Een praatje maakt je dag.
'Regent het?" vroeg de vriend van mijn buurvrouw toen ik mijn fiets in het hok had geparkeerd.
"Het miezert een beetje" zei ik, "wordt je niet nat van."
Van het een kwam het ander. Het gesprekje babbelde vlot weg. Een type dat in de horeca zou kunnen werken, dacht ik bij mijzelf. Hij klonk niet intimiderend. Buuv stond erbij.
Of een praatje je dag maakt zoals de campagne van Sire beweerd, betwijfel ik. Ik ga in de buurt over de tong als een soort christelijk monster dat onschuldige kinderen in de hel gooit en dat is allemaal begonnen bij mijn arme moeder die dertig kilometer verderop woont en nog nooit in deze buurt is geweest. En het komt ook om wat ik in het verleden ooit eens gezegd heb over mijn buurvrouw naast wat ik gezegd zou hebben en kunnen hebben en eerlijk is afgeluisterd. Daarom frustreert het haar dat het alsmaar niet lukt om haar dag te maken. Al tien jaar.
Als je nooit mét, maar altijd óver iemand praat, kan dat horror-achtige situaties oproepen. Daarom kan ik me voorstellen dat de vriend van mijn op hol geslagen buurvrouw heeft voorgesteld om eens een praatje met mij te maken, in plaats van mij op de kast jagen - zonder resultaat. Buuv stond het zichtbaar niet leuk te vinden.
Een week later hoor ik de hamer wat harder dan anders bonken uit de bekende hoek op de bekende tijd als ik boven zit te lezen. De herrie glijdt direct van me af. Op het moment dat de mistige schemering invalt kom ik beneden en zie in een voor mij zichtbare hoek van haar terras een zwarte gestalte staan met bedekt gebogen hoofd. Het wezen is in doodstil gebed verzonken.
Ik glimlach. Háár dag zal het nooit worden.
31 oktober 2026
Geplaatst in de categorie: humor

Er zijn nog geen reacties op deze inzending. Schrijf de eerste reactie!