start toeval vragen forum links zoek contact gastenboek inhoud

Categorieën:

actualiteit (138)
adel (13)
afscheid (116)
algemeen (330)
bedankt (25)
biologie (13)
dieren (241)
discriminatie (38)
drank (48)
economie (23)
eenzaamheid (179)
emoties (169)
erotiek (68)
ex-liefde (64)
familie (113)
feest (41)
film (3)
filosofie (146)
fotografie (6)
geboorte (23)
geld (33)
geschiedenis (30)
geweld (46)
haiku (5)
heelal (38)
hobby (32)
humor (384)
huwelijk (40)
idool (42)
individu (62)
internet (29)
jaargetijden (53)
kerstmis (79)
kinderen (174)
koningshuis (22)
kunst (48)
landschap (15)
lichaam (38)
liefde (257)
literatuur (352)
maatschappij (158)
mannen (34)
milieu (14)
misdaad (119)
moederdag (11)
moraal (99)
muziek (41)
natuur (96)
oorlog (108)
ouderen (18)
ouders (36)
overig (129)
overlijden (78)
partner (55)
pesten (29)
planten (13)
politiek (50)
psychologie (114)
rampen (55)
reizen (132)
religie (143)
schilderkunst (20)
school (63)
sinterklaas (17)
sms (6)
songtekst (1)
spijt (26)
sport (80)
sterkte (2)
taal (43)
tijd (55)
toneel (10)
vaderdag (1)
vakantie (83)
valentijn (4)
verdriet (87)
verhuizen (13)
verjaardag (17)
verkeer (46)
voedsel (45)
vriendschap (84)
vrijheid (59)
vrouwen (87)
welzijn (54)
wereld (35)
werk (96)
wetenschap (18)
woede (60)
woonoord (87)
ziekte (153)

tabblad: verhalen

< vorige | alles | volgende >

verhaal (nr. 4573):

Afspraak met de dokter

''Zal ik een afspraak maken met de dokter, darling? Ik ben de hele dag zo moe en mijn benen voelen zo zwaar.''
''Ja, doe maar en voor mij ook, want mijn hart gaat zo te keer.''
''Goed, dan bel ik.
''Goedemorgen verpleegster, moet u eens horen, U spreekt met Jansen.''
'''Waar belt u voor, mijnheer Jansen.'''
''Het zit zo, ik ben de laatste tijd erg moe en mijn vrouw klaagt erover, dat haar hart veel lawaai maakt.''
''Ja, kom morgenochtend samen om tien uur.''
''Dank u wel verpleegster, tot morgen dan, doei.''

''Morgenochtend om tien uur, Mien.''
''Trek je wel een schone onderbroek aan, want hij zal je prostaat wel controleren.''
''Doe ik.''
De volgende morgen zaten de oudjes in de wachtkamer van de huisarts.
De deur van de spreekkamer ging open en daar verscheen dokter Brouwer, een forse man van boven de zestig.
''Goedemorgen mevrouw en mijnheer, jullie heb ik geen jaren meer gezien op het spreekuur, dus zal er nu wel wat aan de hand zijn, nog echt mensen die niet voor elk wisje wasje naar de dokter rennen. Eerst mevrouw maar, wat zijn uw klachten?''

Dokter, ik voel de laatste tijd dat mijn hart zo te keer gaat, vooral als ik op mijn linkerzij lig en mijn darmen rommelen verschrikkelijk wanneer ik op mijn rechterzij ga leggen.''
''En als u op rug ligt, wat voelt u dan?''
Ze wees naar haar man, en zei:
''Hij dokter, hij neemt meteen de kans waar om bovenop mij te gaan liggen, dan wil ie weer wat.''
Wouter hoorde dat, en zei verontwaardigd:
''Dat lieg je, Mien.''
''Rustig mensen, kom mevrouw, ik zal u onderzoeken.

De dokter kon bij haar geen ernstige afwijkingen vinden, maar ze moest wel afvallen en haar bloeddruk was te hoog, daar kreeg ze een recept voor om medicijnen te halen bij de apotheek.
Zo mijnheer Jansen, hoe oud bent u nou?'''
''Tachtig, dokter.''
''Dat zou je niet zeggen, u ziet er goed uit, niet dik. Wat zijn uw klachten?''
''Dokter, ik voel mij de laatste tijd zo moe en of mijn benen niet vooruit willen.''
De dokter onderzocht hem, maar kon ook geen ernstige dingen ontdekken, ook zijn prostaat was niet groter geworden.

''Ik denk, dat je gestrest bent, mijnheer Jansen, je kijkt gespannen uit je ogen. Ga daarom elke dag een flink eind wandelen en zoek daarna vertier in een café, neem en paar neuten en rook een sigaar, dan knap je zienderogen van op. Zelf was ik ook een tijdje overspannen en mijn vrouw ook. Zij neemt nu ook avonds een paar borrels en rookt een half pakje sigaretten. Een beter medicijn bestaat niet.''
Mien aan het woord:
''Ho, ho dokter, daar ben ik het niet mee eens, dat zal hij wel willen in een café borrelen, maar daar komt niks van in, hij heeft zijn natje en droogje thuis.''
''Toch zou het goed voor hem zijn mevrouw Jansen, wanneer een man de hele dag in de gaten wordt gehouden door zijn vrouw, gaat zijn gezondheid achteruit, hij moet jagen en achter de vrouwen aan, daar is hij voor geschapen.''

Wouter hoorde dat en schudde zijn hoofd van ja, de dokter heeft volkomen gelijk, dacht hij.
Mien ergerde zich verschrikkelijk aan de dokter en verliet zonder te groeten de spreekkamer en wachtte op haar man in de wachtkamer.
''Ze is het niet me eens, mijnheer Jansen, maar het is toch waar en dat hebben wetenschappers bevestigd, dat een man veel te veel onder de plak zit van zijn vrouw, daar raakt hij gestrest van, dus geef ik ze de raad, ga wandelen en zoek gezelligheid in een café.''
''Ik ben het volkomen met u eens, dokter, maar toch zou ik niet zonder vrouw kunnen, ze is heel goed voor me en ze houdt alles schoon en kookt het eten. Wat ik wel jammer vind, dat ik avonds geen drank meer krijg, alleen vóór het eten maar één borrel. Ik krijg twee koppen thee en dan om tien uur naar bed, terwijl ik snak naar een borrel.''

''Ik ben zeer begaan met je, mijnheer Jansen en hoe is het met de seks?''
''Kan niet beroerder, joepie komt niet meer omhoog en als ik toch een poging waag, krijg ik een opdonder, slapen zeg ze dan. Het is voorbij dokter.'
''Zal ik je een viagrapil voorschrijven, mijnheer Jansen, misschien dat je dan weer gebeiteld zit met haar.''
''Neen dokter, één keer heb ik het geprobeerd met zo'n pil, maar ze schrok zich een ongeluk en vluchtte naar de buurvrouw, van mij hoeft het niet meer.''
''Mijnheer Jansen, dan weet ik het ook niet meer, dan moet je je zelf maar behelpen. Hier heb je een recept, dat je beter slaapt en rustiger wordt.''
''Hoef ik niet dokter, want dan mag je geen alcohol gebruiken en ik doe het toch stiekem, ik weet de weg.''
''Oké, het gaat je goed, mijnheer Jansen en doe de groeten aan je vrouw.

In de wachtkamer zag Wouter zijn vrouw en samen gingen ze naar de apotheek.
''Die dokter deugt niet, welke dokter geeft je het advies naar een café te gaan en je vol te gieten, hij is niet goed wijs.''
Op weg naar huis naderden ze het café van Rooie Bart.
''Kom op ouwe, we nemen er één, ik ben er nu aan toe'', en ze gingen samen aan de bar zitten. Ze keken elkaar aan en zij gaf hem een zoentje en dronken een kopstoot.

Schrijver: kees niesse, 30-06-2012


c.h.niesseatkpnplanet.nl



balBiografie van deze schrijver





Geplaatst in de categorie: ziekte

Deze inzending is 95 keer bekeken

1/5 sterren met 1 stemmen.



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)