nederlands.nl
Gebruikersnaam of e-mail:  Wachtwoord:    Registreren
















Top-5 verhalen:

1.
2.
3.
4.
5.


Categorieën:

actualiteit (124)
adel (13)
afscheid (115)
algemeen (323)
bedankt (25)
biologie (12)
dieren (231)
discriminatie (38)
drank (48)
economie (22)
eenzaamheid (178)
emoties (166)
erotiek (68)
ex-liefde (63)
familie (107)
feest (38)
film (3)
filosofie (134)
fotografie (5)
geboorte (22)
geld (30)
geschiedenis (26)
geweld (44)
haiku (1)
heelal (38)
hobby (27)
humor (374)
huwelijk (41)
idool (41)
individu (59)
internet (28)
jaargetijden (51)
kerstmis (69)
kinderen (166)
koningshuis (21)
kunst (48)
landschap (15)
lichaam (38)
liefde (256)
literatuur (347)
maatschappij (144)
mannen (34)
milieu (12)
misdaad (114)
moederdag (11)
moraal (92)
muziek (39)
natuur (88)
oorlog (106)
ouderen (15)
ouders (35)
overig (128)
overlijden (73)
partner (55)
pesten (29)
planten (11)
politiek (50)
psychologie (104)
rampen (52)
reizen (129)
religie (140)
schilderkunst (20)
school (60)
sinterklaas (17)
sms (5)
songtekst (1)
spijt (26)
sport (80)
sterkte (2)
taal (40)
tijd (52)
toneel (10)
vaderdag (1)
vakantie (82)
valentijn (4)
verdriet (86)
verhuizen (12)
verjaardag (16)
verkeer (37)
voedsel (43)
vriendschap (81)
vrijheid (57)
vrouwen (86)
welzijn (49)
wereld (35)
werk (94)
wetenschap (18)
woede (60)
woonoord (82)
ziekte (146)


gedichten.nl


Garnier Projects





tabblad: verhalen

< vorige | alles | volgende >

verhaal (nr. 4340):

Donszachte krachtpatser

(voor Peter Paul Rubens (1577 - 1640))

Je bent geboren in Siegen, waar je vader Jan Rubens zeven jaar voor je geboorte woonde aan het hof van Anna van Saksen, als juridisch adviseur, maar hij adviseerde ook in erotische standjes. Je moeder Maria Pypelincks schaamde zich rot toen spionnen ontdekten dat je vader jarenlang met Anna van bil is gegaan, terwijl de kwade Willem van Oranje hem in de gevangenis liet gooien. Kort na je geboorte gingen je ouders terug naar Keulen om zo snel mogelijk het schandaal en de kwaadsprekers te ontvluchten. Op je tiende stierf je vader, wat een grote klap voor je was. Twee jaar later ging je met je moeder naar Antwerpen, want je moeder was ooit met je vader uit Antwerpen gekomen, uit vrees voor de Spanjaarden, maar dat was voorbij. Je ging mee naar de parochiekerk en je leerde de rozenkrans bidden, daarnaast leerde je Latijn en klassieke literatuur. Je ging naar de schilderleraar Tobias Verhaeght, waar je als veertienjarige direct goede sier maakte met je ijverige nieuwsgierigheid, later sprong je over naar de schilderheren Adam van Noort en Otto van Veen, die je de geheimen van de schilderkunst uit de doeken deden. Terwijl je klonk met een vriendin spatte het bier op haar half ontblote boezem, wat je er graag afgelikt had. Op je eenentwintigste was je klaar met je schildersopleiding en ging je als zelfstandige kunstschilder aan de slag. Je ging naar het heilige Italië, waar de schilderkunst zo ongeveer was uitgevonden. In Venetië bewonderde je Titiaan, Veronese en Tintoretto, terwijl je aangenaam verbleef bij de gulle hertog Vincenzo I Gonzaga, die je zelfs reisgeld meegaf voor Florence en Rome. Je kopieerde de schilderijen van Michelangelo, Caravaggio, Raphael en Da Vinci, wat op zich al een megaklus was, maar je maakte ook je eerste altaarstuk in een Romeinse kerk. Omdat je over de sleutel van de kerk beschikte, heb je daar in het pikdonker een aantal keren met hitsige, Italiaanse zwartharigen gevreeën, wat je als dubbelgoddelijk ervoer, vooral de weergalming van hun steunende, genotvolle geluiden. Als een blinde kneep je in hun zalige vleselijkheden, zoog je aan hun mondvullende tepels. Op je zesentwintigste spookte je in Spanje rond en zat je vorstelijk te dineren met Filips de Derde, terwijl je achter zijn rug om flirtte met zijn rondborstige vrouw, die je, gezien je prestaties, nog jaren nadien stalkte. Je vertrok voor vier jaar naar Mantua, Genua en Rome. Als portretschilder schilderde je ook Maria di Antonio Serra Pallavicini en van haar familielid kardinaal Jacopo Serra kreeg je de opdracht om een hoogaltaarstuk te schilderen, wat 'Santa Maria in Vallicella' werd. Je genoot met volle teugen wijn van de Italiaanse rijkdommen, maar toen je moeder op sterven lag, reisde je direct naar Antwerpen, maar je kwam helaas te laat, wat je zeer verdroot. Je bleef in het Italiaans schrijven, omdat een groot deel van je schildershart nooit Italië verlaten had. Als hofschilder van Isabella Clara Eugenia schilderde je haar met een opzichtige, foeilelijke hoofdkraag, zoals honden die wel eens uit noodzaak dragen. Echter zeer subtiel geschilderd.

Op je tweeëndertigste trouwde je met de achttienjarige Isabella Brant, de gegoede dochter van de rijke humanist Jan Brant en bovendien had ze een Italiaans uiterlijk en supergrote borsten, waar je zo dol op was, waar je alles voor over had. Daarom schilderde je ook zo vol passie, altijd met de gedachte aan je nachtelijke beloning in de vorm van haar flinke borstentroost. Jullie trouwden in de Norbertijnse Sint-Michielsabdij en jullie gingen wonen in een zelfontworpen, ruime, Italiaanse villa, waar je ook een respectabele bibliotheek herbergde. Daar, in het hart van je geliefde Antwerpen, breidde je je imperium uit, in je comfortabele atelier gaf je les aan vele leerlingen, ook de eveneens begaafde portretschilder Anthony van Dyck, en je werd geholpen door talloze medewerkers. In de Antwerpse kathedraal maakte je twee grootse, barokachtige altaarstukken over de kruisiging van Jezus Christus en je begon aan een derde altaarstuk, 'De Hemelvaart van Maria Magdalena'. Omdat de pest heerste, week je uit naar Spanje en je keerde te vroeg terug, want je diepbeminde Isabella kreeg de pest en stierf op vierendertigjarige leeftijd, jou en drie kinderen in groot verdriet achterlatend. Je voltooide je derde altaarstuk, waarbij je een dame in het rood schilderde, opvallender dan Maria zelf, je ultieme hommage aan Isabella. Vier jaar later ontmoette je bij je vriend Daniël Fourment zijn zestienjarige dochter Hélèna, die er qua rondingen ouder uitzag, waardoor je graag met haar trouwde en jullie kregen samen vijf kinderen. Hélèna is voor ons te zien op 'Het pelsken', waarbij ze met haar rechterarm haar borsten met stijve tepels omhoog drukt.
Je schilderde 'Maria Magdalena' met één grote, ontblote borst en op 'Roomse liefdadigheid' wordt een oude, gevangen man met moedermelk van een jonge bezoekster op de been geholpen, je maakte zelfs een tweede variatie, want de borstvoedingsscenes boeiden je uitermate. Hélène stond ook model voor 'Het feest van Venus' en 'De Drie Gratiën', waarbij duidelijk werd dat je verslaafd was aan dikke vrouwen met grote, vette, bierzuchtige rondingen. Wat maakte het uit, dat jij daar opgewonden van raakte, als het zulke wonderschone beeltenissen opleverde, waar we nog lang van mogen genieten. Verder had je het reuzedruk als diplomaat om landenoorlogen in de kiem te smoren en je werd twee keer geridderd, wat je met gepaste trots ontving, terwijl je in Elewijt het landgoed 'Het Steen' kocht en je daar graag terugtrok na een leven vol kunstzinnig streven en manmoedig doorzetten, uitpuffend met een goed glas wijn en de prikkelende schoonheid van je jonge vrouw binnen handbereik. Over de zestig kreeg je steeds meer last van gewrichtspijnen en je libido had zijn grootste tijden wel gekend, waardoor je oude-bokken-kuren kreeg en het schilderen als een last ervoer.

Je stierf aan de jicht, zeg maar ouderdomsslijtage, het was zover, Magere Hein sleep zijn zeis en roets! wég was je, maar je immense arbeidsvruchten leven voort!

Schrijver: Joanan Rutgers, 05-12-2011


Geplaatst in de categorie: schilderkunst

Deze inzending is 158 keer bekeken

3/5 sterren met 2 stemmen.


Print   |   E-kaart   |  



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

Naam:       E-mail:  

Bericht:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)









vragen  |   links  |   zoek  |   contact  |   disclaimer  |   inhoud  |   rijmwoordenboek  |   gedichten.nl