Inloggen
voeg je verhaal toe

Verhalen

Moord in de psychiatrie 1

Toen:
Ze had zoveel daders voorbij zien komen, door alle politieseries op de televisie, die zij tijdens haar jeugd had bekeken. Het was niet onlogisch wanneer zij onmiddellijk de dader kon aanwijzen van de brute moord op het weesmeisje dat in een psychiatrische inrichting zat. Het lag dan voor de hand dat zij vermoord zou zijn door een lotgenote, die de waanzin niet meer onder controle had.
Maar haar speurneus zorgde voor twijfel, net als haar hond, een poedel met bovengemiddelde intelligentie, voorvoelde zij dat er sporen waren gewist. Het was onduidelijk of er een motief aanwezig was voor deze gruwelijke daad.
Nu zat zij daar sportief gekleed in mantelpak met donkerblauwe strepen te twijfelen of zij het ook dit keer voor elkaar kon krijgen om de dader bij de kraag te grijpen. Ze nam nog een slok van de warme soep uit het bedrijfsrestaurant en begon toen met het opschrijven van onmiskenbare feiten.
Het weesmeisje was dood. De doodsoorzaak moest nog onderzocht worden. Maar alles wees op verwurging met de dood tot gevolg.
Ze bladerde door haar notities. Haar poedel, Sjors genaamd, tuitte zijn intelligente snuit en stootte zachtjes tegen haar been. Hij had het al vaker gedaan als er iets niet klopte. Ze keek op van haar soep en liet haar blik dwalen over het bedrijfsrestaurant. Een bont gezelschap van personeel, therapeuten en patiënten die ogenschijnlijk niets met elkaar gemeen hadden.
De politie had de hoofdingang inmiddels afgezet. Maar de ware moordenaar bevond zich volgens haar nog altijd binnen de muren van de inrichting. Ze kon zich niet aan de indruk onttrekken dat de dader precies wist hoe het complex in elkaar stak.
Ze sloeg haar notitieblok open en schreef drie namen op van personen die tijdens de moord exact op de verkeerde plek leken te zijn. Nu was het zaak om Sjors in te zetten voor het volgende spoor, want de dader had ongetwijfeld iets achtergelaten.

Nu:
Sjors slaat aan! De slimme poedel loopt direct naar de recreatieruimte.
Julian zit aan de puzzel. Zijn blik is leeg. Zijn handen trillen licht. De detective stapt op hem af.
Ze ziet de rode striemen. Ze ruiken naar frisse buitenlucht. Niet naar de muffe puzzelkamer.
Julian verbergt snel zijn armen.
"Ze is nu vrij," fluistert hij. "Vrij van deze muren." "Vrij van de dokters."
Zijn stem klinkt kil. Maar zijn ogen verraden paniek.

Kamer 14 is extreem netjes. Geen persoonlijke foto's aan de muur. Alleen geometrische tekeningen van doolhoven. Sjors loopt direct naar het bed. Onder het bed vindt de slimme poedel een handgeschreven dagboek vol obsessieve gedichten over het weesmeisje.
Achter de radiator ligt een kapot getrokken zilveren halskettinkje met een klein kruisje.
Terwijl ze het kettinkje oppakt, hoort ze voetstappen. Iemand loopt zachtjes door de gang.
De deurklink van kamer 14 beweegt langzaam omlaag.

De deur zwaait open. Dr. Van Arendsvlek stapt binnen. Zijn blik is ijskoud. Hij herstelt zich snel.
Een gemaakte glimlach verschijnt.
“Wat doet u hier? Dit is strikt verboden. Patiëntenkamers zijn privé-terrein."
Hij kijkt naar haar hand. Zij verbergt snel het kettinkje.
De poedel begint te grommen. Zijn neus wijst naar de dokter.
De jas van de psychiater mist een knoop.

Schrijver: Esther Bevillia
14 juni 2026


Geplaatst in de categorie: misdaad

Er is nog niet op deze inzending gestemd.aantal keer bekeken 38

Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je e-mailadres voor anderen in beeld verschijnt)