Inloggen
voeg je verhaal toe

Verhalen

De homoseksuele pastoor van Wervershoof

'En, meneer pastoor, heeft de haaienvinnensoep lekker gesmaakt?', vraagt de dienstbode Diena Kalkoen aan pastoor Kobus Koopman, die nog zichtbaar zit na te genieten. 'Bijzonder aangenaam, lieve Diena, maar er is zeker nog ruimte voor het hoofdgerecht!', antwoordt Kobus, terwijl hij met zijn rechterhand liefdevol over zijn eigen, dikke buik wrijft. 'Ik ga het meteen halen, meneer pastoor, eventjes de lege soepkom meenemen!', zegt Diena met een grote glimlach, want zij geniet net zoveel als Kobus geniet, zij maakt hem zo graag naar de zin en in al die jaren dat zij bij hem is, heeft hij nog nooit een onvertogen woord tegen haar gezegd. 'Die man is een heilige!', denkt ze, terwijl ze naar de keuken loopt, 'ik bof maar om zoveel bij hem te mogen zijn!'. Even later ziet zij hem volop glunderen, wanneer zij de warme maaltijd voor hem neer zet. 'Maar Diena toch, Ierse kogelbiefstuk en dat in deze peperdure tijden, je bent echt een engel!', zegt Kobus op een deftige toon. 'Een beetje pepersaus erbij, meneer pastoor?' 'Nou, graag zeg, jij weet me wel te verwennen zeg!' 'U heeft dan ook een zwaar ambt, meneer pastoor, dan moet de buik goed gevuld zijn!' 'Jij weet het altijd zo mooi te brengen, Dienaatje van me!' 'Ach, meneer pastoor toch!' 'Nee, echt, Dienaatje, zonder jou zou mijn bestaan één dorre vlakte zijn!' 'Nu overdrijft u toch echt, meneer pastoor!' 'Goed dan, een beetje misschien, maar ik zit er niet ver van af!' 'Kan ik u nog een glas rode wijn inschenken?' 'Dat kun jij zeker, mijn beste, want deze Beaujolais smaakt voortreffelijk!'. Na de chocolademousse met slagroom steekt Kobus een Ritmeester aan en maakt hij de eetkamer geheimzinnig mistig.

De pastorie aan de Dorpsstraat 71 staat er vredig bij zo naast de imposante, neo-gotische St. Werenfriduskerk uit 1875. In deze kruisbasiliek bevindt zich een orgel uit 1862, gemaakt door Matthieu van Dinter in Weert. De organiste Hester Spigt weet er anders goddelijke klanken uit te toveren, maar de laatste weken is zij in mineur en klinkt het orgelspel bedroevend mat en pitloos. Hester wil graag met haar geliefde Impje Hellinga trouwen en zij heeft pastoor Koopman om een kerkelijk huwelijk gesmeekt, maar die blijft maar weigeren, omdat het Vaticaan nog lang niet zover is. 'Het Vaticaan weet waarschijnlijk niet eens dat er hier nog een rooms-katholieke kerk staat en bovendien willen wij in het geheim trouwen, los van al die ouderwetse bezwaren en vastgeroeste dogma's!', zei Hester tegen Kobus. 'Dat kan ik echt niet doen, lieve Hester, ook al zou ik dat willen, dat druist tegen de kerkelijke leer in en dan zet ik mijn ambt op het spel!', antwoordde Kobus. 'Komaan zeg, u gaat al bijna met pensioen, wat is het probleem?' 'Ik ben bang dat de geldigheid niet waargemaakt kan worden!' 'Het gaat ons om gelijkwaardigheidsgevoelens, wij willen het graag op dezelfde manier meemaken als heterostelletjes!' 'Luister, Hester, jij mag dan openlijk lesbisch zijn, maar in de kerk is daar geen plaats voor, althans niet officieel, begrijp je dat?' 'Nee, daar begrijp ik geen biet van en het is al helemaal vreemd om dat van u te moeten horen, want volgens de vele geruchten bent u al jaren een praktiserend homoseksueel en knijpt u de katjes in het duister!' 'Maar Hester toch, wat bedoel je toch?' 'Ik bedoel, dat er wel heel vaak 's nachts jongemannen bij u aanbellen en naar binnen gaan!' 'Daar zal dan wel een goede reden voor zijn, mijn beste, zoals je weet ben ik een herder van zielen in nood en ook 's nachts sta ik ter beschikking van noodlijdende mensen!' 'Dus u bent geen praktiserend homoseksueel?' 'Niets van dat!'. Toen Hester aan Impje vertelde, dat pastoor Koopman van hoog tot laag beweert absoluut geen homoseksueel te zijn, heeft Impje alleen maar heel schamper gelachen en gezegd 'En jij gelooft dat?'.

Terwijl Diena de afwas doet, verlaten vier jongemannen 'Het Café van Wervershoof', wat vlakbij de pastorie staat. Het zijn Volkert de Koning, Hijman Koster, Luit Nagel en Aloysius de Ruiter. Zij bellen aan bij de pastorie en even later staat Kobus oog in oog met vier van zijn homoseksuele avonturen. 'Heren, wat verschaft mij het genoegen?', probeert hij nog, maar er is geen houden aan en in de huiskamer wordt het al snel duidelijk wat het viertal kom doen. Zij eisen 40.000 euro, 10.000 voor ieder, en anders zullen zij het rondbazuinen, dat Kobus met het kerkgeld mannelijke prostituées ontvangt. 'Tja', zegt Kobus, 'jullie kennen elkaar natuurlijk uit dezelfde business en ik heb jullie volgens het gevraagde bedrag betaald, dus weiger ik jullie meer te betalen, jullie kunnen mij chanteren wat jullie willen, maar ik geef jullie geen enkele extra cent!'. 'Welnu, dom pastoortje, dan zijn wij gedwongen om...', zegt Luit, maar hij stopt, zodra Diena binnenkomt en de thee met biskwietjes serveert. Zodra Diena weg is, vervolgt Luit: '... zijn wij gedwongen om u aan de schandpaal te nagelen, wat wij vanavond meteen zullen doen!'. 'Zie eerst maar eens harde bewijzen op tafel te krijgen!', zegt Kobus boos, 'jullie hebben geen poot om op te staan!'. 'O nee, gierige dief, wij zijn zelf het bewijs en wat denk je anders van onze geluidsbanden en foto's?', zegt Hijman. 'Allemaal bluf, allemaal grootspraak!', reageert Kobus. Aloysius haalt een foto uit zijn binnenzak, waarop hij naakt met Kobus te zien is, terwijl zij de herenliefde bedrijven. 'Hoe heb je die? Geef hier!', roept Kobus, die op Aloysius af vliegt. 'Dinaááááá! Bel de politie!', schreewt Kobus. 'Waar is het kerkgeld?', vraagt Luit ineens, terwijl hij een pistool op Kobus richt. De geschrokken Dina dribbelt de kamer in en wordt meteen door Volkert gevloerd en vastgebonden. Kobus weigert de bewaarplek van het kerkgeld te vertellen en de heren raken behoorlijk ongeduldig. 'Zeg, stomme dienares, weet jij misschien waar die ouwe gek het kerkgeld verstopt?', vraagt Luit, die het meest agressief is. Diena begint te jammeren en schudt haar hoofd, waarna Luit een zakdoek in haar mond propt. 'En nou voor de dag ermee, ouwe rat, geef ons het kerkgeld of anders ga je eraan!', dreigt Luit. De anderen zoeken ondertussen overal naar het geld. Zij smijten alles omver. 'Er is helemaal geen kerkgeld meer!', roept Kobus tenslotte. 'Durf je dat nog eens te herhalen?', vraagt Luit luid aan Kobus. 'Wel duizendmaal, idioot, het is allemaal aan kerels zoals jullie opgegaan!', zegt Kobus. Luit plaatst de loop van het pistool tegen het voorhoofd van Kobus. 'Is het geld op, ja of nee?', vraagt Luit. 'Ja!', schreeuwt Kobus en in zijn schreeuw haalt Luit de trekker over. De knal doet zelfs Luit schrikken. Diena's ogen blijven groot, verdoofd en onbeweeglijk openstaan. 'Ze heeft ons gezien!', zegt Hijman angstig en compleet van de kaart. Hij pakt het pistool van Luit en hij knalt Diena door haar achterhoofd. Volkert pakt het pistool uit de bibberende hand van Hijman en hij dirigeert de anderen om er zo snel mogelijk vandoor te gaan. Aloysius is in shock en hij zegt heel langzaam: 'Er valt hier niets te halen!'. 'Juist Aloysius, even de kop erbij houden, man, het is nu tijd om te vluchten!', zegt Volkert, terwijl hij Aloysius mee trekt.

Schrijver: Sir Joanan Rutgers
16 november 2022


Geplaatst in de categorie: misdaad

Er is nog niet op deze inzending gestemd. 50



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)