestaan zonder pretentie, zonder mij ontstijgend doel. Ook dit is weer een reden om de zomertijd niet in te stellen, of omgekeerd in te stellen door de klok een uur terug te zetten: het bewust maken van de mensen, dat het leven meer is dan het bereiken van een bepaalde leeftijd en het ervaren van zoveel mogelijk afwisseling en vertier....

Geven en nemen

verhaal
1,7 met 18 stemmen 1.946
Ik geloof dat ik zeggen mag dat ik een goedgeefs persoon ben. Zelden misgun ik iemand iets en als ik iets kan doen voor een persoon doe ik het meestal graag. Ik vind het fijn als ik iets geven kan, als ik een persoon iets toevoegen kan, en ik verwacht er niets voor terug. Ik vind het de essentie van leven dat het poogt, naar buiten te treden, en wat zich heeft opgetast in het bestaan aan ervaring, kennis of bezit te delen met anderen of hoe dan ook te uiten (zoals in kunst of literatuur). Leven dat zich tot zichzelf beperkt is in feite doods, het leeft niet, het verstikt zichzelf, en het lijkt me een vorm van zelfvertering waaraan weinig te beleven valt.
Het leven is echter beperkt. En je kunt niet louter geven, niet bestaan bij de gratie van het uiten alleen, als mens ben je niet de onuitputtelijke bron van leven en energie zoals de zon. Wat zich in je heeft verzameld moet steeds opnieuw worden aangevuld, voor je iets geven kan moet je iets in je opnemen, moet je toegankelijk zijn voor al wat leven aan je schenkt. Doe je dat niet, dan verkommer je. Dan droog je uit of verhonger je, is het niet letterlijk dan figuurlijk.
Hierbij, bij het in me opnemen van leven en energie, ondervind ik meer moeite, maar dat is niet zo vreemd. In het toe-eigenen van de omgeving, in het ontvangen van energie en kracht, in het tot je nemen van door anderen weergegeven ervaringen en kennis, maar ook in het aanvaarden van liefde en aandacht, moet je duidelijk worden wat je wilt, wie je bent, welke doelen je nastreeft. Je moet een keuze maken, je kunt niet alles tot je nemen, je moet je richten op mensen en zaken die bij je passen, en dat is een moeizaam proces waarbij veel fouten worden gemaakt. Het is daarom al veel makkelijker te geven dan te nemen. Wat je geeft laat je los, het komt uit je en er hoeft verder niets aan te worden gedaan, het is er. Maar wat je neemt is niet zo neutraal, het vraagt om verwerking, het moet worden verankerd in je wezen, en als je dat niet lukt, gooi je het weg, alsof het jou niet waard is (dan wel jij het niet waard bent). Je moet veel specifieker zijn in wat je tot je neemt dan in wat je geeft. Het kan zelfs zo moeilijk zijn dat je jezelf afsluit, dat je liefde, aandacht, ervaring en kennis van anderen buiten jezelf houdt omdat je er geen weg mee weet, omdat je wezen te teer is of te verbrokkeld om iets toe te kunnen eigenen; vaak moet je dan weer terug bij af, je toeleggen op de meest basale, fysiologische behoeften die je hebt.
Wat je kunt geven weerspiegelt altijd wat je tot je hebt genomen. Je geeft wat je neemt. Of liever: wat je hebt verwerkt, wat je door alle ervaring en kennis die je had hebt opgewerkt tot iets zinvols, tot iets menselijks, tot iets van waarde dat door anderen kan worden opgenomen. Geven zonder die toegevoegde waarde is veeleer afgeven, iets overlaten aan anderen wat je zelf niet denkt te kunnen gebruiken. Dat is geven nog voor je goed en wel genomen hebt, nog voor je iets hebt geïntegreerd in je bestaan. Dat geven is zonder betekenis en als je het met een hypocriet gebaar van goedgeefsheid de ander overlaat is het zelfs schofferend. Geven heeft alleen betekenis als jij het zelf bent die geeft, als er een persoonlijke waarde aan gekoppeld is. En nemen is alleen pregnant als je besluit er ook werkelijk iets mee te gaan doen, als je weet dat het bij je past en door je verwerkt kan worden. Al het andere is vals vertoon om de schijn op te houden, het is geven omdat je het kwijt wil en nemen in de wetenschap dat je het weg zal gooien....

Zielloos asiel

verhaal
1,5 met 61 stemmen 3.785
Er moet me iets van het hart: de wijze waarop we de laatste tijd met asielzoekers omgaan vind ik onwaardig en getuigen van gebrek aan belangstelling en respect voor de vreemdeling, die om wat voor reden ook in ons land verzeild is geraakt. De eerste reactie zou moeten zijn, de vluchteling met gastvrijheid en warmte te bejegenen, ontheemd als hij immers is. Maar in plaats daarvan wordt hij met achterdocht bekeken en wordt voorondersteld dat hij een crimineel en/of leugenaar is tot het tegendeel wordt bewezen.
Natuurlijk, er zijn mensen die op de vlucht slaan om hun heil elders te zoeken, niet vanwege politieke nood maar wel vanwege een knagende maag. Wij Europeanen hebben nooit anders gedaan, Amerika en Australië zijn door Europese vluchtelingen ontstane maatschappijen. De Ieren en Italianen verrekten van de honger in de negentiende eeuw vanwege misoogsten en dat dreef ze massaal naar de Verenigde Staten, om er de oorspronkelijke bewoners met moord en doodslag te verdijven, niet zelden met het kruisbeeld als strijdlustig vaandel. Wij Europeanen waren stellig geen politieke vluchtelingen, maar op zoek naar heil en geluk en rijkdom. Dit motief te verfoeien terwijl we er zelf zo sterk door gedreven werden én worden - ook in ons eigen land - is stompzinnig en getuigt in feite van minachting jegens onszelf.
Bovendien is de wereld door communicatiemiddelen zoveel kleiner geworden en wat wij de hongerlijdende mensen van onze wereld laten zien is vooral een paradijs van vrijheid, ruimte en voor iedereen ter beschikking staande consumptiegoederen. We spiegelen een valse wereld voor, waar rijkdom voor iedereen is weggelegd zonder noemenswaardige arbeid en stress. Geen wonder dat zoveel mensen de gok wel willen wagen, zoals de Europeanen in de negentiende eeuw.
Los van allerlei filosofische argumenten die je kunt aanhalen om aannemelijk te maken dat bezit van land en nationaliteit schijneigenschappen zijn en dat iedereen die leeft evenveel recht op bestaan heeft, op een stukje aarde en lucht, begrijp ik dat je de landsgrenzen niet kunt opheffen en iedereen die dat wenst kan toelaten. De illusie van een paradijs moet door de realiteit worden doorbroken dat je in ons land alleen een bestaan kunt opbouwen door een beroep te doen op zeer beperkte mogelijkheden van onze maatschappij om mensen te huisvesten en van werk te voorzien. De meeste vluchtelingen moeten we nul op rekest geven omdat we niet in staat zijn ze iets beters te geven dan ze hadden in hun plaats van herkomst, zelfs al is dat de hongerdood. Maar dit alles laat onverlet dat je degene die hier verzeild is geraakt met goed fatsoen moet behandelen, te eten en te drinken moet geven en van een onderdak voorzien zolang het verblijf duurt. Doen we dat niet, dan verscherpen we het leed en maken we onszelf terecht gehaat, want laten we wel zijn: als we geen ruimte meer hebben om deze basale nood te ledigen, verdienen we de kwalificaties gruwelijk, onmenselijk en barbaars, kwalificaties die we veel te snel hanteren voor precies die politieke regimes waar de vluchtelingen voor geweken zijn en waar we ze zonder verblozen of verblikken naar terugsturen....

Het einde van de toewijding

verhaal
2,5 met 12 stemmen 1.424
Een van de meest pregnante ontwikkelingen van de afgelopen vijftig jaar is de individualisering van de maatschappij. Veel meer mensen dan vroeger wonen alleen en leven een eigen bestaan, waarbij ze natuurlijk wel allerhande contacten hebben, maar zonder zwaarwegende verplichtingen aan te gaan. Dit alles lijkt ingegeven door de veronderstelling, dat het leven als zodanig de moeite waard is en dat er alles aan gelegen is er zoveel mogelijk uit te halen. De waarde van het leven wordt niet gekoppeld aan de ander, of aan een hogere instantie, een het eigen leven overstijgend doel dat na te streven valt.
Geheel in lijn hiermee is de tendens, het lichaam te koesteren, de gezondheid als het hoogste goed te achten, de wensen en verlangens die in je opkomen boven alles te bevredigen en in zoveel mogelijk zaken het genot te zoeken. Je leeft immers maar een keer en daarom moet je proberen zolang mogelijk en zo intens mogelijk te leven. Zonder ziekte en zonder problemen. Zonder allerlei fnuikende weerstanden en onoverkomelijkheden.
Je hebt een eigen verantwoordelijkheid voor het bestaan dat je leidt en als je gevangen blijft in een bepaald stramien dan roep je de ellende over jezelf af. Groei is het sleutelwoord, en aan die groei is geen eind, zelfs als bejaarde is er nog van alles te ontdekken en zijn er talloze nieuwe, betekenisvolle ervaringen op te doen.
In deze optiek heeft ziekte dan ook een zin. Het moet wel, want het leven is alles wat je hebt. Zelfs het ellendigste leven moet een boodschap krijgen, want als het als zinledig wordt bestempeld dreigt het gevaar dat het leven zelf onder de loupe genomen moet worden en de waarde ervan ter discussie moet worden gesteld. Dan kan blijken dat de idylle van 'groei' een illusie is, dat het najagen van allerlei nieuwe, enerverende ervaringen een teken is van innerlijke leegte, dat het afdoen van zieken, minder bedeelden en getormenteerden als in een slachtofferrol zich wentelende mensen een stuitend ontlopen van verantwoordelijkheid is, van gebrek aan toewijding en het miskennen van het ego overschaduwende doelen en belangen....