start toeval vragen forum links zoek contact gastenboek inhoud

Categorieën:

actualiteit (107)
adel (1)
afscheid (4)
algemeen (19)
bedankt (3)
dieren (8)
discriminatie (9)
drank (7)
economie (12)
eenzaamheid (13)
emoties (18)
erotiek (2)
ex-liefde (2)
familie (8)
feest (6)
film (21)
filosofie (116)
fotografie (6)
geld (6)
geschiedenis (14)
geweld (4)
haiku (1)
heelal (22)
hobby (3)
humor (23)
huwelijk (1)
idool (1192)
individu (6)
internet (5)
jaargetijden (7)
kerstmis (8)
kinderen (20)
koningshuis (8)
kunst (41)
landschap (3)
lichaam (3)
liefde (35)
literatuur (500)
maatschappij (73)
mannen (2)
milieu (7)
misdaad (23)
moraal (19)
muziek (414)
natuur (20)
oorlog (17)
ouders (1)
overig (11)
overlijden (21)
partner (2)
pesten (5)
politiek (48)
psychologie (59)
rampen (8)
reizen (16)
religie (121)
schilderkunst (83)
school (5)
sinterklaas (4)
sms (1)
snelsonnet (1)
spijt (2)
sport (17)
taal (22)
tijd (26)
toneel (3)
vakantie (5)
verdriet (6)
verhuizen (1)
verkeer (6)
voedsel (3)
vrijheid (20)
vrouwen (11)
welzijn (15)
wereld (26)
werk (13)
wetenschap (25)
woede (4)
woonoord (5)
ziekte (32)

tabblad: beschouwingen

< vorige | alles | volgende >

beschouwing (nr. 3374):

De suïcide van jouw vrouw brak je voorgoed

(voor Horacio Quiroya (1878 - 1937))

Je bent geboren op 31 december 1878 in Salto, Uruguay. Je was het zesde kind en de tweede zoon van Prudenclo Quiroga en Pastora Forteza. Jullie vormden een middenklasfamilie. Jouw vader werkte als hoofd van het Argentijnse Vice-Consolaat. Op 14 maart 1879 werd jouw vader toevallig door een bij zichzelf dragend geweer gedood. Drie maanden later werd je in de parochiekerk in Salto gedoopt. Je zat op een school in Montevideo en je studeerde aan het Nationale College en tevens techniek aan het Polytechnisch Instituut in Montevideo. Al op jonge leeftijd was je dol op chemie, fotografie, literatuur, mechanica, fietsen en het landleven.

Je richtte de Salto fietsen Club op en je wist van Salto naar Paysandú te fieten, 120 kilometer afstand. In die tijd werkte je ook in een herstelwerkplaats voor machines en raakte je in de ban van filosofie, door de zoon van jouw baas. Op jouw 22-ste raakte je verliefd op de poëzie en ontdekte je het werk van de dichter/schrijver/hoogleraar/biograaf/theoloog/vertaler/vrijmetselaar Leopoldo Lugones Argüello (1874 - 1938), met wie je goed bevriend werd, net als met Edgar Allan Poe. Je experimenteerde in de stromingen romantiek, symbolisme en modernisme.

Tijdens het carnaval in 1898 ontmoette je jouw eerste geliefde Mary Esther Jurkovski. In 1899 richtte je het tijdschrift 'Revista de Salto' en pleegde jouw stiefvader zelfdoding door zichzelf dood te schieten, waar jij getuige van was. Met het erfenisgeld ging je vier maanden naar Parijs, maar dat werd een grote mislukking. Je keerde hongerig en ontmoedigd naar Uruguay terug. Samen met jouw vrienden Federico Ferrando, Alberto Brignole, Julio Jaureche, Fernández Saldaña, José Hasda en Asdrúbal Delgado richtte je een literair laboratorium voor experimenteel schrijven op. Jullie ontdekten nieuwe uitingsmanieren en modernistische doelstellingen.

In 1901 werd jouw debuutboek 'Los Arrecifes de Coral' gepubliceerd, maar dat werd zwaar overschaduwd door het overlijden van jouw broer Prudencio en jouw zus Pastora, beiden tyfusslachtoffers. Verder overleed jouw vriend Federico Ferrando in een duel met de recensent German Papini, die slecht over hem geschreven had. Al voor het duel doodde het wapen Federico per ongeluk door een schot in zijn mond. Jij zat vier dagen in de gevangenis, maar daarna werd je vrijgesproken. Je was diep bedroefd over de dood van jouw dierbare vriend. Je ging met jouw zus Maria in Buenos Aires wonen. Daar kwam jouw artistieke inborst tot volledige bloei. In maart 1903 werd je professor aan de Britse School van Buenos Aires.

Mary inspireerde jou tot de schrijfwerken 'Una estación de amor' (1912) en 'Las sacrificadas' (1920). Mary werd door jouw familie afgekeurd, omdat ze Joods was. Jij trouwde met Ana Maria Cires, met wie je in 1911 jullie dochter Ana Maria kreeg en in 1912 jullie zoon Dario. Jouw vrouw Ana Maria was zwaar depressief en ze slikte een fatale dosis kwik chloride, waardoor ze op 14 december 1915 overleed. Daarna verdronk jij in de meest duistere wanhoop. Je leefde samen met jouw kinderen in een vochtige en donkere kelder, maar desondanks wist je prima literatuur te leveren en van de opbrengst jouw dierbare kinderen terecht de nodige extra's te schenken.

In 1937 werd duidelijk dat je aan een ongeneeslijke vorm van prostaatkanker leed. Maria Elena kwam jou troosten. Je voelde dat jouw leven spoedig voorbij was. Op 19 februari 1937 kreeg je van jouw vriend Vincent Batistessa een glas cyanide, waardoor je snel overleed. Je werd 58 jaar en je bent op het terrein van de Casa del Teatro de la Sociedad Argentina de Escritores begraven.

Schrijver: Joanan Rutgers, 01-07-2018



Geplaatst in de categorie: idool

Deze inzending is 74 keer bekeken

3/5 sterren met 2 stemmen.



Er is 1 reactie op deze inzending:

Naam:Joanan Rutgers
Datum:01-07-2018
Bericht:7 is ruimschoots over de sloot, maar je hebt het zware geploeter van dit soort mini-biografieën niet echt begrepen. Een ander zal hier niet gauw aan beginnen. Toch ga ik als een manmoedige strijder voorwaarts en lever ik nog dat wat ik kan leveren. Een tweede gek als ik is misschien denkbaar, maar niet haalbaar. Dankzij mijn autistische en hoogbegaafde inslag weet ik deze rubriek vol te houden. Enjoy it of smijt mij akelig jaloers op de brandstapel! (-)


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)