nederlands.nl
Gebruikersnaam of e-mail:  Wachtwoord:    Registreren
















Top-5 verhalen:

1.
2.
3.
4.
5.


Categorieën:

actualiteit (124)
adel (13)
afscheid (115)
algemeen (323)
bedankt (25)
biologie (12)
dieren (231)
discriminatie (38)
drank (48)
economie (22)
eenzaamheid (178)
emoties (166)
erotiek (68)
ex-liefde (63)
familie (107)
feest (38)
film (3)
filosofie (134)
fotografie (5)
geboorte (22)
geld (30)
geschiedenis (26)
geweld (44)
haiku (1)
heelal (38)
hobby (27)
humor (374)
huwelijk (41)
idool (41)
individu (59)
internet (28)
jaargetijden (51)
kerstmis (70)
kinderen (166)
koningshuis (21)
kunst (48)
landschap (15)
lichaam (38)
liefde (256)
literatuur (347)
maatschappij (144)
mannen (34)
milieu (12)
misdaad (114)
moederdag (11)
moraal (92)
muziek (39)
natuur (88)
oorlog (106)
ouderen (15)
ouders (35)
overig (128)
overlijden (73)
partner (55)
pesten (29)
planten (11)
politiek (50)
psychologie (104)
rampen (52)
reizen (129)
religie (140)
schilderkunst (20)
school (60)
sinterklaas (17)
sms (5)
songtekst (1)
spijt (26)
sport (80)
sterkte (2)
taal (40)
tijd (52)
toneel (10)
vaderdag (1)
vakantie (82)
valentijn (4)
verdriet (86)
verhuizen (12)
verjaardag (16)
verkeer (37)
voedsel (43)
vriendschap (81)
vrijheid (57)
vrouwen (86)
welzijn (49)
wereld (35)
werk (94)
wetenschap (18)
woede (60)
woonoord (82)
ziekte (147)


gedichten.nl


Garnier Projects





tabblad: verhalen

< vorige | alles | volgende >

verhaal (nr. 174):

DELHI MON AMOUR

Ze dronk gin, rookte, en was van Indiase afkomst.

Jachtseizoen geopend. Maar zij sprak mij aan.

Zo gaat dat, soms.

“Just for two days.”

“You?”

“One night.”

Je verslikt je net niet in je wiskey.

Je denkt.

Mooie tijdsbepaling.

De plaats van handeling, een hotelkamer.

Maar dat zeg je niet.

Ze vraagt je naar je volgend reisdoel.

Je zegt:

“To Kashmir. To write stories.”

“You’ re a writer?”

“Sometimes.”

“Interesting.”

Je kijkt in de spiegel.

Je denkt.

Pinokkio.

Je zegt:

“I’m a journalist.”

“A student.”

“I see.”

Je denkt.

Niet meer in de spiegel kijken.

Je schuift een kruk op.

Ze komt op de kruk zitten, waar jij net zat.

Je vraagt wat ze net aan jou vroeg.

Ze zegt:

“To London.”

“Acting.”

Ze kijkt in de spiegel en blijft zitten.

Toch denk je:

Ze liegt.

Ze maakt haar haar los.

Je denkt.

En nu naar huis.

Zij zegt:

“Let’s dance.”

Ze neemt je aan de hand mee, de trap af.

Je denkt.

Daar valt een hoop te verliezen.

Je rukt je los.

Ze haalt haar schouders op en verdwijnt in de dansende menigte.

Je loopt naar de bar.

En bestelt een dubbele gin en een wiskey.

Je denkt.

Een journalist danst niet.

Je pakt pen en papier.

Een gedicht zul je schrijven.

Voor haar.

Als ze is uitgedanst, vraagt ze je wat je aan het schrijven bent.

Verlegen zeg je:

“A poem.”

Plagerig, zegt ze:

“You don’t have to write a poem to kiss me.”

Je denkt.

Zo word ik nooit een dichter.

Ze zegt:

“Let’s go.”

Je denkt.

Hè, hè.

Buiten houd je één van de duizend-en-één riksja-rijders aan.

Je vraagt haar:

“To which hotel?”

Ze zegt.

“Yours.”

Hotel de botel, hobbel de bobbel,

Onderga je de weg naar je hotel.

Onderweg word je aangehouden door een agent.

Er onstaat een onbegrijpelijke woordenwisseling.

Hij schreeuwt, zij schreeuwt.

Ze vertelt je, dat het not done is,

om als Indiase vrouw in het openbaar gesignaleerd te worden,

met een blanke man.

Je denkt.

Mijn eerste onmogelijke liefde.

Delhi mon Amour.

Je geeft de Riksja-rijder een knipoog.

Hij begrijpt je en rijdt vol gas richting ravijn, vlak voor de rand springt hij eruit,

en je stort heftig zoenend ter aarde. Je dood wekt grote beroering.

Een storm van naakt protest raast over het land. Met voorop de vrouwenbeweging,

die het recht opeist een man lief te hebben, ongeacht geloof of afkomst.

Op de televisie roept premier Vapajee het volk op tot kalmte.

In 1004 dialecten.

Maar dat mag niet baten.

Alles wordt ter discussie gesteld.

Het kastenstelsel.

Lassi Toverrijst.

Boudewijn Büch.

Alles.

Maar de agent laat je gaan.

Rustig snort de riksja door de smalle straten.

Je pakt haar hand vast.

Je denkt.

Zachtjes wrijven.

Ze kruipt tegen je aan.

Even overweeg je ‘Tonight’s the Night’ van Rod Steward in te zetten.

Maar je beheerst je.

Je geeft de Riksja-man bij aankomst tien keer de ritprijs.

Op je hotel kamer begin je te dansen.

Nu wel.

Je maakt een beroemd laatste loopje, de kleertjes gaan uit,

en toen deed zij het licht uit.

“In India vrij je voor het huwelijk in het donker”, lispelt ze.

Pech gehad, dus.

Iets te vroeg doe je weer het licht aan.

Ze zit voorovergebogen.

Met een hand graait ze in haar vagina.

Graaien, zoals de mensen bij Lingo in de ballenbak graaien.

Je vraagt:

Is er wat?

Ze zegt niets.

Haar hand komt boven.

De oogst.

Twee sliertjes.

Je denkt.

Een kapotje.

Je denkt.

Geen olie.

Je denkt.

Was niet echt wild.

Je denkt even niets.

Dus je vraagt.

“Heb je aids?”

“No.”

“Good.”

Je denkt.

“13, 14, 15.”

Of zoiets.

Je kijkt op je horloge.

De datum van aanschaf.

Je denkt.

Zal wel niet.

Dan zegt ze:

“I always wanted to have a white baby.”

Je denkt.

Boze geest, waarom ik?

Vol ongeloof kijk je haar aan.

Ze begint te huilen.

Je denkt.

Ze meent het.

Je wilt dat ze weg gaat.

Ze weigert.

Je begint te tellen.

Een.

Twee.

Bij drie, zegt ze, met je mee te willen naar Kashmir.

Je schreeuwt.

Eruit.

Je telt door.

Vier.

Bij vijf neemt ze de foetushouding aan.

Ze sluit haar ogen.

Bij een harde zes gaan ze weer open.

Ze kijkt je smekend aan.

Je wendt je hoofd af.

Je denkt.

Doortellen.

Bij zeven verlaat ze het bed.

Je denkt.

Mooie kont.

Bij acht trekt ze haar onderbroek aan.

Negen.

Bij tien, zegt ze, dat het buiten erg donker is.

Je zucht.

Je kleedt je aan.

Steekt een sigaret op,

en drijft haar naar haar hotel.

Je zegt niets.

Bij haar hotel krijg je ruzie.

Ze schreeuwt:

“Go fuck another girl.”

Je schreeuwt:

“It was lust, not love.”

Woest loop je terug.

Op je hotelkamer plof je languitgestrekt op bed.

Haar kussen en deken gooi je van je af.

Je gaat liggen.

Op jouw helft.

Je denkt.

Klotezooi.

Je zint op wraak.

Je denkt.

Morgen naar de apotheek voor de morningafterpil.

Je belt haar op, zegt dat je het jammer vindt van gisteren,

en je nodigt haar uit voor een kopje thee.

Vanuit je vuist, laat je het goedje in haar kopje vallen.

Ploep, ploep.

Een dubbele dosis.

Goed stampen en roeren, dus.

Je zet haar kopje voor haar neer.

Je denkt.

“Drink, my darling, drink.”

En ze drinkt.

Als ze het kopje leeg heeft, kijk je haar bezorgd aan.

Je zegt:

“You look tired.”

“No, I don’t.”

“Yes, you do.”

“I get you a taxi. And I’ll call you tonight.”

Maar als je wakker wordt, wil je maar één ding.

Weg.

Je neemt de trein Van Delhi naar Madras.

Dat is zoiets als lopen naar de maan, maar dan per spoor.

Dat bevalt wel.

Je denkt.

Verwekt in Delhi, geboren in Londen, en groots zal hij worden in Amsterdam.

Denk je.

Schrijver: jordy renes, 30-08-2002

jordy_renesathotmail.com


Geplaatst in de categorie: liefde

Deze inzending is 3960 keer bekeken

3/5 sterren met 72 stemmen.


Print   |   E-kaart   |  



Er zijn 3 reacties op deze inzending:

Naam:Evelyn
Datum:01-09-2002
Emailadres:nouseforevelynathotmail.com
Bericht:Haha fantastisch!:)



Naam:JackY
Datum:31-08-2002
Emailadres:jackyskissesathotmail.com
Bericht:Waanzinnig leuk...heb er erg om moeten lachen.
toppie !!!



Naam:charlotte
Datum:30-08-2002
Emailadres:kissandpeaceathotmail.com
Bericht: k wilde ff zeggen dat ik het mooi vind hoe je het verwoord heb.
k heb het met veel aandacht gelezen, k wou dat ik het kon!
ga zo door!




Geef je reactie op deze inzending:

Naam:       E-mail:  

Bericht:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)









vragen  |   links  |   zoek  |   contact  |   disclaimer  |   inhoud  |   rijmwoordenboek  |   gedichten.nl