Typefout.
Op zich helemaal niet erg, ware het niet dat het waar is.
“Ik leef je.”
Als in een parallel universum waarin ik uitsluitend besta door jou waar te nemen, waarin jouw geluiden mijn stiltes vullen, jouw bewegingen mijn rust definiëren.
Tien minuten later antwoord je: "Typefout?"
Ik aarzel.
Typ dan: "Nee. Geen fout."…
Mijn zinnen moeizaam formulerend ben ik weer aan het tikken geslagen, maar steeds moet ik weer terug om mijn typefouten te herstellen, ik kan me niet concentreren.
Ik wou dat je nu hier was, hier bij me, dan hoefde ik niet zo moeilijk te doen op mijn toetsenbord, dan kon ik je zeggen wat ik je wil zeggen, terwijl ik je aankijk.…
Dat was een typefout want hij had ‘Avonturen’ bedoeld, met een ‘t’ dus. De uitgever vond het echter een geniale typefout en dus bleef het staan zoals het er stond.…
Die praat dus met typefouten.
Aan het kleine joch geef ik een vette knipoog en dat vindt hij leuk. Dus doe ik het nog een keer. Hij lacht voluit en zegt iets onverstaanbaars tegen zijn moeder en die zegt iets onverstaanbaars terug.
Hij komt naar me toe en steekt een handje om hoog. Ik zak diep door de knieën, pak het handje.…
In een zin tweemaal een typefout van jewelste. Heerlijk gewoon. Daar blijf je wakker van. Het moet natuurlijk zijn: dat gebeurt mij de laatste tijd steeds vaker. Dat houdt mij bij de les.
De woordenteller staat nu al op 763. Nog even en ze gaat het verhaal naar een eind schrijven en proberen af te sluiten bij 1000 woorden.…