nederlands.nl
Gebruikersnaam of e-mail:  Wachtwoord:    Registreren
















Top-5 verhalen:

1.
2.
3.
4.
5.


Categorieën:

actualiteit (124)
adel (13)
afscheid (115)
algemeen (323)
bedankt (25)
biologie (12)
dieren (231)
discriminatie (38)
drank (48)
economie (22)
eenzaamheid (178)
emoties (166)
erotiek (68)
ex-liefde (63)
familie (107)
feest (38)
film (3)
filosofie (134)
fotografie (5)
geboorte (22)
geld (30)
geschiedenis (26)
geweld (44)
haiku (1)
heelal (38)
hobby (27)
humor (374)
huwelijk (41)
idool (41)
individu (59)
internet (28)
jaargetijden (51)
kerstmis (69)
kinderen (166)
koningshuis (21)
kunst (48)
landschap (15)
lichaam (38)
liefde (256)
literatuur (347)
maatschappij (144)
mannen (34)
milieu (12)
misdaad (114)
moederdag (11)
moraal (92)
muziek (39)
natuur (88)
oorlog (106)
ouderen (15)
ouders (35)
overig (128)
overlijden (73)
partner (55)
pesten (29)
planten (11)
politiek (50)
psychologie (104)
rampen (52)
reizen (129)
religie (140)
schilderkunst (20)
school (60)
sinterklaas (17)
sms (5)
songtekst (1)
spijt (26)
sport (80)
sterkte (2)
taal (40)
tijd (52)
toneel (10)
vaderdag (1)
vakantie (82)
valentijn (4)
verdriet (86)
verhuizen (12)
verjaardag (16)
verkeer (37)
voedsel (43)
vriendschap (81)
vrijheid (57)
vrouwen (86)
welzijn (49)
wereld (35)
werk (94)
wetenschap (18)
woede (60)
woonoord (82)
ziekte (146)


gedichten.nl


Garnier Projects





tabblad: verhalen

< vorige | alles | volgende >

verhaal (nr. 4126):

Hooggeleerde schavuit

(voor Thomas Stearns Eliot (1888 - 1965))

Je sierlijke wieg stond in een kolossaal huis in St. Louis, wat je vader Henry vol trots had gekocht, met een tuin tot aan de vriendelijke rivier, hij kon het makkelijk betalen, gezien zijn triomfen als Amerikaanse zakenman. Je moeder Charlotte hoefde niet zelf al die vertrekken stofvrij te houden, daar had ze een ploeterende schoonmaakster voor, zelf ploeterde ze buitenshuis als maatschappelijk werkster. Je hardwerkende ouders waren beiden 44 jaar toen ze jou kregen als laatste van de zes overlevende kinderen. Je had vier zorgzame zussen van 11 tot 19 jaar. Het dubbele inkomen van je ouders zorgde voor genoeg extra's en een goede scholing, zo leerde je als jongen Latijns, Duits en andere talen. Op je veertiende schreef je je eerste gedichten, maar omdat ze zo somber van inhoud waren, heb je ze allemaal verbrand. Je las het werk van Fitzgerald en dat deed je gloeien van begeerte, want dat soort poëzie wilde je ook schrijven, zo'n belangrijke dichter wilde je ook worden. Je artistieke ambitie was gewekt en op de Milton Academie in Massachusetts las je zoveel mogelijk poëzie als je in handen kon krijgen. Je hield van de Amerikaanse natuur en je zat dan ook vaak dromerig in de zon met een dichtbundel naast je studieboek, ergens met je slanke rug tegen een dikke boom of met je broekspijpen omhoog, met bungelende, blote voeten in het stromende rivierwater, kauwend op de zelfgebakken koekjes van je moeder. Je ging voor vier jaar studeren aan de universiteit van Harvard, waar je een toptijd beleefde met veel uitgaan en de nodige spiritualiën. Je filosofiestudie liep gesmeerd en je had genoeg tijd over voor het feestende, jonge vrouwvolk, dat het gelukkig niet zo nauw met de zeden nam. Midden in die studietijd ontdekte je de Franse symbolisten; Rimbaud, Verlaine, Laforgue en Corbière, waardoor je poëzievisie werd omgegooid en je een gigantische adrenalinestoot kreeg, je nam de boot naar Frankrijk en in Parijs studeerde je een jaar filosofie aan de befaamde Sorbonne, waar schuin tegenover de ingang Rimbaud en Verlaine nog gebivakkeerd hadden, geblowd, gezopen, gevreeën en geschreven. Daarna keerde je voor drie jaar terug naar Harvard, waar je de Indiase filosofie en Sanskriet ging studeren. Door de voorzienigheid en miraculeuze redenen kwam je in 1914 in Oxford terecht, waar je één jaar studeerde, hoewel je de universiteitssteden inmiddels haatte, overal dezelfde toestanden, al kon je om de authentieke schoonheid van Oxford niet heen. In wezen haatte je het feit dat je zo lang al een verbeten studiepik was, je wilde wel eens het echte werkleven in. Juist in die tijd ontmoette je de charmante, elegante, artistieke, beeldschone, slanke, speelse, sappige jongedame Vivienne Haigh-Wood, een hoogst intelligente gouvernante uit Cambridge. Het klikte meteen en binnen een mum van tijd lagen jullie paradijselijk naakt in elkaar, op elkaar en naast elkaar. Je leven nam een andere wending en in 1915 trouwden jullie met elkaar, dolgelukkig en toekomstgericht. Je ging in Engeland wonen om haar en zij wilde niets liever, dus belandden jullie in de flat van de filosoof (een kennis van jou) Bertrand Russell. Getrouwd in Hampstead, wonend in Hampstead, een chique wijk, waar Keats gewoond heeft. Je gaf filosofische lezingen aan de universiteiten van Londen, wat geld in het laatje bracht. Toen je een keer eerder thuiskwam dan normaliter, hoorde je verdachte geluiden uit de slaapkamer komen, je smeet de deur open en je was getuige van een hoogtepunt tussen jouw verse bruid en die smerige oplichter, die je bijna gekeeld hebt. Toch bleef je bij haar en je zette je ongelukkige huwelijk elders in de wijk voort. Je was zo diep gekwetst, dat je er een artistiek hoogtepunt van wilde maken en zo ontstond je poëtische weergave van de huwelijkscrisis, 'The Waste Land'. Je werd leraar Latijn en Frans in Londen en Buckinghamshire, je dook met publieke vrouwen het bed in, want Vivienne had hormonale defecten, die haar tot gekmakende stemmingswisselingen dreven, waardoor jij in zenuwslopende depressies belandde. Op een dag kreeg je een topbaan bij Lloyds Bank en zodoende ontmoette je op zakenreis de vermaarde schrijver James Joyce, die jij maar een arrogante ruziemaker vond, maar toch werden jullie vrienden, je dronk graag een fles cognac met hem, maar hij lag continu overhoop met zijn vrouw, wat jou beangstigde, herinnerde aan jouw huwelijk, maar hij verzekerde je dat veel ruzie normaal is bij waarlijk artistieke talenten. Weer later werd je medewerker bij de uitgeverij 'Faber & Faber', waar je het tot directeur schopte. De schilder Wyndham Lewis schilderde je op voortreffelijke wijze en je besloot om anglicaans-katholiek te worden, waardoor je werk religieuze invloeden kreeg. Als officiële Engelsman werd je steeds strenger voor jezelf en voor je directe omgeving, zodat je in 1933 scheidde van Vivienne en haar bewust en genadeloos liet opnemen in een psychiatrische inrichting in de wijk Stoke Newington, naast Hampstead. Je had haar familie voor je wagen gespannen en je kreeg zelfs het beheer over haar financiën. Dit was de grootste wandaad van je zogenaamd beschaafde leven. Ze was niet echt geestesziek en dat wist je en dat maakte je tot een regelrechte crimineel, maar iedereen zweeg erover, zeker jij, want je hebt haar in al die gevangen jaren maar één keer opgezocht, dat was vlak voor haar sterven in 1947, weet je nog, toen ze sprakeloos was en alleen maar kon huilen. Daarna woonde je nog tien jaar samen met een vriend, alles voor de kunst, als twee geslepen bloedhonden, hoe het vermogen vermeerderen. Op je 68-ste trouwde je met Esme, je secretaresse bij Faber & Faber, die 36 jaar jonger was. God, wat was je nog gelukkig die laatste tijd van je deels huichelachtige leven, een wonder dat je hem nog omhoog kreeg, maar met de nodige sterke drank gelukte het en Esme was zielsgelukkig bij haar onderstreepte vaderfiguur. De emotie killende gewoonte van het kettingroken had je longen zwaar aangetast en in 1965 stierf je aan longemfyseem.

Schrijver: Joanan Rutgers, 01-09-2011


Geplaatst in de categorie: literatuur

Deze inzending is 48 keer bekeken

5/5 sterren met 2 stemmen.


Print   |   E-kaart   |  



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

Naam:       E-mail:  

Bericht:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)









vragen  |   links  |   zoek  |   contact  |   disclaimer  |   inhoud  |   rijmwoordenboek  |   gedichten.nl