Moord in de psychiatrie 2
Sjors voelt de spanning. Kamer 14 verbergt geheimen. De inrichting heeft meer muren.
Achter elke muur zit een dader.
Therapeute Nova staat met haar rug naar de deur. Ze is zo intensief bezig dat ze de detective en Sjors niet eens binnen hoort komen.
Met trillende handen verscheurt ze een groot houtskoolportret van het weesmeisje. De stukken vallen op de grond. De detective ziet direct donkere klei diep onder de nagels van Nova zitten. Precies dezelfde soort klei die ook in de binnentuin bij het raam van het slachtoffer ligt. Als Nova zich omdraait, schrikt ze zichtbaar. Ze probeert de verscheurde stukken papier snel met haar voet onder een schildersezel te schuiven. Op de achtergrond hangt een groot canvas. Tot de schrik van de detective staan daar exact dezelfde, geometrische doolhoven op getekend als in het dagboek van Julian. Nova probeert haar ademhaling te controleren en zegt met een geforceerde, zachte stem: "Het is hier momenteel geen vrije inlooptijd... Creatieve therapie is nu gesloten."
"Dat is een specifieke soort klei onder uw nagels, Nova. Precies de vette, donkere klei uit de binnentuin. Vlak onder het raam van het slachtoffer."
Nova trekt haar hand met een ruk terug. Haar wangen kleuren felrood en ze begint te haperen."Ik... ik heb vanmorgen verse aarde en klei gehaald voor de boetseersessie van vanmiddag! Dat is puur toeval."
De poedel laat zich niet misleiden. Hij loopt doelgericht naar de vuilnisbak naast de boetseertafel en begint luid te krabben. Tussen de weggegooide kleiresten glinstert iets hards. De detective buigt voorover en vist het eruit met een pincet. Het is een identieke zilveren jasknoop, besmeurd met opgedroogde modder. Precies de knoop die mist op de jas van Dr. Van Arendsvlek.
Zodra de detective en Sjors het atelier verlaten, klikt de deur achter hen direct in het slot. Het is muisstil in de gang van de inrichting, totdat de intercom plotseling kraakt. "Attentie voor al het personeel. Dr. Van Arendsvlek verzoekt de externe detective direct naar zijn kantoor op de eerste verdieping te komen. Alleen."
Sjors kijkt zijn baasje aan en laat een lage, waarschuwende grom horen. Hij vertrouwt het niet. Maar de detective voelt de knoop in haar zak branden. Dit is hét moment om de psychiater te confronteren met het bewijsmateriaal: het kapotte zilveren kettinkje uit kamer 14 én de missende knoop uit de klei.
Dr. Van Arendsvlek zit achter zijn massieve eikenhouten bureau. Hij heeft inmiddels een andere jas aangetrokken, maar zijn houding blijft ijzig. Hij vouwt zijn handen samen en kijkt haar indringend aan.
"Fijn dat u er bent," begint hij met een gemaakte, meelevende stem. "Ik moest u wel wegsturen bij kamer 14. De waarheid is namelijk dat we de dader al hebben. Patiënt Julian heeft zojuist een volledige bekentenis afgelegd. De tragische moord was het resultaat van zijn ernstige waanideeën."
Hij schuift een officieel uitziend formulier over het bureau. "Hij heeft bekend dat hij het weesmeisje heeft verwurgd. De zaak is hiermee intern opgelost. U kunt uw spullen pakken."
Terwijl hij spreekt, tikt hij nerveus met zijn vingers op het bureau. De detective ziet dat zijn handpalmen rood zijn, alsof hij er hard in heeft geknepen om de trillingen te stoppen.
De detective voelt de zilveren knoop en het kapotte kettinkje in haar zak. Ze weet dat Julian slechts een zondebok is om de sporen van de echte moordenaar te wissen.
17 juni 2026
Geplaatst in de categorie: misdaad

Geef je reactie op deze inzending: