Inloggen

biografie: Heinz Wallisch

[Groningen, 1945 - 2012]

 
Heinz Wallisch was muziek- en literatuurcriticus, taalredacteur, lector en lexicograaf.
Vanaf zijn vijftiende jaar doorliep hij, naast zijn school- en studietijd, vrijwel alle disciplines van het boeken- en uitgeversvak. Begin jaren zeventig was hij in diverse landen werkzaam voor de uitgeverij van de Europese Commissie te Luxemburg.
Hij publiceerde in dag-, week- en maandbladen en in andere media in binnen- en buitenland. Sedert de zomer van 2006 was hij verbonden aan het elektronische cultuurtijdschrift All art is quite useless van Rond1900.nl. Daarnaast verschenen relatief veel van zijn bijdragen over alle uitingen van cultuur op het weblog Cultuursfinx van Bloggen.be.
 
 
Belangrijkste boekpublicaties:
125 Jaar Symfonieorkest in Groningen (1987), en — samen met Bert Oling — Geïllustreerde Encyclopedie van Muziekinstrumenten (2003), in diverse landen eveneens vertaald verschenen.

Inzendingen van deze schrijver

31 resultaten.

De Brulboei van het Belcanto zwijgt nu voor altijd

beschouwing
3,3 met 7 stemmen 848
Onomkeerbaar
Die wereld, welke wordt gevormd door liefhebbers van het Italiaanse belcanto — en vooral door degenen, die menen dat ze daarvan houden, omdat ze drie tenoren wel eens samen in (een) stadion(s) hebben gezien en gehoord — zijn sedert donderdag 6 september in rouw gedompeld, omdat hun Held, hun Halfgod, hun Voorganger het tijdelijke voor het eeuwige heeft ingeruild. Vanaf nu geldt voor Luciano Pavarotti nog slechts het eeuwige zwijgen, al zullen de manipulatieve reclamelieden wel weer van alles bedenken waardoor we nog enige tijd aan de Dikkerd en diens stem zullen worden herinnerd, want de kassa rinkelt nimmer beter dan als gevolg van de onverbiddelijke, en vooral onomkeerbare, ingreep van die magere man Hein met zijn zeis.
Ondertoon van hysterie
Pavarotti is, kort voordat zijn tweeënzeventigste levensjaar kon worden afgesloten, overleden in de plaats waar hij op 12 oktober in 1935 werd geboren: het Italiaanse Modena. Als jongeman had hij beslist een goede, zelfs zeer goede stem; geluidsdragers van enkele decennia geleden leggen daarvan getuigenis af. Toch heb ik me nooit ook maar in de geringste mate tot die man en zijn stem aangetrokken gevoeld toen hij eenmaal wereldroem had verworven, omdat hij steeds meer elementen van een Belcanto-Brulboei ging vertonen en simpelweg doordat ik helemaal naar werd van het hysterische ondertoontje — dat meer en meer de boventoon is gaan voeren — in juist dat oudste muziekinstrument uit de geschiedenis van de mensheid, hetwelk hem wellicht nog net iets beroemder en geliefder heeft gemaakt dan die andere befaamde, eveneens binnen Italië residerende, wereldster, die als Paus het ondermaanse onveilig maakt....

Muziek van de eenmalige Charles Ives deze week vijfmaal op BBC Radio 3

beschouwing
3,0 met 1 stemmen 364
Unieke muziekmeester
De volstrekt eenmalige Amerikaanse componist Charles Ives (1874-1954) is gedurende deze week, van maandag 10 tot en met vrijdag 14 september, 'Composer of the Week' op BBC Radio 3. Iedere middag tussen 13:00 uur en 14:00 uur wordt er werk van hem uitgezonden. Dat is in totaal bijna vijf uur uit een aardig omvangrijk oeuvre dat vanaf zijn jonge jaren is ontstaan, en waarin we zowel tradities bewaard zien, alsook nieuwigheden aantreffen, zoals niemand ooit tevoren zelfs maar in een aanzet had uitgeprobeerd.
Vijfmaal een heel uur
BBC Radio 3 heeft op twee punten een pre ten opzichte van de Nederlandse tegenhanger 'Componist van de week', in principe eveneens vijf avonden achtereen uit te zenden, maar dan tussen 19:30 uur en 20:00 uur — deze week met de Franse uitermate romantische, doch in even sterke mate hooggekwalificeerde muziekmeester Gabriel Fauré (1845-1924) — en dan wordt de BBC-aflevering vanaf nu weer in de avonduren herhaald, deze week tussen 21:45 uur en 22:45 uur, met de uitstekende bedoeling zoveel mogelijk toehoorders een kans te geven kennis te nemen van de werken van de componist in kwestie....

Bachs Cellosuites als bijzondere inspiratiebron voor Herbert Nouwens

beschouwing
3,0 met 7 stemmen 1.454
Een suite van zes massieve beelden
In het Rosarium van de molenstad Winschoten in Oost-Groningen, nabij de Nederlands/Duitse grens kunt u tot oktober van dit jaar een beeldenexpositie bekijken van Herbert Nouwens, die zich voor de reeks van zes heeft laten inspireren door hetzelfde aantal van de Suites voor Cello-solo van Johann Sebastian Bach (1685-1750). Het zijn zeer massieve, stalen stukken geworden, die inderdaad alleen in de open lucht of in een hal van enorme afmetingen tot hun recht kunnen komen. Het is een gedurfde, doch tegelijkertijd bewonderenswaardige, keuze geweest van de gemeente Winschoten, die het gehele project — dat overigens meer omvat dan alleen de zes beelden — eveneens de titel DE SUITES heeft gegeven. Eén van de manifestaties, die in dit kader eveneens een plek hebben gevonden, is het concert van de wereldvermaarde cellist Dmitri Ferschtman, die aldaar op zaterdag 29 september vanaf 17:00 uur de bewuste zes Suites van Bach zal spelen. Ook een fotowedstrijd zou wel eens tot verrassende resultaten kunnen leiden.
Meer over alle parafernalia en eventuele marginalia kunt u vinden op de website van de gemeente Winschoten, die we voor deze gelegenheid hebben toegespitst op De Suites: http://www.winschoten.nl/desuites
Bach als inspiratiebron...

De uitzonderlijke kleurenrijkdom van twee geisha's

beschouwing
3,0 met 2 stemmen 601
Geisha’s
Hoe lang is het inmiddels geleden dat u een mooie geisha bent tegengekomen? Het zal niet driemaal per week zijn gebeurd, neem ik aan, tenzij u net diegene bent, welke jarenlang in het heel Verre Oosten werkzaamheden heeft verricht ter meerdere glorie van ons volk en het daarbij behorende vaderland. En misschien was u niet eens op de bon geslingerd, en naderhand tot een fikse geldboete veroordeeld, als u het had bestaan om te beweren dat de Hoofdvrouwe van dat éne Lage Land bij de Zee een geisha is. Helemaal niet als u de beschikking had gehad over de afbeelding, die wij hieronder presenteren van twee geisha's tegelijkertijd. En waarom ook niet? Schoonheid is, net als zo menig ander strevenswaardig element in ons bestaan, en al zeker binnen het kader van de veelzijdigheid in de kunsten, volstrekt ondeelbaar.
Beeldend kunstenares Annelies van Gils toonde deze beide dames op haar website — http://www.mijnkunst.punt.nl — en ik werd onmiddellijk gegrepen, ja, ik mag gerust zeggen: aangegrepen, door de kleurenrijkdom. Het betreft een schilderij in acrylverf van 100 cm x 120 cm, en het is meteen het grootste werk, qua omvang, van deze kunstenares tot dusver.
Trompettiste...

Malafide medici, 'geheugenverlies', en perverse politici

beschouwing
2,2 met 11 stemmen 965
De anticlimax van het Hippokratische denken en handelen.

“Een medisch complot”, luidde volgens de Volkskrant de voorlopige conclusie van het snel vorderende onderzoek naar de bomauto’s in Groot-Brittannië. Het is, vanzelfsprekend, geen medisch complot maar een complot van een aantal medici, hetgeen een heel wat meer dan gradueel verschil inhoudt, maar waardoor menigeen al direct op het verkeerde spoor wordt gezet, en vooral politici, die voor hun zelden direct geuite, maar subliminaal gistende, hunkering naar bevrediging van hun door perversiteit gestuurde machtsstreven ingegeven wensen en verlangens, welke zijn gedeformeerd tot een absolutistisch Willen.
Medische gladiatoren....

Hildegard von Bingen was in alles haar tijd ver vooruit

beschouwing
4,0 met 7 stemmen 755
Liederen uit de twaalfde eeuw
Vijf dagen, van maandag 2 juli tot en met vrijdag 6 juli, steeds tussen 19:30 uur en 20:00 uur, is de oude abdis van Bingen, Zuster Hildegard, (1098-1179) Componiste van de Week bij de Vara op de Nederlandse zender Radio 4. Het programma is weliswaar een herhaling van twee jaar geleden, maar dat heeft te maken met het feit dat in de zomermaanden veel meer progamma's worden herhaald. Verantwoordelijk voor deze reeks is Thea Derks, die zoveel mogelijk onbekende en hedendaagse muziek schrijvende mensen aan bod wil laten komen, en ze heeft in die zin haar sporen ruimschoots verdiend.
De vijf verschillende programma's — steeds met enkele onderdelen in zo'n half uurtje, en die van korte tussenteksten worden voorzien — zijn via de website van de Vara en via de link Componist van de Week te vinden, en, na afloop van de uitzending, ook nog weer via het Internet te beluisteren.
Belangrijke rol...

Over de Onzin van Inlogcodes en Wachtwoorden

dagcolumn
4,0 met 1 stemmen 423
Bij een relatief bekende weblogbeheerder heb ik sedert enige tijd zo'n publicatiemogelijkheid in gebruik voor culturele onderwerpen. Omdat ik die onderwerpen eigenlijk wilde opsplitsen, vroeg ik een tweede weblog aan. Binnen twee minuten had ik alle gegevens ingevuld, en alles ging goed totdat ik mijn elektronische postadres had ingegeven. Direct kwam er te staan dat er op dat E-mail adres al een weblog bestond. Goed, ik heb nog een mailadres, dus heb ik dat ingevuld, en zo kwam ik een stap verder, twee stappen verder: ik ontving een mail met de mededeling dat ik ter afronding moest klikken, en zoveel kan ik met een computer inmiddels al wel. Weer even later kwam er een e-mail binnen met de mededeling dat ik was toegelaten en dat ik direct kon bloggen.
Nou, dat wilde ik dan toch wel eens proberen. Op de daarvoor bestemde ruimte vulde ik de Gebruikersnaam en het Wachtwoord in, en zie: ik kwam terecht op mijn reeds bestaande weblog met een heel andere Gebruikersnaam en een heel ander Wachtwoord. Dezelfde woorden zou men immers ook, terecht, helemaal niet hebben geaccepteerd. Niet één keer maar wel tien keer kwam ik steeds weer op hetzelfde, bestaande blog uit. Hoe dat allemaal kan, vraag ik me allang niet meer af. Sedert ik weet dat mijn wijze grootvader uit het voor-PC-tijdperk met zijn uitdrukking "Zo'n apparaat is niet de baas, ik ben de baas", indertijd wel, maar nu niet meer gelijk heeft — en een computer veelal een geheel zelfstandig leven leidt, langs jou heen, en zelfs lijnrecht tegen jouw belangen in — verbaast me helemaal niets meer.

Ik heb het toen ook nog met een niet-bestaande onzin-gebruikersnaam geprobeerd: DriesJanmetdeFiets in plaats van mijn ware gebruikersnaam, maar ook dat leidde, zonder nader een Wachtwoord in te geven, tot het, nog steeds ongewenste resultaat: ik kwam terecht bij mijn reeds in gebruik zijnde weblog. En daar staat dan ook nog: "Dit is je hoofdweblog". In een volgende fase heb ik uitsluitend een reeks xxxx-en ingevuld, en ook dat leidde mij naar het bloggenland van (inmiddels bijna) herkomst. Je bent geneigd om te denken dat iedereen met en zonder letters uit de mouw te schudden, nu ook in mijn redactieruimte terecht kan, maar dat schijnt mee te vallen, omdat de machine mijn computer herkent. Dat blijkt uit diverse, zelfs door mij gesignaleerde, feiten....

De Briefwisseling tussen Johann Wolfgang en August von Goethe

beschouwing
2,7 met 3 stemmen 627
Het Brievenwerk van de dichter Johann Wolfgang von Goethe neemt een bijzondere plaats in diens complete oeuvre in. Ruim vijftig banden van de in totaal 143 delen tellende Sophien-Ausgabe worden ingenomen door brieven van en aan Goethe, zoals die tot op dat moment bekend waren. Een deel van de briefwisseling tussen Goethe en zijn zoon August (1789-1830) is daarin te vinden, doch pas sedert het voorjaar van 2005 is de complete correspondentie tussen vader en zoon beschikbaar, als separate editie, voorzien van een uitgebreid commentaar.
Enorm archief
“Brieven behoren tot de belangrijkste monumenten, die de mens als eenling kan maken,” schreef Goethe in 1805. Literatuuronderzoeker en lexicograaf Gero von Wilpert begint het artikel Brieven in zijn omvangrijke, eendelige Goethe-Lexikon uit 1998 met dat citaat. Dan vervolgt hij met de vaststelling dat Goethe, als menselijk wezen uit een periode die hij omschrijft als het “vortelekommunikative Briefeschreibezeitalter”, een enorm archief aan ontvangen brieven heeft nagelaten, en daarnaast het aanzienlijke aantal van 14.300 door hemzelf geschreven brieven en ontwerpen daarvoor in diverse soorten, stijlen en toonaarden, in het Duits, Frans en Engels.
Goethe en Schiller...

Arturo Toscanini dirigeert Richard Wagner — zondag op Arte

beschouwing
4,0 met 2 stemmen 480
Talent en wilskracht
Arturo Toscanini was achttien jaar toen hij reeds een studie violoncello had afgerond. Maar in plaats van naar een plek in een orkest te solliciteren of een carrière als solist na te streven, wilde hij beslist dirigent worden. Wilskracht, gekoppeld aan talent, kan nog wel eens zorgen voor onverwachte, maar nadrukkelijk gewenste resultaten. In 1886 dirigeerde hij, negentien jaar jong, reeds zijn eerste openbare concert en maakte hij daarna een tournee door Brazilië. Vervolgens zou hij zich gedurende bijna zeven decennia lang, eerst in eigen land, daarna in de rest van Europa, en uiteindelijk zeer nadrukkelijk in de Verenigde Staten, profileren als een dirigent aan wie niemand in het muziekleven voorbij kon.
Werken als dirigent
Doch voordat een reeks extreem onaangename gebeurtenissen in het Oude Europa ervoor zou zorgen dat Arturo Toscanini letterlijk en figuurlijk zijn biezen ging pakken om in de Nieuwe Wereld verder te werken, had hij al een zeer gedenkwaardige carrière achter de rug. In 1895 werd hij vaste dirigent van het orkest van de Italiaanse stad Turijn, en drie jaar daarna kreeg hij een aanstelling in dezelfde functie in het mekka van de Europese opera: het Teatro alla Scala in Milaan. Na tien jaar werd hij beroepen aan de Metropolitan Opera van New York, maar na verloop van tijd keerde hij toch terug naar de oude wereld. Daar werd hij niet alleen één van de markantste dirigenten van zijn tijd, maar kreeg hij functies die een zodanig beleidsbepalende invloed uitoefenden, dat hij tot de absolute top ging behoren. Tot 1937 was hij de man-en-musicus bij uitstek van de Salzburger Festspiele. En in de Heilige Hallen van de Wagner-opera, het Festspielhaus op de groene heuvel te Bayreuth, dirigeerde hij veelvuldig de werken van Richard Wagner. Het verhaal wil dat de toen jonge Karajan op de fiets naar Bayreuth peddelde om Toscanini daar te horen, zoals de jonge Johann Sebastian Bach in 1705 te voet 400 kilometer aflegde van Arnstadt naar Lübeck, om aldaar concerten van Dietrich Buxtehude te kunnen bijwonen. Niet dat we ook maar in de geringste mate een vergelijking willen trekken tussen een Muziek-Meester als Bach en een door geld, walgelijk politiek opportunisme en commercie gedegenereerde dirigent en miljoenenbedrijf als Karajan....

Ook paradijselijke toestanden in beeld gebracht

beschouwing
3,5 met 2 stemmen 527
Meer dan alleen Honden
In onze bijdrage van 15 juni over de tentoonstelling in Groningen, getiteld Beware of the Dogs, met werken van de schilder Pim de Hart, zou wel eens de indruk gewekt kunnen zijn dat er in de expositieruimte alleen maar schilderijen en eventueel andere kunstwerken zouden worden getoond, die likkebaardende en in niet geringe mate vervaarlijke viervoeters, of in roze bontmanteltjes hups dartelende permanent-poedels, uw komst met smart zouden tegemoet zien. Weliswaar heeft de poster, die de tentoonstelling aankondigde met een hond, die zelfs een aureool boven de kop heeft zweven, uiteraard een iegelijk, die niet beter wist, inclusief uw verre correspondent, beentje gelicht, op de verkeerde poot gezet en daardoor een volstrekt, doch wis en waarachtig niet geheel en al, verkeerd spoor doen volgen.
Waarschuwende functies
Zondagmiddag heb ik, samen met onze Amber, deze tentoonstelling bezocht, mede er van uitgaande dat dit hondse damesmeisje er ook iets van zou kunnen meenemen. Dat heeft ze ook wel, doch alles wat haar aldaar interesseerde, waren de overige aanwezigen: gastvrouwe en bezoekers. Zelfs toen ik Amber heb rondgeleid en daarbij uitleg heb gegeven over de zeer interessante Dober-SuperBat-man, had ze haar volle aandacht bij mijn betoog, doch niet in de geringste mate bij het groot(s) afgebeelde Bulderblafbeest dat zijn steentje nog zal moeten bijdragen tot redding van mens en milieu — dat laatste vooral in de zin van het toezien op en voorkomen van milieuvergiftiging qua ’s mensen mentaliteit, die warempel niet dikwijls genoeg ook humaan-wenselijk is. Vervaarlijk bassend blaffen en met de aanblik van definitieve onsterfelijkheid rondparaderen is datgene wat we hopen dat die bewuste Heer of Vrouwe Hond — u vindt hem of haar afgebeeld onderaan de bijdrage van 15 juni: Beschouwing nummer 121 — zal realiseren als er nieuwe gevaren dreigen in presidentiële paleizen of eventueel in een huis dat naar één onzer vaderlandse dichters, Jacob Cats, is genoemd. Kortom, het dier moet Waaks blijven, ook en vooral in Kamer Twee....

Neologismen: blogkeren, en alfa-omegatiseren

beschouwing
3,7 met 3 stemmen 829
Een nieuw woord gebruiken, dat spontaan is ontstaan, en iets uitdrukt dat gevoelsmatig wel in ons leeft, maar nog geen plaats heeft gevonden in de officiële woordenboeken, wordt al heel lang neologisme genoemd en na verloop van tijd heel dikwijls alsnog in de daartoe bestemde lexicografische naslagwerken opgenomen.
Vandaag zei ik spontaan hardop het nieuwe woord ‘blogkeren’. Dit onstond doordat iemand had gereageerd op één van de artikelen op mijn eigen weblog: Blikken Trottel leert Latijn, een bijdrage die u ook in de categorie Beschouwingen van dit weblog kunt vinden. Ten eerste had de reactie, die doorverwees naar een Belgische site, niets met de inhoud van het artikel te maken en de site in kwestie evenmin, en ten tweede was er een begeleidende regel van de web-beheerder, of hoe zo 'iemand' ook maar mag heten, dat het waarschijnlijk om een soort Spam zou gaan, en werd me geadviseerd deze afzender eventueel te blokkeren. De weg tot het blog kunnen afleggen en dan moeten keren, ging door me heen en zo ontstond heden en hier het 'nieuwe woord' blogkeren. Tot zover het ‘blogkeren’ in actieve zin.
Een tweede ervaring verhaalt van het ‘geblogkeerd’ worden. Ik ben op het gebied van weblogs, blogs — of hoe die fenomenen in nieuwerwetse, stadse fratsen-taal ook mogen heten — een groentje en ik vermoed dat ik dat de komende 156 jaar, die de rest van mijn leven zullen uitmaken, ook voor het grootste deel wel zo zal blijven. Doch daarom in het geheel niet getreurd.
Ruim twee weken geleden plaatste ik op een Belgisch schrijversweb een verhaal, dat ik eerder op Nederlandse schrijversblogs ook al had geplaatst. ...

Béla Bartók als Composer of the Week op BBC Radio 3

beschouwing
3,8 met 4 stemmen 580
Vijf dagen achtereen is Béla Bartók (1881-1945) de protagonist in de reeks Composer of the Week van de Britse luisterzender BBC Radio 3, elke middag van maandag 18 juni tot en met vrijdag 22 juni. Het programma wordt iedere dag tweemaal uitgezonden, eerst vroeg in de middag: tussen 13:00 uur en 14:00 uur en daarna nog eens in de avond, tussen 22:00 uur en 23:00 uur.
In het toenmalige Hongarije werd Béla Bartók geboren op 25 maart 1881 te Nagyszentmiklós, dat tegenwoordig echter bij Roemenië hoort. Hij was de zoon van een onderwijzeres en een schooldirecteur. Zijn muzikale opleiding ontving hij in Presburg en Boedapest, waar hij zich ontwikkelde tot een voortreffelijk pianist. In die hoedanigheid zou hij later concertreizen ondernemen naar Frankrijk, Duitsland en Rusland, alsmede naar Noord- en Zuid-Amerika. Vanaf 1907 was Bartók professor aan de Muziekacademie van de Hongaarse hoofdstad.
De muzikale kunst van het volk
Zijn voorkeur ging uit naar de muzikale volkskunst: lied en dans van zijn vaderland. Evenals zijn vriend Zoltán Kodály (1882-1967) maakte hij lange reizen, uitgerust met de Edison-fonograaf en een wasrol. Op het Hongaarse platteland maakte hij op die manier duizenden opnamen, die stuk voor stuk werden geregistreerd en in noten omgezet. Later breidde hij zijn werkterrein nog uit naar Roemenië, Turkije, Algerije en het Midden-Oosten. Dat leverde hem uiteindelijk samen meer dan 20.000 liederen en danswijsjes op. Tevens kwam hij daardoor tot de ontdekking dat Franz Liszt (1811-1886) — voor wie hij steeds zo’n diepe bewondering had gekoesterd — de csardas- en poestaromantiek van zijn Hongaarse rapsodieën niet uit echte volksmuziek had geput, maar dat het daarbij ging om pseudo-folkloritische amusementsmuziek, die door negentiende eeuwse lieden was gecultiveerd. Bartók daarentegen legde nu juist de diepere achergronden van de boerenmuziek bloot, en daarin kwamen veel pentatonische en modale [1] toonladders voor, die het Europese systeem van grote en kleine tertsen nog helemaal niet kenden. ...

Beware of the dogs — Expositie in Groningen

beschouwing
4,7 met 3 stemmen 396
Op vrijdag 15 juni wordt in Galerie Kunst in de Kop te Groningen een tentoonstelling geopend met schilderijen in acryl en metalliekverf van de Groninger kunstenaar Pim de Hart, met als titel Beware of the dogs.

Indien je, zoals ik, nogal associatief bent ingesteld, komen direct allerlei herinneringen boven. Ik ben geboren op enkele minuten loopafstad van de Galerie aan de Trompsingel waar de expositie een maandlang zal worden gehouden. Ruim veertig jaar geleden liep ik weer eens langs die plek en zag ik naast de loopplank van een aldaar gelegen schip de onvergetelijke woorden “Wakku fordont”, die geen enkele hond zou hebben begrepen, ware het niet dat het de plek was, die de harde schijf in het hoofd afzocht en onmiddellijk met het resultaat kwam aandragen. In een gedicht over bijtjes en bloemetjes, liefde en leugens, en ander fraais zou je er zeer waarschijnlijk als onsamenhangend geheel schouderophalend aan voorbij zijn gegaan.
De honden, die Pim de Hart in die galerie tot en met 15 juli exposeert, zijn nogal verschillend: enerzijds vinden we er een roze poedel, die zo bij een overmatig rijke olieweduwe in het smakeloze Yankenland zou passen om, aldaar samen met haar, bij de meest exlusieve juwelier van Beverley Hills, het allerprijzigste collier, bezaaid met uitzinnig fonkelende diamanten, als halsband voor Woefieblaf uit te zoeken, om spoorslags door te draven naar de dichtstbijzijnde, excentrieke psychiater voor een veelbelovende therapie die in een uitgekiend aantal sessies met de bijbehorende nota’s, zulke weelde leert te dragen....

De dichteres Hanny Michaelis (1922-2007)

beschouwing
4,2 met 4 stemmen 612
ALS de laatste ballon
de mist is ingegaan,
het laatste kaartenhuis
in elkaar is gevallen...

Oren open voor de muziek van Vitezslava Kapralova

beschouwing
2,0 met 2 stemmen 416
Wat het oor niet kent, dat hoort het ook maar liever niet, behalve als er eerst wordt verteld dat André Rieu en zijn muziekmoordende kongsi het zal spelen: dan gaan de sluizen van doodenge bereidwilligheid open. Maar een onbekende naam — die niet direct associaties met in noten verpakte sedativa en andere, aan soortgelijke verdovende middelen gerelateerde, affecten oproept — wordt veelal gemeden.
Toch willen we ondanks het eeuwenlang bekende gegeven van gepreoccupeerde afweer en afkeer, trachten uw aandacht te vestigen op een serie van, in dit geval vier, radioconcerten, die alle een half uur duren en, ook deze week, op een aantrekkelijk tijdstip, 's avonds tussen half acht en acht uur, via de Nederlandse zender Radio 4 zullen worden uitgezonden. Deze week betreft het Vitezslava Kapralova.
__________
In april 1940 verbleef de Tsjechische componiste Vitezslava Kapralova al een maand langer dan een jaar in Frankrijk, omdat ze niet terug wilde naar haar geboorteland. Ze trouwde er met de schrijver Jiri Mucha, en twee maanden later kwam er een einde aan haar jonge leven, dat verse huwelijk, en haar, zij het ietwat moeizame, loopbaan als componiste. Ze overleed, volgens zeggen, aan tuberculose. In dat korte leven heeft ze een toch aanzienlijk oeuvre nagelaten van veertig composities, waarvan er in de loop van deze week in totaal zestien zullen worden voorgesteld in het programma Componist van de week, een programma van Thea Derks, dat normaliter van maandag tot en met vrijdag tussen 19:30 uur en 20:00 uur via de Nederlandse zender Radio 4 door de Vara wordt uitgezonden. [1]...

Onder de olijven — met Salvatore en Imperia

beschouwing
3,0 met 1 stemmen 431
Deze dag begon met 'Een vervelende morgen'. Hoewel ik ontwaakte temidden van mijn in een halve eeuw opgebouwde 'Verzamelingen', voelde ik direct dat dit geen etmaal zou worden van een 'Romantiesch avontuur'. Ik besefte dat ik er beter aan zou doen, mij maar eens te beraden over de vraag of ik niet toch nog enkele 'Bladen uit mijn dagboek' zou moeten ordenen, en wel zodanig dat mijn periode van 'Wonen in het buitenland' eindelijk die plaats zou krijgen, die zij op grond van haar belangrijkheid verdient. Soms verlang ik heimelijk terug naar die tijd en bedenk ik dat ik toen aanbiedingen bewust heb afgeslagen die me echter zeker in staat zouden hebben gesteld om heden ten dage, in plaats van in een grote stad in het nuchtere Nederland, mijn leven door te brengen in oorden waar ik 'Onder de olijven' zou kunnen vertoeven, en als de zon me te fel zou worden, mij eventueel met alle egards te laten omgeven door iemand die naar de welluidende naam 'Salvatore' zou luisteren, met aan mijn zijde dan nog weer wat extra katten, waaronder ééntje met de aldaar zeer passende naam 'Imperia'.
Doch nu dat alles, als gevolg van mijn eigen weigering ruim drie decennia geleden, anders is verlopen dan tot de mogelijkheden zou hebben kunnen behoren, neem ik veelal nuchter genoegen met 'Begeertes naar kleine wijsheden'.
Aamborstigheid als direct gevolg van de nachtelijke, zeer dichte, mist weerhield mij van een 'Morgenwandeling' en daarom stelde ik de hond voor om in de zijtuin maar weer eens te gaan inspecteren of de beide laurieren in de nacht opnieuw waren gegroeid. Hond Amber kreeg, zoals altijd, onmiddellijk assistentie van de beide oudste katers, die nooit ver van huis zijn. Sasja, de vijftienjarige, zoekt weer veel sterker het contact met de oude vertrouwden, nu hij zeer onlangs, na een laatst 'Tragiesch diner', weduwnaar is geworden. Dertien jaar was hij met zijn vrouw Bontje, die tevens zijn halfzuster was — zelfde moeder, andere vader — dag en nacht samen, en dan is het wel even wennen, zo zonder wederhelft. Ooit was die tuin naast mijn huis een klein paradijs zo vol groen dat geen enkele voorbijganger kon zien of zich iemand in het Zen-gebeuren bevond. Daaraan terugdenkend, besefte ik dat veel van dat, enkele jaren geleden, gerooide groen voor mij, niet zo langzaam maar wel heel zeker, was omgevormd tot 'Boomen van weemoed en smart'.
Na eerst wat lopende zaken te hebben afgehandeld, besloot ik, per eigentijdse vélocipède, met Amber de nodige boodschappen te gaan doen — ik ben tenslotte 'De man in huis', die zich, met alle respect voor 'Het verbeelde leven', ook dient te bekommeren om zaken, die nuchterheid en realiteitszin vereisen. Fietsend langs een imposant gokpaleis, dacht ik terug aan die éne 'Avond in het casino', toen een ‘tante’ van me — ondanks een belofte niet meer dan vijftig gulden in te zetten, meende mij te kunnen vermurwen daar toch vijfduizend van haar beschikbare budget voor te willen gebruiken. Omdat zij zeker was van 'Een millioen, dat Rockefeller zou kunnen verliezen', maar zij, Heleen, zeker zou winnen, zo niet nog flink wat meer. 'Over der menschen kinderlijkheid' gesproken. Maar als ze werkelijk zou hebben gewonnen . . . ik had het maar hoeven te indiceren, en ze had, echter zonder ook maar in de geringste mate notie te hebben wat het wel eens zou kunnen zijn, zomaar een 'Aviatie-week' voor me laten organiseren....

Honderd gedichten van Mascha Kaléko gebundeld

beschouwing
2,0 met 3 stemmen 540
DIE DRITTE SINFONIE
Als ich heut wieder Mahlers »Dritte« hörte,
Umfingen mich die Schatten alter Zeit,
Und auf den Schwingen der Unendlichkeit...

Wolfgang Hilbig (1941-2007) — het literaire einde van alle zekerheden

beschouwing
2,3 met 3 stemmen 349
Groen graf
Twee weken geleden kocht ik in een antiquariaats-opruiming — het boek had een paar jaar kennelijk onberoerd in de kast gestaan en werd daarom voor de somma van vijftig cent van de hand gedaan — een nog ongelezen, en in staat van nieuw verkerend, exmplaar van de verhalenbundel ‘Grünes grünes Grab’ van Wolfgang Hilbig, een boek dat ik veertien jaar geleden al eens ter recensie van de uitgever had gekregen. Weinig kon ik op dat moment bevroeden dat zelfs de titel een voorbode inhield: vandaag, maandag 4 juni, bereikte mij de mededeling dat de schrijver jongstleden zaterdagavond op 65-jarige leeftijd was gestorven. Hij was al enige tijd ziek.
Jeugdgedicht
Het vroegste van Wolfgang Hilbigs gedichten dat ik in eigen huis kon vinden, dateert van 1965, en heeft geen titel:...

Kritiek en haar functie — feiten en fictie

beschouwing
3,0 met 1 stemmen 432
Iemand zonder benen
“Een criticus is iemand zonder benen, die de wereld wil leren lopen,” las ik in een academische agenda, toen ik zelf net een half jaar vrijwel dagelijks dagbladkritieken schreef over klassieke muziek, en ik, letterlijk aan de vooravond stond van mijn avontuur, zoals beschreven in het verhaal, dat men in deze krant kan lezen onder de titel Recensent, verschenen op 17 mei, in de rubriek Verhalen.
Het was de zomer van 1975 en ik had net het verzoek gekregen om in een mij geschikt dunkende vorm een bijdrage te schrijven — voor de grote kunstbijlage van de krant, die eind augustus van dat jaar zou verschijnen, over mijn gevoelens en ervaringen gedurende die zes maanden en hoe ik aankeek tegen het fenomeen kritiek en de bejegening door anderen sedert ik die functie vervulde. Mijn bijdrage begon met de zin, waarmee ook deze beschouwing opent, en eindigde met Oscar Wilde: “Men kan nog eerder een vrouw of een grafschrift geloven dan een criticus vertrouwen.”
Extremen...

Igor Stravinski — Symfonie in drie delen (1945)

beschouwing
3,0 met 2 stemmen 349
Achtergronden zoeken bij muziek
Op zondag 3 juni presenteert de Britse zender BBC Radio 3 tussen 18:00 uur en 19:30 uur, in het programma Discovering music, de Symfonie in drie delen uit 1945, van de Russische componist Igor Stravinski (1882-1971). De duur van het programma geeft — met de dubbele tijd die een uitvoering van het werk vergt — al aan dat er meer aan de hand is dan alleen de presentatie van muziek, hetgeen in dat programma gebruikelijk is. Steven Johnson gaat hierin op zoek naar enkele ideeën die ten grondslag liggen aan dit werk van Stravinski. Het Scottish Symphony Orchestra voert het werk uit onder leiding van Alexander Shelley.Een symfonie als dankbetuiging
De Symfonie in drie delen werd in 1945 voltooid en beleefde zijn eerste uitvoering op 24 januari 1945 in de New Yorkse Carnegie Hall, onder leiding van de componist, die het opus heeft opgedragen aan de New York Philharmonic Society “als dank voor de twintigjarige samenwerking met dit voortreffelijke muzikale instituut”. Stravinski heeft verder in het tekstboekje voor de New Yorkse première geschreven dat er geen programma aan deze symfonie ten grondslag ligt, maar dat het heel wel mogelijk is dat bepaalde indrukken van “onze zware tijd” (de Tweede Wereldoorlog) sporen hebben nagelaten.
De hoeveelste nu eigenlijk?...

Blikken trottel leert Latijn

beschouwing
4,0 met 1 stemmen 440
Poëtische woorden in prozaïsche situaties
De blikken trottel bleek geen enkel gevoel voor humor te hebben, en als het ding al eens komisch uit de hoek kwam, dan geschiedde dat geheel onvrijwillig. Technici hadden het apparaat dan ook wel enkele nogal curieuze meldingen bijgebracht, zoals “Wat verlangt u nu weer voor een onzin van mij”, geprint in kapitalen, evenals "Cicero draait zich in zijn graf om." Ook wel aardig was: “Leert u zelf eerst eens Latijn.”
Taalanalyse
We hebben het over een computer uit het begin van de jaren zestig, die in gebruik was te Saarbrücken, alwaar enkele onderzoekers zich bezighielden met machinale taalanalyse. Het apparaat, dat door een van de medewerkers later nog een werd omschreven als “van voor de zondvloed”, was er een van de eerste generatie. Toch slaagden die bewuste geleerden erin deze machine de twee eerste hoofdstukken van de ‘Ludus Latinus’, een soort cursus Spelenderwijs Latijn bij te brengen, waarna deze in staat bleek de tekst ‘Magister puellam laudat’ te vertalen met ‘Der Lehrer lobt das Mädchen’. Voordat het echter zo ver was, had het apparaat zich eerst beperkt tot het min of meer letterlijk vertalen van de losse woorden, met als resultaat ‘Lehrer Mädchen loben’. ...

De Professor weet het beter

dagcolumn
1,5 met 2 stemmen 756
Vinger aan de pols
De in 1913 te München geboren Schalom Ben-Chorin — die onder meer een biografische schets in boekvorm heeft gepubliceerd over de befaade chassidicus Martin Buber — memoreert in zijn jeugdherinnerigen 'Jugend an der Isar' — in Duitsland verschenen in 1980 en later als pocket herdrukt, doch momenteel uitverkocht — een voorval met de toen befaamde Arthur Kutscher (1878-1960), één van de grondleggers der theaterwetenschap, die vanaf 1915 aan de universiteit van de Beierse hoofdstad doceerde. Hij gedroeg zich, in tegenstelling tot het merendeel van al zijn collega's in eigen land en elders, niet als de traditionele kathederfiloloog, die zich beperkt tot alom bekende (toen) eigentijdse auteurs; Kutscher hield eveneens de vinger aan de pols als het ging om nieuw werk van beginnende, meestal (nog) onbekende schrjvers. Ondanks zijn Duits-nationale gezindheid stond Kutscher in literair opzicht niet alleen open voor progressieve en maatschappelijke stromingen, maar omarmde hij deze zelfs.
Taalmuzikale wetmatigheid
Ook in andere opzichten gedroeg Kutscher zich als een ware non-conformist, wiens leermethode zich niet beperkte tot de collegezaal. Beroemd werden zijn excursies aan het einde van het semester. Londen, Parijs en zelfs Moskou waren het doel van zulke ondernemingen — wat in die periode nogal ongebruikelijk was — en dat leverde hem de bijnaam 'Reiseonkel der Universität' op....

Satanische Rapsodie uit 1915 met Lyda Borelli — vrijdagnacht op Arte

beschouwing
0,5 met 4 stemmen 2.002
Stelt u zich eens voor: u bent een vrouw èn u wordt een dagje ouder — 37 of zo — en u bent er inmiddels zeker van dat de schoonheidsboerderij — want aan yankismen en zulks doen wij hier niet — geen, of niet voldoende, soelaas biedt. Het alternatief dat u wordt geboden, door toeval, rechtstreeks òf langs omwegen, ligt op straat, en u komt zo'n Enge Figuur, gehuld in een zo'n supersexy, maar toch ook wel beangstigende Cape tegen, die u het — al dan niet eerbare — voorstel doet om u de verloren jeugd te restitueren, mits u bereid bent, en dat plechtig belooft, af te zien van mannen. — Nou, ik wist het wel! Maar ik ben u niet, en dat besef ik maar al te goed; laat daarover toch vooral geen misverstand ontstaan.
Kortom, u verkeert eventueel in een dilemma omdat u — wat Ali Ben Olie en Achmed Ben Zine mogen verhoeden — toch verslingerd bent geraakt aan net die éne Man, of wellicht aan Acht zeer verschillende, voor elke werkdag één, voor de zondag ook nog een Toetje. Over verandering van spijs wil ik het hier niet eens hebben. Men kan ook het ene doen zonder het andere te laten, maar van u wordt, in ruil voor die herwonnen schoonheid, verlangd dat u het ene laat zonder het andere te doen. Een relatief onbewoond eiland, of een met alleen dames, Lesbos bij voorbeeld, kan dan eventueel uitkomst bieden, alwaar u òf niet in verzoeking kunt raken, dan wel u de bijkomstige mogelijkheid wordt geboden, u eventueel op alternatieve wijze te verpozen. Doch hoedt u voor al te alternatieven: Joke Damman (let op de laatste lettergreep!), zich noemende en schrijvende Yomanda. Let nu op de middelste syllabe! Als daar geen buitenmenselijke krachten aan het werk zijn. . .
— Ik geloof dat ik dat met Lesbos zelf wel deed, maar volgens sommige zwartkijkers helpt bij mij zelfs een pact met Mephisto niet meer, zodat mij een dergelijk aanbod vooralsnog niet zal worden gedaan; maar ook dat terzijde.
Divina Diva Di Diabolo...

Pierre Boulez en Aleksandr Skrjabin — beiden componist van de week

beschouwing
2,7 met 3 stemmen 252
Met een productie van de opera 'Uit een Dodenhuis' (1928) van de Tsjechische componist Leos Janacek (1854-1928) — naar het gelijknamige boek uit 1862-1865 door Fjodor Michajlovitsj Dostojevski (1821-1881) — gaat dinsdag 29 mei 's avonds om half acht het, inmiddels zestigste, Holland Festival van start. De uitzending via Radio 4 (tussen 19:30 uur en 22:45 uur) wordt gerealiseerd rechtstreeks vanuit het Muziektheater in Amsterdam. Dirigent is de Franse musicus Pierre Boulez (geb. 1925), die van maandag tot en met vrijdag op Radio 4 diverse keren aan bod komt. Hij is dan tevens Componist van de week in het gelijknamige Vara-radioprogramma van Thea Derks.
De gebruikelijke routine van dit radioprogramma, dat wekelijks op werkdagen wordt uitgezonden tussen 19:30 uur en 20:00 uur, wordt aanstaande donderdag opnieuw onderbroken, als we de amoursganse dag, van zeven uur in de ochtend tot middernacht, als we dat al zouden willen, kunnen worden getracteerd op teksten en muziek, welke in het kader van deze 'Dag van de liefde' de ether in worden geslingerd. Niet alleen kunnen we ons tegoed doen aan in notenmateriaal verpakte liefdesuitingen, er wordt ook gesproken door — nee, er is geen gerechtigheid — Bekende Nederlanders. Dus nu vooral achtentwintig schietgebedjes opzeggen dat men de raaskallende presentatrice van 'Tussen Kunst en Kitsch' niet ook nog laat opdraven, want dan is het gebazel helemaal niet meer te harden. En men moet immers al zo voorzichtig zijn, het is al zo moeilijk om in een programma over de liefde origineel te zijn en niet te verzanden in de Levensgrote Clichéfabriek van Omroepland. En of dat enig soelaas biedt: ook zogenoemde luisteraars kunnen aan het woord komen, maar verliezen daarmee, stante pede c.q. sedente postero, hun status als toehoorder. Ergo: Bezint eer gij begint!
"Radio 4 presenteert de verklankte liefde in de breedste zin van het woord," dreigt men ons reeds van tevoren. Die mensen van de Gooise matras, welke steeds opnieuw zo ver van ons eigen bed verwijderd blijkt, hebben ook maar zeer beperkte mogelijkheden in het verzinnen van een werve(le)nde tekst voor zulk een uitzending, kennelijk indachtig de diepgewortelde overtuiging dat alles in de liefde vanzelfsprekend — en tevens geoorloofd — is.
Pierre Boulez dus. De andere avonden worden er composities van hem, uit verschillende perioden van zijn muziek-scheppend leven voorgesteld, en afgaande op wat de programmagidsen daarover melden, lijkt het er in ieder geval op alsof men ons een aardig (klank)beeld van de kunst van de veelzijdige musicus Pierre Boulez voor onze gehoorgangen wenst te bieden....

IN DE BUS — 2

verhaal
2,0 met 3 stemmen 407
Ze zat al op het bankje in de abri te wachten en mompelde flink in zichzelf toen ik kwam aanlopen. Eenmaal binnen gehoorsafstand begon ze onmiddellijk haar laatste belevenissen op me af te vuren.
"Nu denkt mijn moeder nog altijd dat ze mij kan commanderen. Tweeëndertig ben ik, maar ja, ik woon nog wel thuis bij moeder, dus moet ik ook doen wat zij zegt. Maar nu werk ik elke dag hard, ik ben niet helemaal in orde, en als ik dan thuis kom, moet ik ook nog eens voor mijn moeder en mijn broertje klaarstaan, want als die jongen in huis is, steekt hij zijn voeten onder de tafel en doet niks. Hij is immers een man, ja-ah, en dat is een slecht voorbeeld voor mijn verloofde, die nu ook al begint te commanderen, net als mijn moeder. En denk je dat ze me 's zondags laat uitslapen? Niks ervan, en als ik niet snel genoeg opsta, om half acht zeg maar, dan kan ik een draai om mijn oren krijgen. Dat wordt me te gek, hoor."
"Eén keer een goede klap teruggeven en daarbij zeer dreigend kijken," zei ik resoluut tegen haar.
"Nee, dat wil ik niet, ja, misschien wil ik het toch wel, maar dat mag ik niet van mijn geloof. Je mag je ouders niet slaan, want dat moet je later allemaal verantwoorden, dus dat doe ik niet."...

Recensent

verhaal
1,8 met 4 stemmen 244
"Ik ben gereformeerd en oordeel alleen op christelijke grondslag, maar als ik die recensent van jullie voor de wielen krijg, dan rijd ik hem dood." De man had zich, heel direct samen met zijn echtgenote extreem geërgerd, en, zoals hij clichématig beweerde "velen met mij" waren hartgrondig dezelfde menng toegedaan. Je kon toch niet zomaar iets zo negatiefs over grootheden uit het muziekleven schrijven, en zeker niet als ze met Wenen werden geassocieerd. En wat had die recensent gedaan: in een paar zinnen had hij de mannelijke zangsolist met een decennialange, internationale carrière en omjubeld door hele volksstammen, een sneer gegeven. De recensent vond dat de man al wel sedert tien jaar volkomen was uitgezongen en alleen nog met een geforceerd falsetje wat klanken kon produceren, en meende het derhalve overbodig daar nog verder iets over te melden. En ook de dirigent, die voor de gelegenheid zijn vermomming als 'Stehgeiger' maar weer eens uit de kast had gehaald — per definitie een vaste garantie voor succes; het oog wil immers ook wat — en af en toe zich ook had omgedraaid naar het orkest en wat op de snaren had gekrast, had het in de recensie moeten ontgelden. De glimlach en een als joyeus bedoelde reeks gebaren naar de zaal moesten het onvermogen verhullen, en die truc werkte, zoals deze man wist, doordat hij het veelvuldig op 1 jauari rond het middaguur had kunnen vaststellen. Ach, wie merkt dan ook iets? Menigeen is nog in de olie vanwege de daarbij behorende bollen en flappen van de avond daaraan voorafgaande, of door het geestdodende vocht, dat brutaalweg als geestrijk wordt aangekondigd, dan wel door de combinatie van die natjes en droogjes.
Een bijdrage van normale lengte had de recensent, geheel tegen het gebruik en de verwachting in, niet kunnen schrijven, doordat er een reeks ongelukken was gebeurd bij een vuurwerk dat werd gepresenteerd naar aanleiding van dezelfde festiviteiten als waarvoor die Weners waren komen fiedelen en jammeren, en de andere deelredacties direct na het voorgevallene daarvoor meer ruimte toebedeeld hadden gekregen. De recensent vond het helemaal niet erg: wat hij te zeggen had over een verloren muziekavond, kon ook in de helft van het normale aantal regels.
Op de dag dat de krant — toen nog een avondblad — was verschenen, kwamen er al wat telefoontjes op de redactie binnen, en bleek maar weer eens dat nu precies de recensent de enige was, die er weer eens helemaal niets van had begrepen. Het was fantàààstisch geweest en daarom kreeg de redactie het advies die recensent eens naar een KNO-arts te sturen, omdat er echt iets met zijn gehoor aan de hand moest zijn. De tegenwerping van redactiezijde, dat de recensie alleen maar diende om een mening te ventileren, waaraan de lezers de eigen opvattingen konden toetsen, viel niet in vruchtbare bodem. "Die man moet niet opschrijven wat hij ervan vond, hij moet schrijven hoe het was!"
...

Het ijzeren bed

verhaal
2,0 met 1 stemmen 470
Een echte tante was ze niet, maar ze gedroeg zich als het vleesgeworden cliché van de oudere, en vooral bemoeizieke, tante. Die wens tot inmenging was één van haar vele verslavingen: gokken in lotto en loterijen, tijdens kermissen en waar niet al. En dan haar verbijsterende koopziekte. Al het geld dat ze met een hoge treffer in de lotto had gewonnen, was binnen goed een jaar in het zand gezet; anderen moesten echter van een dergelijke bedrag tien jaar met een gezin leven. Maar Heleen kon de verleiding nu eenmaal niet weerstaan van de gouden bergen die in folders van tal van winkelketens werden aangeboden, en al die voor haar zo aantrekkelijke folders bewaarde ze tot wel een half jaar na de vervaldatum. “Je weet toch niet of zo’n aanbieding nog eens komt?” Ze bewaarde ze niet alleen, maar had ze in een stevige plastic draagtas verzameld en sleepte ze mee in bus, tram en trein, om iets te bekijken bij zich te hebben.
Dikwijls bezocht ze, na het uitkomen van een nieuwe folder, nog dezelfde dag de winkel in kwestie, en kocht ze van alles wat (vermeend) goedkoop was een dozijn exemplaren, vooral alle directe familieleden en voor haar vrienden, of die nu belang hadden bij een dergelijk presentje of niet, en vooral dat laatste was veelvuldig het geval. En doordat telefoneren ook nog een verslaving van haar was, rinkelde de bel van het toestel niet alleen dikwijls als ze ons van het laatst ontdekte koopje in de stad op de hoogte wilde brengen, maar vooral als ze een dag op reis was, en van tevoren had gezegd dat ze nu juist niet zou kunnen opbellen, omdat ze het héél druk zou krijgen. Overstappen van de éne bus in de andere werd net zo steevast gemeld als haar vroege aankomst op het Centraal Station of een oponthoud vóór haar aansluiting in Amersfoort, en niet te vergeten haar aankomst in de plaats van bestemming, en dan ook nog eens als ze aldaar veilig met de bus was vervoerd. “Ze stoppen overal voor mij, ook als er niet direct een halte is. Ze zijn allang blij dat je meegaat, en ze weten dat ik een goede klant ben. Ik heb dan ook voor een jaar betaald….”
Een andere tic bestond uit haar opgedrongen hulpvaardigheid, welke menigeen flink wat zenuwen heeft gekost. In één plaats in Noord-Holland had ze drie adressen waar ze elke vrijdag hielp, en ja hoor, ook de mensen daar hadden telefoon. Op één van die dagen had ze het heel zwaar te pakken. Relatief vroeg in de ochtend waren we al geïnformeerd over haar vorderingen in de huishouding van een jong stel. “Ja, die werken beiden en dan zijn ze allang blij dat ik kom opruimen. Maar wat ik nou toch op de vloer van de slaapkamer heb gevonden….. Weet jij wat dat is? Een damesonderbroek zonder onderkant. Ik snap er niets van. Het zal toch wel van die mevrouw zijn, want het heeft van die borduurdels — die zal haar man toch niet dragen? . . . Ja, ik krijg heel wat te zien, want ze laten veel slingeren. Maar dat kan ik je allemaal niet vertellen: verleden week een tijdschrift met zulke foto’s, je weet wel....maar dat snap ik helemaal niet. Ze zijn toch getrouwd en ze slapen zelfs in één bed. Ja, dat is me toch een zwaar bed. Dat kun je niet verplaatsen, want het is van helemaal van ijzer. Maar ik moet er toch wel even achter om daar ook schoon te maken en nu is die meneer zo vriendelijk geweest om het voor mij te verplaatsen. Ja, hij is heel sterk. Maar hoe moet dat straks? Ik heb nog meer adressen en ik kan dat zware bed niet verplaatsen. Kun jij niet iets verzinnen? Jij hebt toch altijd voor alles een oplossing. Dan bel ik straks wel weer.”
Een half uurtje later toonde ze haar verbijstering dat ik nog geen pasklare oplossing voor het verplaatsen van dat ijzeren bed had....

IN MEMORIAM MSTISLAV ROSTROPOVITSJ

dagcolumn
2,2 met 4 stemmen 700
Kunstenaarschap en activisme gingen hand in hand
De pas overleden, wereldvermaarde cellist en dirigent, Mstislav Rostropovitsj, die in de ochtend van vrijdag 27 april is overleden, heeft een bewogen en kleurrijk leven gehad, vol tegenstellingen in menig opzicht. Met verve verzette hij zich tegen dictatoriale overheden, zoals die in de voormalige Sovjetunie, waar hij in het begin van de jaren zeventig vier jaar achtereen onderdak had verleend aan de door het partijapparaat gewraakte schrijver Aleksandr Solzjenitsyn. Daarom werd hem het staatsburgerschap ontnomen en vertrok hij in 1974 met zijn echtgenote — de sopraan Galína Visjnjèvskaja (geb. 1926), die geruime tijd vast was verbonden aan het Moskouse Bolsjój Theater — en de overige gezinsleden naar het westen, waar hij drie jaar daarna werd aangesteld als dirigent van het National Symphony Orchestra te Washington, een positie die hij zou bekleden tot 1994, waarna hij weer meer solistisch met zijn cello en ook als gastdirigent kon optreden, zoals tijdens festiviteiten in het Amsterdamse Concertgebouw, ten faveure van Beatrix der Nederlanden, met wie hij persoonlijk bevriend was.
Aan het eind van de jaren zestig trad Rostropovitsj op met het Limburgs Symfonie Orkest, doch snel daarna meldde een groot, schreeuwerig ochtendblad dat de vermaarde cellist had gemeld het orkest van Maastricht weliswaar een verdienstelijk ensemble te vinden, maar dat hij liever was opgetreden met één van de grote orkesten in het westen des lands. Verder was hij boos op tal van muziekrecensenten, die zijn inziens ten onrechte erg negatief schreven over de werken van zijn vriend Benjamin Britten (1913-1976), en dat hij niet meer in ons land wilde optreden als ze dat bleven doen. Kortom, een emotionele man, hetgeen mij werd bevestigd door cellisten die een masterclass bij hem hadden gevolgd. Bijzondere gebeurtenissen, die veel emoties bij tal van verschillende groeperingen losmaakten, konden op zijn aandacht en dikwijls tevens op zijn onverdeelde steun rekenen, zoals zijn optreden bij de Val van de Berlijnse Muur in 1989 heeft aangetoond. Nog spectaculairder was zijn openluchtoptreden, bijna twee jaar later toen hij in Moskou de Cellosuites van Bach heeft gespeeld ter ondersteuning van een dringend gewenst democratiseringsproces, midden in een ‘staat van beleg’.
Al vanaf zijn jonge jaren werkte Rostropovitsj samen met de toen belangrijkste componisten in de Sovjetunie: Sergéj Prokófjev (1891-1953) en Dmítri Sjostakóvitsj (1906-1975). Deze laatste schreef zijn Tweede Celloconcert in 1967 voor Rostropovitsj, Benjamin Britten deed hetzelfde met zijn Cello Sonata, opus 65 (1961), de Cello Symfonie, opus 68 (1962-63) en zijn Cellosuites, opus 72 (1964), opus 80 (1967) en opus 87 (1971), en verder nog schreef hij nieuwe cadenzen voor Joseph Haydns Celloconcert in C (1964), eveneens voor zijn vriend....

IN DE BUS

verhaal
2,0 met 1 stemmen 472
Wet is wet!
“Ja, ik had het al wel eerder gezien toen je voorbijging, maar toen zag je mij niet,” riep ze nadrukkelijk, waardoor bijna iedereen in de bus op- of omkeek. “Ja, je hebt je haar eraf, hè? Nou, dat kon ook niet langer, want als een man zulk lang haar heeft, dan kun je niet meer zien dat hij een man is en dat is niet goed. Want een man is een man en geen vrouw, en hij moet dus doen en leven zoals een man is en niet als een vrouw. En dan die vrouwen in lange broek. Ik kan het gewoon niet meer uit elkaar houden wat nu een man is en wat een vrouw.”
Voldaan keek ze rond of er misschien nog iemand was die haar wilde bijvallen, want ze had in de loop der jaren flink wat kennissen opgedaan daar op die lijn. Zo kwam het dat ze ook met Jan en alleman een praatje begon, zelfs als ze niet direct kon zien van welk geslacht de aangesprokene eventueel wel zou kunnen zijn.
Nadat ze een knoop van haar regenmantel aan een nauwkeurige inspectie had onderworpen, keek ze over het gangpad van de bus weer samenzweerderig naar me....

IN DE ABRI

verhaal
3,2 met 4 stemmen 466
Met een trek van behoorlijk misprijzen om haar mond stond ze in één van de abri’s van het openbaar stadsvervoer op de bus te wachten. Ze was een jaar of zestig en ze stond naast een rijzige heer van ongeveer dezelfde leeftijd. De jongere man, die erbij ging staan omdat het nogal regende en hij nog zo’n tien minuten zou moeten wachten, had het gevoel dat ze behoefte had aan een gesprek. Door demonstratief de andere kant op te kijken, slaagde hij er echter in buiten schot te blijven.
De bus liet langer op zich wachten dan was voorzien, en dat had naar alle waarschijnlijkheid te maken met de boerenacties, die hier en daar het verkeer in de stad bijna helemaal lam legden. Met een diepe zucht kwam een blonde vrouw van een jaar of veertig, in een felrode, korte lakjas bij de anderen staan.
“En, waar kom je vandaan?” vroeg de oudere vrouw, op een toon, die deed vermoeden dat ze de jongere wel kende.
“Ik heb geprobeerd het belastingkantoor binnen te komen, maar dat is me niet gelukt. Ik had net zo goed thuis kunnen blijven, zeker met deze verschrikkelijke regen.” ...